De Padloper is een periodiek van de
Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging
afdeling Groningen en verschijnt 4 x per jaar
Jaargang 20, 2006 nummer 1
BESTUUR
> Voorzitter & Secretaris ad interim
Wim Zolf, Paul Krugerstraat 14, 9671 AR Winschoten
0597 434834 e-mail rjj@hetnet.nl
> Penningmeester
Willem Stouthamer, Zoutstraat 17-3, 9712 TB Groningen 050 3143841
> Natuurhistorisch secretaris & excursiecommissie
Brenda Bolt, Schaepmanlaan 5, 9722 NP Groningen
050 5273227 e-mail ba.bolt@wanadoo.nl
> Bestuurslid
Dick Pegtel, Viaduktweg 15, 9751 HN Haren 050 4062114
WERKGROEPEN
Planten: Willem Stouthamer
Vogels: Erik Hoitink 050 5347844 en Gerard Strabbing 050 5346476
LEDENADMINISTRATIE
Harma Pama, Verkavelingsweg 3, 9321 VT Peize
PADLOPER
Redactie: Willem Stouthamer
Tekstcorrecties: Erna Kuiper
Kopie sluitingsdatum volgende nummer: 15 maart 2006
alle kopie, liefst onopgemaakt in Word en graag met een plaatje,
kunt u sturen naar:
Redactie Padloper, Zoutstraat 17-3, 9712 TB Groningen
of e-mail stouthamer.wj@inter.nl.net
Contributie 2006: lid € 24,50 huisgenootlid € 10,25 donateur € 7,50 per jaar
Opzeggen vóór 1 december van het lopende jaar
postgironummer 855.090
tnv. KNNV afd. Groningen, Zoutstraat 17-3, 9712 TB Groningen
Voorpagina: Polygala chamaebuxus “Grandiflora”
Inhoud
|
Van de redactie |
3 |
|
In memoriam |
5 |
|
Hoogveen |
6 |
|
Van de VogelWerkGroep |
10 |
|
Van de Plantenwerkgroep |
12 |
|
Excursieverslagen |
13 |
|
13 |
|
13 |
|
13 |
|
13 |
|
Afdelingskamp Kennemerduinen |
16 |
|
Excursieprogramma |
18 |
Van de redactie
Wij verwelkomen het nieuwe lid:
R.A. Visser (Paterswolde)
per 31 december 2005 hebben opgezegd:
Hans Inberg en Francien Karsten (beide wegens verhuizing),
Wiebe Postma en G. Noord
De Padloper is een beetje laat.
Eind vorig jaar was er nog maar weinig copy voor een nieuwe Padloper en we zijn alweer een eindje gevorderd in het nieuwe jaar. Het doet de redactie veel plezier u het eerste nummer van 2006 aan te bieden.
Veel lees genoegen en tot ziens op een of meer van onze excursies.
Op het aanbod van Dick Pegtel om te botaniseren in Savognin (Graubünden, Zwitserland) in juli van dit jaar hebben te weinig mensen gereageerd, zodat het helaas geen doorgang kan vinden.
Tineke Kappen merkt op dat de datum van de aankondiging winterwandeling Ruiten Aa in de vorige Padloper een foutje bevat: 19 februari is op zondag (en niet op zaterdag).
In memoriam Hiddo Dolfien
Op 18 december 2005 overleed
Hiddo Dolfien
Hiddo werd 87 jaar.
Velen zullen de naam van Hiddo kennen uit de stukjes in de Padloper
onder de titel “Berichten uit Leek“.
Uit die stukjes bleek Hiddo's liefde voor de natuur en zijn nieuwsgierigheid om te weten hoe dingen in elkaar zitten.
De laatste jaren namen hij en zijn vrouw Martje niet meer deel aan excursies, maar de ouderen onder onze leden zullen hen herinneren als zeer actieve leden.
Afgelopen augustus waren Hiddo en Martje 60 jaar lid van de KNNV.
Een mijlpaal die slechts weinigen bereiken.
Wij wensen Martje en de rest van de familie veel sterkte.
Namens het bestuur,
Wim Zolf
Parnassia (uit Heukels´ Flora)
Hoogveen
Op de dag van Gronings Ontzet, zondag 28 augustus 2005 dus, fietste ik met mijn fietsclub in zuidoost Drenthe vanaf Weiteveen noordwaarts door het hoogveennatuurreservaat Bargerveen naar het Veenpark in Barger-compascuum. Deze tocht is onderdeel van onze verkenning van de contouren van Nederland. Vanzelfsprekend worden de jaarlijks terugkerende fietstochten zorgvuldig voorbereid. Aldus leren wij al fietsend ieder jaar weer een stukje van de geschiedenis van Nederland.
Het hoogveenreservaat Bargerveen is één van de weinige overgebleven hoogveengebieden in Nederland. Dat wijkt sterk af van de oorspronkelijke situatie: drieduizend jaar geleden was Nederland voor meer dan de helft met hoogveen bedekt. Eeuwenlang waren de veenmoerassen haast ontoegankelijk.
Na de vroege kleinschalige randveenontginningen kwam in de negentiende eeuw grootschalige en systematische verveningen op gang. De haaks op elkaar gesitueerde kanalen, wijken en sloten werden tot op het onderliggende voedselarme glaciale dekzand (Weichsel ijstijd) uitgegraven om het veen te ontwateren, de turf - en later landbouwproducten - af te voeren en stadscompost (drek) aan te voeren. Vooral door Hollanders gefinancierde compagnieën waren actief bij het planmatig ontginnen van de noordoost-Nederlandse hoogvenen.
De achtergebleven zandgrond bleek na enkele cultuurmaatregelen geschikt te zijn voor akkerbouw. Dit landgebruik werd vooral verzorgd door van elders aangetrokken kolonisten. Bij de afvening van het ontwaterde hoogveenprofiel werd de ca 40 cm dikke bovenste of bolsterlaag opzij gezet. Dit witveen had geen waarde als brandstof. Het werd nadat het veenprofiel was afgegraven teruggebracht op het onderliggende dekzand en doorgeploegd. Daarna werd bekalkt en bemest met in het begin stadscompost (drek). Later werd met kunstmest gewerkt. Deze aangemaakte dalgronden zijn vooral geschikt voor de teelt van (fabrieks)aardappelen. Aldus veranderde het onmetelijke hoogveenlandschap onherkenbaar in wat wij nu de Veenkoloniën noemen met het kunstmatig stelsel van kanalen en watergangen.
Het Bargerveen is onderverdeeld in het noordelijke Meerstalblok, het in het midden gelegen Amsterdamse Veld en het zuidelijke Schoonebeker Veld. Deze 3 deelgebieden zijn alle in min of meerdere mate aangetast. De veenwinning in het Amsterdamse Veld ging het langst door en eindigde pas in 1992. Het Bargerveen wordt beheerd door het Staatsbosbeheer. Door allerlei beheersmaatregelen wordt geprobeerd het hoogveen weer te laten groeien. Vooral wordt veel aandacht geschonken aan de waterhuishouding. Immers, hoogveenvorming door de groei van veenmossoorten wordt in zeer belangrijke mate bepaald door de hoeveelheid neerslag bij een gemiddelde jaartemperatuur van 11o C. Of al die maatregelen het gewenste resultaat zullen hebben, moet nog blijken. Misschien wordt het gemiddeld wel te warm door het versterkt broeikaseffect. Aan regen is er geen gebrek.

Het door voornamelijk vrijwilligers geleide Veenpark bevindt zich in Bargercompascuum. Dat kan er op wijzen dat dit dorpje zich op de flanken van het veenriviertje de Runde bevindt. Immers, compascuum betekent gemeenschappelijke weidegrond. Deze grasachtige weidegrond was vruchtbaarder dan het aangrenzende hoogveen. Dergelijke weidegronden werden intensief benut.
De entree van het park voor 10 € is omvangrijk maar ziet er wat haveloos uit. Bij toeval ontdekte ik een uitgebreide tentoonstelling met vitrines en open onderdelen van de wijze waarop veen ontstaat, welke bewoners in het hoogveen voorkomen en hoe de mens in de loop van eeuwen het hoogveen heeft benut. Aan de tentoonstelling wordt blijkbaar niet veel aandacht geschonken: diverse lampen brandden niet…
In het nagebouwde plaggenhuttendorpje 't Aole Compas' wordt een treurig stemmende sfeerimpressie gegeven van de wijze waarop de hardwerkende en weinig verdienende, arme veenarbeiders in Drenthe rond 1900 woonden. De zeer schamele hutten bevonden zich in een karakteristiek open landschap. Dat stemt niet overeen met de huidige situatie in het park omdat er omvangrijke bosopslag plaatsvindt. Het regelmatig kappen van zomereiken en berken zou tot de jaarlijks terugkerende onderhoudswerkzaamheden dienen te behoren. Ook de Zwarte elzen langs de waterpartijen mogen niet aan de zaag ontsnappen.
Over het terrein van het Veenpark rijden twee smalspoor treintjes rond. De dorpstrein wordt getrokken door een stoomlocomotiefje die vanzelfsprekend met turven wordt gestookt. Met een door een diesellokje getrokken industrieel veentreintje kan een restant ontwaterd hoogveen worden bezocht. Een turfsteker laat zien hoe het turfsteken toegaat en welke apparaten werden benut. Indrukwekkend is een grote met turfgestookte locomobiel die een zwartveenpersapparaat aandrijft. Een beul met hakmes zorgt voor turfjes op maat die vervolgens in kleine stapeltjes worden gedroogd. Vele van de vroeger gebruikte apparaten lijken bijna niet meer te restaureren. Karakteristieke veenplanten kon ik in een halve dag niet ontdekken. Ik vond ze wèl in een vergelijkbaar museum vlak over de grens.
Op dinsdag 30 augustus verkenden we aan de andere kant van de Duitse grens het onbekende Emsland Moormuseum in Geeste langs de weg van Twiste naar Groß Hesepe. Ook dit voor ons nieuwe museum geeft een beeld van het verleden van de veenwinning. De grote tentoonstellings-ruimte bleek ontoegankelijk te zijn vanwege herinrichtings- en restauratie-werkzaamheden. Ook bij dit museum werken voornamelijk vrijwilligers. De kosten zijn gering: 1,5 € p.p. Overdekt zijn twee fraai gerestaureerde locomobielen. Er is ook een smalspoortreintje in bedrijf. Het leuke van dit museum is dat tussen de roestende collectie veenwerktuigen nog hoogveenplanten zoals Rondbladige en Smalle zonnedauw, Witte en Bruine snavelbies, Dopheide, Struikheide, Veenpluis voorkomen.
Dit museum bevindt zich in het omvangrijke Hesepermoor-gebied. Dit gebied wordt pas sinds 1953 ontgonnen door zg Vertriebenen uit het voormalige Oost-Duitsland. Voor de huisvesting werden karakteristieke huizen in zg Siedlungen gebouwd. Nadien zijn ze gemoderniseerd zodat oorspronkelijke boerderijen nauwelijks nog zijn te vinden.
Opmerkelijk is dat er nog steeds ontwaterd hoogveen wordt afgeveend. Het veen wordt door met kleine diesellocs getrokken wagons over het oorspronkelijke smalspoor vervoerd naar een nog in bedrijf zijnde turfstrooiselfabriek (Heseper Torfwerk).
Tegenover het Moormuseum bevindt zich een kwekerij van Trosveenbes, Blauwe bes of 'Heidelbeer' (Vaccinium corymbosum). De bessen van deze uit de Verenigde Staten ingevoerde, tot 4 m hoge struiken smaken uitstekend. In vergelijking met de bessen van de Blauwe bosbes (Vaccinium myrtillus) zijn die van de Trosveenbes rijker aan calcium, magnesium, ijzer en de vitaminen A, B1 en B2. In Nederland is deze teelt langs vennen nooit aangeslagen.
De Landkreis Emsland, het graafschap Bentheim en tot 10 jaar geleden ook de provincie Drenthe ontwikkelden zich tot een belangrijk Europees aardolie- en aardgaswinningsgebied. Deze belangrijke ontwikkeling vanaf 1938 wordt in het 'Aardolie- en Aardgasmuseum Twist' gedocumenteerd. Dit in Twist aanwezige museum schenkt ook aandacht aan de winning van een derde bodemschat: ijzererts (ijzeroer).
Er zijn plannen om nabij het Nederlandse Schoonebeek weer zware aardolie te gaan oppompen. Het Duitse agrarische landschap ten zuiden van het van oost naar west stromende, gekanaliseerde Schoonebeker diep is nog steeds rijk gestoffeerd met traag knikkende, groengeschilderde ja-knikkers. De op grote schaal geteelde fabrieksaardappelen worden in Emlichheim verwerkt tot aardappelmeel en daarvan afgeleide derivaten.
Dick M. Pegtel

Van de VogelWerkGroep
Jaarverslag 2005 en het nieuwe programma
De vogelwerkgroep had in 2005 gekozen om in de winter wat dicht bij huis te blijven en in de zomer uit te vliegen naar verdere oorden.
In de eerste twee maanden waren we bij de Drentse Aa. Maart en april in een nieuw gebied het Beyumer Bos, vervolgens in mei naar de Eemshaven, qua soorten altijd een topper.
In juni naar het mooie Westerwolde met na afloop evalueren met tal van lekkernijen op het terras van de leuke theeschenkerij in Smeerling.
Juli is overgeslagen in verband met de vakanties.
In augustus naar de Lauwersmeer. De geplande excursie in september naar Schiermonnikoog ging niet door vanwege te weinig deelname.
In oktober terug naar een oude stek, te weten het gebied de Tjamme bij Beerta.
De laatste twee maanden van het jaar waren we weer dicht bij huis in het gebied Friezenveen.
Ook hier altijd een leuke afsluiting in de sfeervolle herberg van Harry Dubois. De kroketten vallen er hier altijd goed in.
In december vorig jaar de vogelwerkgroep op de bekende bonte avond in het Loughoes in Eelde het nieuwe programma 2006 vastgesteld.
Een programma met naast de klassiekers ook een aantal nieuwe gebieden.
Zaterdag 14 jan. Kniphorstbos/De Strubben bij Anloo
Zaterdag 11 feb. Kniphorstbos/De Strubben bij Anloo
Zaterdag 11 mrt. Hoeksmeer/Ekenstein/Breebaart (start in Stedum)
Zaterdag 8 apr. Bergboezem Lettelbert bij Leekstermeer
Zaterdag 13 mei Eemshaven
Zaterdag 10 juni Lauwersmeer (start bij de camping)
Zaterdag 8 juli Bargerveen bij Klazienaveen
Zondag 10 sept. Schiermonnikoog (fiets/wandelexcursie)
Zaterdag 14 okt. Lauwersmeer (wandelroute in het Friese deel)
Zaterdag 11 nov. Drentse Aa
Zaterdag 9 dec. Friezenveen
In de regel zijn de excursies op de 2e zaterdagochtend in de maand.
Start om 9.00 uur en we eindigen zo rond het middaguur, zo mogelijk in een uitspanning voor de evaluatie. In de maand september is gekozen voor de zondag de 10e in verband met het gegeven dat mensen dan de late middagboot van 16.30 vanaf Schiermonnikoog kunnen pakken voor de terugtocht.
Nieuwe deelnemers zijn van harte welkom.
Het aantal leden van de werkgroep schommelt zo rond de 18.
Contactpersonen: Erik Hoiting 050-5347844 en Gerard Strabbing 050-5346476
Van de PlantenWerkGroep
Jaarverslag 2005 en het nieuwe programma
Voor Floron hebben we 7 kilometerhokken geïnventariseerd in het gebied even ten zuiden en oosten van Winsum. Deze hokken in het Reitdiepdal op Groninger klei leverden gemiddeld 155 verschillende soorten op.
Voor de WFD (florameetnet Drenthe) zijn we actief geweest in de kop van Drenthe; daar hebben we maar liefst 13 km-hokken intensief onderzocht. Behalve de soorten hebben we ook onze looproute iedere keer vrij nauwgezet opgetekend, opdat na een aantal jaren bij een herhaling kan worden vastgesteld waar de soorten te vinden kunnen worden. Het gemiddeld aantal soorten is op het zand in de kop van Drente stuk hoger n.l. 241.
En tenslotte hebben we voor NatuurMonumenten geselecteerde soorten in een stuk van de Peizermaden gekarteerd. Op 3 october vorig jaar zijn de resultaten overhandigd aan Jacob de Bruin van NM.
Tijdens onze ijverige inspanningen werden enkele door een zeer boze boer gesommeerd zich onmiddellijk uit een perceel te verwijderen. Indien het project voor NM wordt voortgezet, hopen we hiermee niet opnieuw geconfronteerd te worden.
Ons jaarlijkse uitstapje dit keer naar de Pannerdense kop (een paar weken vroeger dan stond aangekondigd) leverde toch weer een paar nieuwe soorten op: een manshoge Peperkers, een afgevreten Weidekervel en Brede Wolfsmelk (determinatie vd laatste soort door Gerard Dirkse, Nijmegen).
Programma 2006
Zeer waarschijnlijk gaan we dit jaar verder met de activiteiten in Groningen (Floron), Drenthe voor WFD en Natuurmonumenten.
Tijdens het inventariseren valt er veel te leren van elkaar en is er toch ook tijd om samen van de natuur te genieten en na afloop elke inventarisatie bijna altijd een evaluatie in een gepast onderkomen zoals een café.
Vanaf begin april tot september komen we elke donderdagavond (behalve Hemelvaart) samen om half zeven en gaan dan het veld in tot de duisternis ons dwingt er mee op te houden. Voor de precieze verzamelplek graag even contact opnemen.
Willem Stouthamer (coördinator)
Afdelingskamp Nationaal Park Zuid-Kennemerland
18 - 21 mei 2006
Het themanummer van Natura over Zuid-Kennemerland (2005.5) laat zich vooral lezen als een uitnodiging om dit gebied van blonde duinen, zingende Paapjes en bloeiend Hondskruid eens te gaan verkennen. Voor een dagexcursie uit Groningen te ver maar voor ons afdelingskamp 2006 een excellente locatie. In de voetsporen van fameuze kenners als Heimans en Thijsse biedt de excursiecommissie gelegenheid om in enkele dagen het gebied van noord naar zuid te doorkruisen. We hopen daarbij gebruik te kunnen maken van lokale excursieleiders.
Periode:
18 tot 21 mei 2006
Plaats:
Camping “Schoonenberg”, www.campingschoonenberg.nl in Velsen-Zuid. Een rustig terrein waar je kampeert onder het lover van grote bomen.
Het is een natuurkampeerterrein, dus denk aan het kampeerpaspoort (verkrijgbaar bij de ANWB, een jaar geldig en prijs 2005 € 9,- ).
Prijzen 2005: € 3,95 pp per nacht en € 3,10 per standplaats per nacht
De excursiecommissie reserveert het kampeerterrein.
Voor leden die graag meegaan maar niet willen of kunnen kamperen is er gelegenheid om via de de VVV Kennemerland een pension of hotel in de buurt te regelen. Telefoon: 0900 616100 en www.vvvzk.nl
Programma:
18 mei aankomst, indien gewenst een middagexcursie
19 en 20 mei: twee dagexcursies, start 9.00 uur bij de poort van Camping Schonenberg
21 mei: ochtendexcursie, 9.00 - 12.00 uur, eveneens startend vanaf Camping Schoonenberg.
De invulling van de excursies zal in de volgende Padloper bekend gemaakt worden.
Aantal deelnemers: 20
Opgave:
i.v.m. reservering kampeerplaatsen voor 15 februari 2006 en op volgorde van binnenkomst. Uitsluitend schriftelijke opgave (per brief of per mail) bij de voorzitter van de excursiecommissie (Brenda Bolt). Vermeld a.u.b. bij opgave duidelijk naam, wel of niet kamperend en als gekampeerd wordt ook waarmee u kampeert (grote of kleine tent, camper, caravan) in verband met de te reserveren ruimte.
Cursus “Biologische diversiteit in en langs het water”
Water neemt in ons hele leven een zeer belangrijke plaats in. We drijven als embryo beschermd in een soort aquarium, we bestaan voor ruim de helft uit water en we genieten 's zomers in, op en aan het water.
Nederland, een Noordelijk delta van de drie grote rivieren Rijn, Maas en Schelde, ligt aan de rand van het Noordzeebekken. Als gevolg daarvan is ons mooie land rijk voorzien van allerlei typen wateren. Vanuit de lucht valt die enorme verscheidenheid direct op. Rivieren, grote meren, beekjes, stroeten, vennen (dobben, pingo's). Door ontginning van in historische tijden verlande wateren zoals laag- en hoogvenen zijn kunstmatige wateren zoals kanalen, weteringen, petgaten, veenplassen, wijken, sloten, greppels enz. ontstaan. Voor bouwactiviteiten ontstonden vooral in het grote rivierengebied grind-, klei- en zandgaten. Kanalen (trekvaarten) en wijken zijn voornamelijk aangelegd als transportweg. Die functie verviel na de introductie van de stoomlocomotief (een Engelse vinding) halverwege de 19e eeuw. Nu zijn ze van belang voor de waterpeilbeheersing.
Bijna ieder kind is wel eens met een schepnet op pad geweest en heeft zich verbaasd over de vangst van plantjes en beestjes aan de rand van sloten of meren. Prachtig zoveel gekrioel in het net. In het voorjaar was het niet ongewoon om salamanders, kikkervisjes of Tiendoornige stekeltjes te vangen. Bloedzuigers, Geelgerande waterkevers en de larven van libellen vonden we maar griezels. Voor de zoetwatervissen in het tropische aquarium werden geregeld grote aantallen watervlooien in heldere grachten met veel bladeren gevangen. Even roeren en het stonk naar rotte eieren. Het viel op dat het water in greppels en sloten onder een gesloten kroosdek altijd helder waren. In ondiepe sloten paaien in het voorjaar grote karpers. De rijkdom aan onderwater- en oevernatuur is in Nederland bijna spreekwoordelijk. De kwaliteit neemt sinds de helft van de 70-er geleidelijk aan weer toe.
De bedoeling van deze cursus is o.a. om de organismen die in en langs vijvers, sloten, beken, meren en rivieren kunnen worden gevonden op naam te brengen. Met name wordt in het algemene deel van de cursus in grote lijnen verteld welke ecologische processen een rol spelen in het grensgebied van water en land. Daarbij zullen aan omgevingsfactoren zoals voedselrijkdom van het (stromende) oppervlakte- en grondwater, de kwaliteit van de bodem, erosie, slib- en zand- en grindafzetting, waterdiepte, overstromingsduur, temperatuur, seizoen- en jaarverschillen enz. aandacht besteed worden. De cursus wordt mede geïllustreerd door excursies naar markante voorbeelden van typen wateren die in de cursus aandacht krijgen.
De cursus wordt waarschijnlijk op drie dinsdagavonden gehouden in Haren in de periode maart april. De excursies worden gehouden in Noord Nederland. Docent is Dick Pegtel, die jarenlang docent plantenecologie is geweest op de RUG bij Biologie. Voor de cursus wordt een kleine vergoeding gevraagd i.v.m. onder andere de zaalhuur.
Graag tijdig opgave bij Dick Pegtel (dmpegtel@tiscali.nl of 050 4062114) of Brenda Bolt (ba.bolt@wanadoo.nl) en wel vóór 5 februari 2006
EXCURSIEVERSLAGEN
Paddenstoelenexcursie, 25 september 2005
Het is al enkele weken puik nazomerweer. En ook de komende dagen zullen mooi worden volgens Piet Paulusma. Tijd dus om een tochtje naar het strand te plannen. Of om toch voor de winter die kozijnen nog maar even te verven. Maar niet het juiste tijdstip om een paddenstoelenexcursie te houden.
Er hebben zich dan ook weinig mensen aangemeld voor deze excursie (en sommigen hebben zelf al geconstateerd, dat het direct geen paddenstoelen-weer zal worden en melden zich schielijk weer af).
Met de overgebleven 3 optimisten overleg ik wat te doen: de excursie afgelasten; er een soort algemene natuurwandeling van te maken of om naar een moeilijk doordringbaar sparrenbosje in de buurt van Kolham te gaan, waar aan het begin van de week in ieder geval nog paddenstoelen stonden. En wat ik natuurlijk al had kunnen voorspellen, deze gedreven natuurliefhebbers kozen voor het laatste.
En zo gaan we ons vijven (Inge Somhorst, de ontdekker van dit bijzondere en paddenstoelenrijke bosje is bereid ons naar de goede plekken te leiden) via een graspad naar het kerstbomenbos. Zij vond daar in november 2003 de uitgestorven gewaande Amandelslijmkop (Hygrophorus agathosmus).
Kruipend verschaffen we ons toegang tot de sparrenplantage en als onze ogen gewend zijn aan het gedempte licht ontwaren we (een bij dit weer niet vermoede) sfeer van schimmeligheid. Er liggen paddenstoelen in allerlei stadia van ontbinding en om de voet van veel sparrenstammen zit een ringvormige schimmelkorst die soms ook uitwaaiert over het naburig naaldenstrooisel. Dit moet de Harige vlieszwam zijn, bekend van dit soort sparrenbosjes.
Als we een klein beetje verder in het bos doordringen zien we rond de sparrenstammen heksenkringen van kaneelbruine en roodbruine paddestoelen (de Kaneelkleurige gordijnzwam en de Geelplaatgordijnzwam) en soms staan er op het naaldenstrooisel grote groepen kleine witte paddenstoeltjes bij elkaar (de Sneeuwwitte mycena). Verder staan op het naaldenstrooisel Sparrenstinktaailingen (de haardunne steeltjes ruiken - vooral als je er even aan wrijft- naar rotte kool). Ook staan er enkele mycenasoorten (waarvan de hoedjes soms zelf weer bepruikt zijn met een grote bos kleine knopschimmels op lange steeltjes, zie afb. hiernaast)
We dienen ons veelal in gebogen houding door dit bos te begeven en ik vind het dan ook prettig dat we op een pad komen, zodat ik weer even rechtop kan lopen. Er wordt hier kennelijk zelfs paard gereden, want we zien een hoop paardenvijgen met daarop zowaar een prachtige paddenstoel, een vlekplaat. Deze groep paddenstoelen heeft grauwe plaatjes, die door de onregelmatige sporenrijping pleksgewijze zwart worden. Het lijkt me een Franjevlekplaat, maar er bestaat ook een wat zeldzamere soort die hierop lijkt nl. de Paardenmestvlekplaat. Wil ik er achter komen welke soort het echt is dan moet de vlekplaat mee, maar zulk een schoonheid op een keutel verdient het niet om geplukt te worden vind ik en dus laten we hem/haar (ik heb de neiging om deze mooie paddenstoel haar te noemen) staan.
Via het pad komen we bij een populierenplantage met verderop wat andere loofbomen.
Lekker om weer even de zon te zien. Voor paddenstoelen moet je hier echter niet wezen. Populierenbossen zijn doorgaans al niet rijk aan paddenstoelen, maar door het droge warme weer staat er nu bijna helemaal niets. Alleen op hout vinden we enkele soorten. Zo zien we op een stronk een op een Elfenbankje lijkende groep schelpvormige hoeden. De kleur van de bovenkant is echter nogal afwijkend (beige met rozebruin) Ik doe voor zekerheid wat hoedjes in een doosje (na een uitgebreide bestudering later thuis, blijkt het toch - weer - het Gewoon elfenbankje te zijn).
We gaan weer de bosjes in en vinden nog het een en ander (zie verzamellijst). Ook soorten die niemand van ons op naam kan brengen.
Na enkele uren zoeken we het graspad weer op om terug te gaan. We komen nog langs een plek waar Zandblauwtjes en Blauwe knoop groeien. Ook zien we veel Gewone ereprijs, waarvan de twee hoogste blaadjes en de eindknop zijn opgezwollen tot een zilverkleurig behaarde beursvormige gal (thuis vind ik in de Moussaultgidsjes Ongewervelde dieren in het veld en Ongewervelde dieren in bos en veld, resp. bij nr. 602 en nr. 686 info hierover.)
Als we terug zijn bij het beginpunt, gaan we nog even in het gras zitten. Terwijl Jan Gerard ons wijst op voorbij vliegende libellen bekijken Inge en ik de verzamelde paddo's. Vooral een gordijnzwam heeft onze bijzondere aandacht. Deze soort heeft Inge hier nog nooit eerder gezien en met allerlei boeken erbij proberen we uit te vinden welke soort het is, maar we komen er niet uit (twee specialisten hebben later ieder een exemplaar van ons gekregen, maar ook zij kwamen niet tot een eenduidige determinatie).
Ook al heb ik sparrennaalden tot in de onderbroek, ik keer voldaan huiswaarts (en te oordelen naar de tevreden geluiden van de andere deelnemers denk ik dat we een mooie paddenstoelenexcursie hebben meegemaakt, waarbij kennis kon worden gemaakt met een stuk of wat niet zo gangbare soorten.
Agaricus silvicola (Slanke anijschampignon)
Amphinema byssoides (Harige vlieszwam
Boletus edulis (Eekhoorntjesbrood)
Bovista nigrescens (Zwartwordende bovist)
Calocybe obscurissima (Donkere pronkridder)
Calvatia excipuliformis (Plooivoetstuifzwam)
Chalciporus piperatus (Peperboleet)
Colybia dryophila (Eikebladzwammetje)
Cortinarius cinnamomeus (Kaneelkleurige gordijnzwam)
Cortinarius croceus (Geelplaatgordijnzwam)
Cortinarius miraculosus (Roodvezelgordijnzwam)
Cortinarius obtusus (Jodoformgordijnzwam)
Cortinarius palaceus (Pelagoniumgordijnzwam)
Cortinarius privignus (Vale gordelsteelgordijnzwam)
Cortinarius rapaceus of C. balteatoalbus var.arenisilvae
Cystoderma jasonis (Oranjebruine korrelhoed)
Entoloma turbidum (Zilversteel satijnzwam)
Hebeloma mesophaeum (Tweekleurige vaalhoed)
Hemimycene lactea (Sneeuwwitte mycena)
Hypoxylon multiforme (Vergroeide kogelzwam)
Lycoperdon perlatum (Parelstuifzwam)
Micromphale perforans (Sparrestinktaailing)
Mycena citrinomarginata (Citroensnedemycena)
Mycena leptocephala (Stinkmycena)
Mycena pura (Elfenschermpje)
Paneolus spec. (Paardemest- of Franjevlekplaat)
Spinellus fusiger (Mycenaparasiet)
Trametes versicolor (Gewoon elfenbankje)
Kor Raangs
Over dit en andere bosjes met fijnsparren staat in het contactblad van de Nederlandse Mycologische Vereniging Coolia (Nr. 47(2)2004 blz. 56 t/m 64) een interessant achtergrondartikel.
Breebaartpolder, 6 november 2005
De Breebaartpolder dateert van 1979. Hij werd destijds aangelegd omdat men van plan was een kanaal te graven van de Punt van Reide naar de Westerwoldsche Aa. Bezwaren van boeren, milieu- en natuurorganisaties zorgden er voor dat e.e.a. niet doorging. De sluizen waren al gebouwd en die sporen zijn nog goed te zien in het landschap.
In 1991 kocht het Groninger Landschap deze polder om als natuurgebied in te richten. De polder ligt aan de westkant van de Dollard.
Een duiker in de waddendijk en een vispassage in de “zoetwaterdijk“ maakten dat er een brakwatermilieu ontstond.
De kweldervegetatie verscheen al snel en de daarbij behorende vogels zoals de Kluut ook. De vispassage doet zijn werk uitstekend want zo'n 24 vissoorten zijn al geteld hetzij zoet- hetzij zoutwatersoorten.
De excursie startte met een wandeling over de dijk aan de noordzijde van het gebied. Door het heldere weer kon goed worden waargenomen. Zo zagen we in het sluizencomplex Zilverplevier, Steenloper, Brandgans en Bonte Kraai. Deze laatste soort wordt meer en meer een zeldzaamheid, maar gedurende deze excursie waren ze ruim aanwezig.
Het uitzicht over de Punt van Reide was prachtig. Een Slechtvalk die een klein uitstapje maakte zorgde voor de nodige paniek onder de Grauwe ganzen.
Na de bocht genomen te hebben kwamen we op de waddendijk die noord-zuid loopt langs de polder. Binnendijks konden we hier genieten van de vele vogels in de polder zoals Wintertalingen, Kluten, veel Smienten, Watersnippen en Zwarte ruiters.
Een Zwarte ruiter liet zich prachtig bewonderen op 25 meter afstand in helder zonlicht. Een plaatje.
Besloten werd naar de vogelkijkhut aan de andere kant van de polder te wandelen. Tijdens die wandeling hoorden/zagen enkelen van ons Baardmannetjes.
Vanuit de hut konden alle eerder genoemde soorten op het gemak bewonderd worden en met de boekjes in de hand bekeken. Aan het lijstje konden nog enkele soorten worden toegevoegd zoals Graspieper, Goudplevier, Bonte strandloper, Tureluur, Kuifeend, Buizerd en Torenvalk. Ook een Bruine kiekendief liet zich fraai zien.
Een aantal liefhebbers wilde tot slot van deze excursie nog een bezoek brengen aan de Kiekkaste in Nieuw Statenzijl. Buiten het genieten van het prachtige landschap was er bij deze enige buitendijkse vogelkijkhut van Nederland, weinig te zien.
De 19 deelnemers hadden een geslaagd dagje achter de rug.
Wim Zolf
Mossenexcursie, 11 december 2005
Het ene bestuurslid belde het andere: “moeten we het wel door laten gaan, ik heb slechts van enkele mensen een opgave”
Excursieleider Ben van Zanten verwachtte bij de mogelijke vorst ook rijp. “Als er rijp is kan het beter niet doorgaan”.
Het ging toch door en om 10.00 uur waren er bij Paviljoen Appelbergen 19 belangstellenden voor het mossengebeuren.
Aangezien het voor mij de eerste keer was dat ik serieus naar mossen keek was ik al snel de draad kwijt. Gelukkig had een meer ervaren excursieganger, voor wat mossen betreft, mij verteld dat je veel plastic zakjes mee moest nemen en daar de verschillende mossen in stoppen. Zo zit ik nu thuis met een hoeveelheid zakjes met namen er op waarmee ik, gewapend met loupe en mossenboek kan kijken of alles klopt .
De excursie vorderde langzaam en zou deze dag een parcours afleggen van hooguit 500 meter. Met grote regelmaat kwamen deskundige excursiegangers hun kennis toetsen bij de superdeskundige excursieleider door een gevonden mosje aan hem aan te reiken.
Zo zag ik Klauwtjesmos, het meest voorkomende mos in ons land geloof ik, Groot laddermos, Gaffeltandmos, Dikkopmos en Klein en Groot rimpelmos.
In totaal passeerden zo'n 20 soorten de revue waarbij bij sommigen het kapsel viel te bewonderen; de bloeiwijze zou de leek zeggen.
Naast deze bladmossen werd ook een enkel levermos gevonden. Uit de discussie die ontstond begreep ik dat het levermos dat hardnekkig tussen de bestrating bij mij thuis zit Parapluutjesmos is en dat dit mos heel goed tegen luchtverontreiniging kan.
Ben van Zanten gaf deskundige uitleg. Zo weet ik nu dat mossen geen vaatstelsel hebben; slechts 1 of enkele cellenlagen “dik” zijn en dat, mits goed gedroogd enkele druppels water de mossen weer tot “leven” kunnen wekken.
Al met al een koude maar leerzame ochtend zoals ook bleek uit de enthousiaste reacties van de andere excursiegangers.
Wim Zolf
Parapluitjesmos (uit: KNNV veldgids Mossen)
Snertwandeling, 8 januari 2006
De traditionele Nieuwjaars snertwandeling verliep dit jaar in een zeer gezellige sfeer. De zon liet het wel afweten, het wolkendek was grijs en de temperatuur was om en bij de 3 graden Celsius, dus veel vogels lieten zich niet zien, maar des te meer KNNV'ers!
Met ongeveer 25 enthousiastelingen wandelden we vanaf herberg “de Fazant” in Oude Molen door het beek- en esdorpenlandschap van de Drentsche Aa: langs de meanderende beek met z´n schrale graslanden en over de zandpaden met aan weerszijden vooral loofbossen, waarin veel elzen, en akkers, waar nog enkele stobben van maïs stonden.
Op de terugweg door de Gasterse duinen (resterende zandruggen uit het Pleistoceen) naar de koffie en de snert. Onderweg werd nog gespeurd naar de hier vaak aanwezige Klapekster maar helaas.
Het was een mooie ontspannen wandeling en we hebben weer veel ervaringen uitgewisseld o.a. over de 88 pestvogels, die in Beijum te zien zouden zijn geweest. Onderweg hoorden en zagen we weinig vogels: Buizerds, Reigers, Kraaien, Staartmezen, Matkopmezen en Sijsjes.
Maar gelukkig waren er vanuit de herberg “de Fazant”, waar we 12.30 uur arriveerden, op het terras bij de strengen pinda´s wel 10 Koolmezen bij elkaar! Ook genoten Pimpelmezen, Merels en een enkele Ringmus van het aangeboden voer.
Wat is het fijn om andere enthousiaste natuurliefhebbers op deze excursies te ontmoeten. Niet voor niets groeit de KNNV nog steeds.
Tineke Kappen



KNNV LEDENWERFACTIE 2006
Net als vorig jaar is in samenwerking met de KNNV Uitgeverij een leden-werfactie opgezet door middel van een bon in de folder "NATUUR IN NEDERLAND".
Doordat de folder laat was, zat hij niet als gewoonlijk bij de laatste Natura van 2005, maar zal hij er pas bij nummer 1 van dit jaar bij worden gevoegd.
De actie loopt weer tot 1 april, tot die tijd ontvangen nieuwe leden een gratis boek. De keuze is tussen de Veldgids Libellen, Vogelkijkgids Nederland, Struinen langs de rivier of Winterslaap (een kinderboek dat binnenkort verschijnt).
EXCURSIEPROGRAMMA K.N.N.V. afdeling GRONINGEN
CONDITIES
Voor zover niet anders staat vermeld, beginnen alle excursies om 9.00 uur vanaf het Overwinningsplein in Groningen
Opgave bij Brenda Bolt 050 5273227 e-mail ba.bolt@wanadoo.nl of bij Willem StouthamerX 050 3143841 e-mail stouthamer.wj@inter.nl.net Opgave met vermelding wel of niet eigen vervoer (tenzij anders vermeld) graag minimaal drie dagen van te voren. Deelnemers ZONDER eigen vervoer moeten zich zo-wie-zo tijdig aanmelden. Indien u tijdens de excursie met iemand meerijdt, is het gebruikelijk dat aan de bestuurder een vergoeding wordt betaald voor de kosten die hij/zij maakt. Als richtlijn geldt een bedrag van
8 eurocent per km per passagier.
De excursiecommissie houdt zich het recht voor om bij te weinig opgave van deelnemers de excursie te annuleren. Leden, die zich aangemeld hebben, worden dan geïnformeerd
PROGRAMMA
4 februari CCFV Botanische dag oever- en watervegetaties
Op het programma staan voordrachten over praktische onderwerpen bijv. hoe je nu eigenlijk een watervegetatieontwikkeling in kaart kunt brengen (Roelf Pot), over het monitoren van oevers in Zuid-Holland (Dick Kerkhof), over onderzoek aan vennen (Gertie Arts), de verspreiding van zaden over water (Ger Boedeltje) en een pleidooi voor de onderbelichte habitat van beken door Erik van Dijk van de Bekenwerkgroep Nederland.
Er kan in de wandelgangen weer van alles bekeken worden, ook de inmiddels traditionele quiz (met een mooie prijs!) zal niet ontbreken.
Er zal weer een uitgebreide natuurboekenstal van W. Meijs aanwezig zijn; boekbestellingen het beste tevoren via info@meijsnatuurboeken.com
Plaats: Biologische landbouwschool Warmonderhof, Wisentweg 12 in Dronten. Zaal open om 10.30. Programma van 11.00 tot ca.15.30 uur. In de pauze's kunt u buiten rondkijken op het tuinbouwbedrijf, in de kassen, of een kijkje nemen bij de potstal. Het is mogelijk uw eigen lunchpakketje mee te nemen, maar u kunt ook kiezen voor een biologische lunch voor € 2,50 (of soep € 1,50) en heerlijke biologische sapjes.
KNNV-leden (graag ledenkaart meenemen) betalen € 3,- voor toegang plus 2 x koffie/thee/vruchtensap. Niet-KNNV'ers betalen € 5,-
Meer info Ina Marbus 0229 230419 of www.knnv.nl/ccfv
Zondag 5 februari Vogelen bij het Lauwersmeer
Om 8.10 uur vertrekken we vanaf het voormalige busstation aan de Bedumerweg om 8.30 uur onze excursieleider Dirk Blok op te pikken in Winsum tegenover het zwembad. Afhankelijk van weer en water bezoeken we mogelijk ook de Westpolder. Eten en drinken meenemen. Tegen het einde van de dag gaan we terug naar Groningen.
Zondag 19 februari Winterwandeling Ruiten Aa
Het moest volgens planning een Groninger wandeling worden, maar de wind kan gemeen koud zijn en wat doe je dan op de uitgestrekte weidsheid van het vlakke Groninger boeren klei-gebied? Westerwolde in de uiterste zuidoosthoek biedt uitkomst met haar bossen. Wel een beetje ver weg, maar het loont de moeite. Een kleinschalig landschap, vol afwisseling met oud cultuurland, met boerderijen omringd door oeroude eiken en veel 'nieuwe natuur'. Smalle weggetjes slingeren van dorp naar dorp. Hier stroomt de Ruiten Aa, die zijn oorspronkelijke kronkelende loop weer volgt, de heidevelden bij Ter Borg en de schrale graslanden van de Vennekampen. Dit alles maakt het wandelen daar extra aantrekkelijk. Leiding: Willem Stouthamer.
Vertrek: 9.00 uur vanaf de parkeerplaats van het voormalige IKEA-gebouw (achter het benzinestation). Lunch meenemen. Verwachte terugkomst 17.00 uur.
zaterdag 4 maart Dierensporen
Op zaterdag 4 maart wordt een regionale excursie gehouden naar dierensporen. Dit als vervolg op de geslaagde lezing over dierensporen door Annemarie Diepenbeek vorige winter in Haren.
De excursie wordt geleid door Harry Holstein.
De excursie start om 10.00 uur vanaf het NIVON huis in Noordlaren.
Er kunnen maximaal 20 leden van de regio noord van de KNNV mee. In het geval er veel meer aanmeldingen zijn dan plaatsen zal evt. een extra excursie worden georganiseerd. Aanmelden kan vanaf 1 februari bij Chris van Houdt (0597-541880 of verhoudt@hetnet.nl) . Vanaf 1 februari om alle afdelingen de gelegenheid te geven de excursie aan te kondigen via haar eigen afdelingsblad.
adres NIVON huis: Duinweg 6, 9479 TM Noordlaren.
Bereikbaarheid (http://www.nivon.nl/accommodaties/natuurvriendenhuizen/INDEX.ASP?AccommodatiesID=8) Openbaar Vervoer: Vanaf Groningen CS of busstation Emmen bus 59 naar de Kerkstraat in Noordlaren, dan 1,5 km lopen.
Eigen Vervoer: Vanaf Haren/Glimmen richting Noordlaren. In S-bocht voor dorp rechtsaf zandpad de Oorspong. Vanaf hier de kleine bordjes Hondsrug volgen. GPS RD 239.551 X 571.078
zaterdag 25 maart symposium Klimaatsverandering
De KNNV afdeling Drachten houdt in de Lawei te Drachten een themadag Klimaatsverandering. Verschillende sprekers voeren het woord over een onderwerp dat volop in de belangstelling staat.
De zaal is open 9.30 uur en het programma begint om 10.00 uur en wordt om ongeveer 16.00 uur afgesloten. Onderwerpen van de sprekers zijn o.a. Vogelpopulaties, Verschuivingen in de flora, Vlinders en het Klimaat historisch en toekomstig; entree € 7,50, niet leden € 10,00
zondag 26 maart Borgbloumkes-tocht
Stinzenplantenexcursie langs Groninger borgen en slingertuinen.
We beginnen om 10.00 uur bij de muziektempel met een 'opwarmer' in het Noorderplantsoen (denk om parkeermeter en zomertijd!). Kriskras gaan we met auto's door het Groninger land en doen verschillende borgen aan om zoveel mogelijk verschillende stinzenplanten te ontdekken. Behalve de vroege voorjaarsflora hebben we natuurlijk ook oog voor de parels van Groningen de borgen. En wellicht kunt u aan het van de excursie onderscheid maken tussen de verschillende soorten Sneeuwklokjes, Krokussen, Sneeuwroem, Hyacinten en/of Sterhyacint. Last but not least: het verschil tussen Holwortel en Vingerhelmbloem (voor wie dat nog niet weet)
Brood en drinken meenemen. Leiding: Willem Stouthamer. Graag tijdig opgave.
Jaarvergadering 2006
Noteert u alvast in uw agenda: dinsdag 28 maart 2006, Jaarvergadering KNNV afd. Groningen. Aanvang 19.30 uur in Gorechthuis te Haren.
Na de pauze zal Kees Boele een lezing verzorgen over zijn reis naar Australië.
zaterdag 8 april vogelexcursie Westerwolde
Op zaterdag 8 april vertrekken we om 9.00 uur vanaf de parkeerplaats bij de oude Ikea naar bossen van Westerwolde. We hebben daar mogelijk nog kans op trekvogels, maar hopen, lopend door de bossen, ook soorten te zien als Zwarte specht, Groene specht, Glanskopmees, Kruisbek en Patrijs. Welke gebieden we exact aan gaan doen wordt later bepaald.
Guido Meeuwissen leidt deze hele dag excursie.
Brood en drinken meenemen. Graag tijdig opgave.
zaterdag 29 april verkenningstocht Drentsche Aa
Op het Drents plateau tussen de boswachterijen Hooghalen (Zwiggelterveld) en Grollo ((Elper Noorderveld) liggen de maden Holmers en Halkenbroek, daar ontspringt een diepje dat negen keer van naam verandert voordat het tenslotte uitmondt in het Friesche Veen. Hoe zit dat?
Het kan niet anders of uw nieuwsgierigheid is gewekt. Opgave voor 25 april!!
Vertrektijd bijv. 9.00 uur Overw.plein.
Zaterdag 6 mei vogelexcursie Peizermaden
We vertrekken op de fiets om 9.00 uur vanaf het Overwinningsplein o.lv. Harry Westerhuis naar de Peizermaden.
Naast de vele soorten weidevogels, hebben we grote kans Roodborsttapuiten, Blauwborstjes, Sprinkhaanrietzangers en mogelijk Paapjes te zien.
Omstreeks 13.00 uur zijn we terug bij het Overwinningsplein.
18 - 21 mei Afdelingskamp Nationaal Park Zuid-Kennemerland
Zie elders in deze Padloper