

De
Padloper is een periodiek van de
Koninklijke Nederlandse
Natuurhistorische Vereniging
afdeling Groningen en verschijnt 4 x per jaar
Jaargang 18,
2004 nummer 1
De
PADLOPER Nummer 4 2003
BESTUUR
> Voorzitter
& Secretaris ad interim
Wim Zolf, Paul
Krugerstraat 14, 9671 AR Winschoten
X 05xx
4xxx4 e-mail rjj_at_hetnet.nl
> Penningmeester
Wiebe Postma, Larixlaan xx
Roden
X 050 501xxx e-mail
wiebe.postma_at_hetnet.nl
> Natuurhistorisch
secretaris & excursiecommissie
Brenda Bolt,
Schxxxxx Groningen
X 050 52xxxx e-mail ba.bolt_at_wanadoo.nl
> Algemeen
bestuurs- & redactielid
Willem Stouthamer,
Zoutstraat Groningen X 050 314xxx
WERKGROEPEN
Planten: Willem
Stouthamer
Vogels: Erik Hoitink X 050
5347844 en Gerard Strabbing X 050
5346476
PADLOPER
Redactie: Willem
Stouthamer
Tekstcorrecties: Erna Kuiper
Kopie sluitingsdatum volgende nummer: 15 juni 2004
alle kopie liefst vastgelegd in Word kunt u sturen naar:
Redactie Padloper, Zoutstraat xxx TB Groningen
of e-mail stouthamer.wj_at_inter.nl.net
Contributie: lid € 23,50 D
huisgenootlid € 10,-- D donateur
€
7,50 per jaar
Opzeggen vóór 1 december van het lopende jaar.
postgironummer 855.090
KNNV afd. Groningen
tnv. Penningmeester KNNV, Larixlaan 12, 9301 NP Roden
Help mee! Laat de slakken niet
zakken . . . .
Doe mee met het atlasproject!
Alle gegevens over levend waargenomen weekdieren zijn welkom, iedereen kan mee
doen (www.anemoon.org/anm)
Stichting ANEMOON, postbus 29,
2120 AA Bennekom e-mail anemoon_at_cistrin.nl
Afbeelding voorkant bovenste rij de Witgerande tuinslak (Cepaea
hortensis) en de onderste rij de Gewone tuinslak (Cepaea nemoralis)
uit De landslakken van Nederland, KNNV uitgeverij nr. 37
Inhoud
|
Van
de redactie |
3 |
|
Van
de bestuurstafel |
4 |
|
Van de VogelWerkGroep |
|
|
· jaarverslag
2003 |
5 |
|
·
excursie Frieze Veen |
6 |
|
Van de PlantenWerkGroep |
|
|
·
jaarverslag 2003 |
8 |
|
Excursieverslagen |
|
|
·
Snertwandeling |
9 |
|
·
Ganzenexcursie Zuidwest
Friesland |
9 |
|
· Het
rauwe Groninger landschap |
12 |
|
· Winterse
Wierden Wandeling |
13 |
|
Vroege
inspectie |
14 |
|
Boekbespreking |
15 |
|
Excursieprogramma |
16 |
Van de redactie
Alstublieft U heeft een extra
vroege Padloper in handen nog voor de ledenvergadering. Ingesloten vindt u dan ook de uitnodiging
voor deze vergadering en de verantwoording van onze penningen 2003. We hopen op
een goede opkomst; een signaal voor de leefbaarheid van onze club!
In dit nummer kunt u lezen hoe
verschrikkelijk en mooi onze excursies waren. Het heeft zelfs geïnspireerd tot
een gedicht. Het excursieprogramma staat weer bol van de activiteiten. U kunt
zich verder gaan verdiepen in ervaring en kennis door weer mee te doen of aan
te sluiten bij de vogel- of plantenwerkgroep. Of wilt u zelf een werkgroep
oprichten om extra aandacht te geven aan een bepaalde groep dieren (zie
bijvoorbeeld de oproep voor de slakken in dit nummer). Heeft u ideeën en een
budget nodig? Richt u zich dan tot het bestuur.
Heeft u deze ‘winter’ veel meer
plezier beleefd aan de vogels om uw huis dankzij de Nationale
Wintervogeltelling? Niet vergeten de zoekkaart op te sturen!
Het bestuur heeft nog steeds
versterking nodig. Het is nog steeds naarstig op zoek naar een secretaris en
een penningmeester. Nu we in dit land een stapje terug moeten doen, zijn
verenigingen van belang en zeker de onze. Niet iedereen heeft het zo ruim om
individualistisch te opereren. Bovendien kan je van elkaar veel leren. Neem uw
verantwoordelijkheid en vervul een paar jaar een bestuurlijke functie.
We hopen u spoedig te zien op de
jaarvergadering en/of in het veld.
’t Wordt weer voorjaar!

Van
de bestuurstafel
Het archief van onze afdeling is
sedert enige tijd gedeeltelijk ondergebracht bij de Groninger Archieven. Het
gaat hier om het oudste deel van onze materialen d.w.z. de notulen van de
oprichtingsvergadering, foto’s van uitstapjes van bijna 100 jaar geleden enz
enz. Het recentere deel van het archief berust nog bij de secretaris.
Landelijk is er momenteel veel
belangstelling voor het volledig maken en houden van de archieven van de KNNV
en haar afdelingen.
Het bestuur zou vanaf deze
plaats iedereen willen vragen om eens te kijken of u nog oud materiaal in bezit
heeft. Wij denken niet alleen aan vergaderstukken maar ook aan oude foto’s van
(K)NNV-bijeenkomsten, kampen of excursies, oude folders,uitnodigingen,
krantenknipsels e.d. (foto’s hoeven niet te worden afgestaan, we zorgen zelf
voor een kopie). Mochten zaken geen betrekking hebben op de afdeling maar op de
landelijke KNNV dan zal de secretaris zorgen dat de spullen op de juiste plaats
komen.
Als u iets heeft belt of mailt u
dan een van de bestuursleden.
De afdeling mag zich de laatste
tijd verheugen in een ledengroei. Vanaf deze plaats heet het bestuur de nieuwe
leden hartelijk welkom.
Pia Duisterwinkel,
Groningen Mieke Smit, Haren
Marcel Wijnalda, -- Mw. J.T.
Attema, Midwolda
Mw. J.Y. Wiersma, -- H. Woldring, Nietap
Reindert Nijland, -- Mw. W. Schutte, Eelde
en hoopt dat zij spoedig aan de
afdelings – en/of landelijke activiteiten zullen deelnemen.
Het bestuur
"Reindert
Nijland weet erg veel van krabben, was daar onlangs mee op de televisie, en
heeft een eigen website: www.krabben.net
Leuk om eens te bezoeken"
Van
de VogelWerkGroep
Jaarverslag 2003
Bij het plannen van de
maandelijkse excursies van de vogelwerkgroep is het uitgangspunt om in de
herfst en de winter een gebied te kiezen dicht bij huis en in het voorjaar en
de zomer wat verder uit te vliegen.
Zo zag het programma 2003 er dan
ook uit.
In de eerste maanden van het
jaar stond het Noordlaarderbos op het programma. Tal van interessante
waarnemingen, bijvoorbeeld de Kruisbekken en een Groene specht.
In april de Breebaart Polder bij
Termunten met gidsen van het Groninger Landschap.
In mei de Eemshaven en juni het
Lauwersmeer.
Vervolgens nog een keer de
Breebaart Polder op een zeer hete augustusdag.
In september een fietsexcursie
op Schiermonnikoog.
In de herfst streek de werkgroep
weer dichter bij huis neer en wel het gebied de Drentse Aa bij Oudemolen. In
november een mooie waarneming van een klapekster.
De werkgroep bestaat uit
ongeveer 18 leden. De excursies zijn op de tweede zaterdag van de maand en de
start is om 9.00 uur.

Verslag excursie VogelWerkGroep
FRIESE VEEN, zaterdag 10 januari
Weer: droog, mistig, nagenoeg
geen wind, 7° C.
Aantal deelnemers 10: Albert
Jan, Date, Erik, Fons, Geert Jan, Giny, Jan N., Jan S., Jannie, Wim Z.
Vorige maand scheen de zon
uitbundig tijdens de excursie. Vandaag was het gebied gehuld in mist;
onheilspellend en sprookjesachtig tegelijk. We baanden ons een weg door het
gebied over de door de regen van de afgelopen weken nauwelijks begaanbare
paden.
Voor wat betreft de vogels
moesten we het voornamelijk hebben van het bos en het meer.
Al vrij snel hoorden we vanaf
grote afstand de roffel van de Kleine bonte specht. Vlak bij de schuilhut
kregen enkelen van ons de vogel ook even kort te zien. In de schuilhut zelf was
ook nu weer geen catering aanwezig. Op het meer zwommen vooral veel Smienten.
Twee Grote zaagbekken en (op de valreep) een vrouwtje Nonnetje waren hier de
krenten.
Een groepje baltsende Grote Canadese
ganzen (Branta canadensis) deden ons even wanen dat we ons aan de
overkant van de grote plas bevonden. Maar inmiddels begint de soort ook in
Nederland een algemene broedvogel te worden. Op de weilanden ten oosten van het
Friese Veen telden we meer dan 80 stuks.
Als gevolg van de mist was het niet mogelijk te controleren of de
Aalscholvers in de kolonie tegenover de schuilhut al op het nest zaten. Enkele
excursie-gangers meldden van elders in de omgeving al druk bezette kolonies van
Blauwe reiger en Roek. Ook de kolonie Zwarte kraaien voor het huis van Jan
Nuiver zal een roekenkolonie zijn, om de eenvoudige reden dat Zwarte kraaien
niet in kolonies broeden.
Uit: ANWB Vogelgids van Europa
(2000)
Tijdens vorige bezoeken aan het
gebied waren door sommigen van ons Reeën en IJsvogels gezien. Vandaag moesten
we het zonder IJsvogels stellen (volgens Geert Jan komt dat doordat de vogels
als gevolg van de warmte zijn gesmolten). Wel liet een Reebok zich langdurig
bekijken tijdens een springsessie door een zompig rietveld. Was deze Ree ook
verantwoordelijk voor de vermeende vraatsporen aan de stammen van enkele dode
bomen in het onder water gezette bos? Bij nader inzien bleek het om een soort
paddestoel te gaan.
Het zal vooral de mist zijn
geweest die er voor heeft gezorgd dat het aantal soorten in ons lijstje is
blijven steken op 31.
|
Aalscholver |
|
Blauwe reiger: 2 |
|
Boomkruiper |
|
Buizerd: 2 |
|
Fuut: 2 |
|
Goudvink: 2 |
|
Grauwe gans: 2 |
|
Grote Canadese gans: 80 |
|
Grote zaagbek: 2 |
|
Houtduif: 1 |
|
Keep: 2 |
|
Kleine bonte specht: 1 |
|
Knobbelzwaan: 5 (2 paar + 1 jong van vorig jaar) |
|
Kolgans: 15 overvliegend |
|
Koolmees |
|
Kuifeend |
|
Meerkoet |
|
Merel: 2 |
|
Nijlgans |
|
Nonnetje: 1 vrouwtje |
|
Pimpelmees |
|
Roodborst: 1 zingend |
|
Sijs |
|
Smient |
|
Tafeleend |
|
Vink: 5 |
|
Vlaamse gaai: 1 |
|
Wilde eend |
|
Winterkoning: 2 zingend |
|
Zilvermeeuw: 3 overvliegend |
|
Zwarte kraai |
|
|
|
Overige waarnemingen |
|
Ree: 1 bok |
|
Mol: meerdere verse molshopen |
Van de PlantenWerkGroep
Jaarverslag 2003
Inventarisaties
De plantenwerkgroep groeit en
bloeit gelukkig. We hebben daardoor meer km-hokken kunnen doen dan ooit in het
kader van het Witte Gebieden Plan van Floron. Deze hokken liggen voor 2003
voornamelijk rond Aduard en Bedum. In totaal zijn er 23 hokken gedaan met 3457
waarnemingen. Een gemiddelde van 150 soorten is zeer acceptabel voor een hok op
de klei. De gevonden Rode lijst soorten zijn Veldgerst, Goudhaver, Kamgras
(meerdere hokken), Veenreukgras en Donzige klit; allemaal grassen dus en een
‘alien’ uit oost Groningen.

Het kwetsbare Veenreukgras
(Hierochloe odorata) is opgenomen in de Rode Lijst 2000. Het gras komt
voor in moerassige weiden en in slootkanten. Het bloeit zeer vroeg, al in
april. Jac.P. Thijsse schrijft: “het heeft een mooie pluim met draadfijne
donkergekleurde zijtakken en daaraan hangen aan kronkelende steeltjes brede
haast klokvormige bloempakjes. Daardoor lijkt dit gras wel op het bekende
trilgras of Bevertjes”. Als je het tegenkomt: graag direct melden! De soort
verspreidt tijdens het verwelken, net als Lievevrouwebedstroo, Honingklaver en
de reukgrassen, een welriekende cumarine geur (enigszins vanille-achtig). De
Engelse naam is Holy Grass en de Duitse luidt Duftende Mariengras.
Tegen het einde van ons seizoen
hebben we tbv. het waterschap Noorder-zijlvest nog enige bruggen en sluizen
geïnspecteerd op het voorkomen van muurvegetatie.
De rapportage over Westerbroek
aan Natuurmonumenten tav. inventarisatie van alle plantensoorten en kartering
van enkele soorten, uitgevoerd in 2002, heeft inmiddels plaatsgevonden. En ook
het rapport van onze inventarisatie Paddepoelsterweg is inmiddels gereed.
Excursies
Direct begin april hebben we de
vroege voorjaarsoorten van het oerbos Hasbruch bewonderd. En in de late zomer
zijn we maar liefst twee keer op excursie geweest naar het grote rivierengebied
even ten noorden van Nijmegen. De eerste keer naar de Pannerdense Kop en op en
rond het ford als gast van de krakers. De tweede keer bezochten we, de
zoveelste keer in successie ter afsluiting van het inventarisatieseizoen, de
Millingerwaard.
Plannen 2004
In het laatste jaar van het
Witte Gebieden Plan staan er weer veel km-hokken even ten noorden van de stad
Groningen op het programma. We vervolgen het bruggen en sluizenproject. Verder
ligt er een voorstel klaar om mee te doen met het florameetnet vd Werkgroep
Florakartering Drenthe. Al met al een ambitieus programma waar wij weer een
hoop plezier aan gaan beleven samen.
Willem Stouthamer,
PWG-coördinator
EXCURSIEVERSLAGEN
De Snertwandeling, 11
januari
Het was een zondag met veel
regen. Twijfels of het wel door zou gaan. De ene keer is het met de
snertwandeling te glad, de andere keer te nat, zo is er altijd wat (mijn
dichtader werkt). Maar de beroemde Jac. P. Thijsse heeft al gezegd: ”het
buitenseizoen eindigt op 31 december en begint op 1 januari van het volgende
jaar”.
Zo kon het gebeuren dat op deze
regendag toch nog 12 KNNVers zich verzamelden in “De Fazant“ in Oude Molen. We
mochten er ons erelid Lan Luit en zijn vrouw Geertje begroeten. Na elkaar een
voorspoedig nieuwjaar gewenst te hebben en een goede kop koffie, werd besloten
toch een korte wandeling te maken.
Veel planten en dieren werden
niet waargenomen met dit weer, maar de landschappelijke doorkijkjes op de
Drentsche Aa vergoedden veel.
Na afloop werd in dezelfde
herberg nog snert gegeten en gezellig gebabbeld over allerlei natuur – en KNNV
- zaken. Hopelijk volgend jaar niet glad en niet nat.
Wim Zolf
Ganzen kijken in ZW
Friesland, zaterdag 24 januari
Deelnemers:
Peter Driessen, Jan
(excursieleider) en Marian Hulscher, Ine Nijmeijer, Willem Stouthamer, Jeane
Willemsen
De lichte
regen zal mede oorzaak geweest zijn dat om 7.35 uur niet meer dan zes
deelnemers naar ZW Friesland vertrokken om ganzen te zien. Hoewel ook dichter
bij huis, bijvoorbeeld in NO Friesland, veel ganzen voorkomen, was voor ZW
Friesland gekozen omdat dit de enige plek is waar met een redelijke kans Kleine
rietganzen kunnen worden waargenomen.
Kleine rietgans Uit: ANWB Vogelgids van Europa
De eerste stop was langs een
landweggetje bij IJlst. Hier waren we getuige van de ochtendtrek van Kolganzen
die op het water van de Witte en Zwarte Brekken onder Sneek hadden geslapen en
nu westwaarts vlogen om hun voedselgebieden op te zoeken. Het vele rondvliegen,
dalen en weer opstijgen deed ons beseffen dat het voor ganzen steeds een ingewikkelde zaak is om te beslissen
waar vandaag precies te gaan foerageren. Wie beslist wat? Hier valt nog veel te
onderzoeken. Nog onder IJlst zagen we onze eerste groep Kolganzen aan de grond.
In de kou (wat werd er wat afgebibberd) buiten de auto, achter de telescoop
zagen we het verschil tussen oude en jonge Kolganzen (jongen geen buikvlekken,
geen kol en verrassend, een zwarte nagel aan de snavel i.p.v. een vuilwitte, zoals
de oude vogels). Ook maakte ieder van ons zijn onafhankelijke schatting van het
aantal aanwezige ganzen: 500, 600, 950, 1000, 1200, 2000, een factor vier
tussen laagste en hoogste schatting. Conclusie: ganzentellen vraagt oefening.
In de vogelkijkhut aan de W. en Z. Brekken konden we met warme koffie weer op
verhaal komen. Niet meer dan enkele tientallen Bergeenden (bijzonder voor deze
tijd in het binnenland), enkele Koeten, Wilde Eenden, Smienten en
Kuifeenden lieten zich aan de grauwe
einder ontdekken. Vervolgens ging de tocht via Hommerts en Heeg naar Gaastmeer.
Bij Heeg zagen we de eerste vier Kleine rietganzen (Anser
brachyrhynchus), maar even voorbij Gaastmeer meer dan 100 samen met 550
Brandganzen. Onder de Kleine rietganzen was een geringd exemplaar met keelband
blauw 47 (in een groep van 43). Deze vogel was op 23 januari 2003 op dezelfde
plek gezien.
Nog even verder, aan de
westoever van het Zandmeer, een tapijt van ganzen, geschat op 3000 Kol- en
Brandganzen. Dit is een ganzengedooggebied, waar de vogels niet verjaagd worden
en mak zijn. Intussen was het droog geworden en brak de zon zelfs door. Opnieuw
konden we, nu bij een adulte Kolgans een nekband aflezen (zwart CPE). Terug
naar Oudega en over de karakteristieke Hemdijk (monument) langs Westhem naar
Blauwhuis, waar de chocolademelk met slagroom in café De Freonskip zich goed
liet smaken. Vervolgens langs Dedgum en Parrega naar Ferwoude, waar zich tussen
dit dorp en Gaast een tweede gedooggebied bevindt. Onderweg zuid van
Allingawier zagen we nog een groep van 109 Knobbelzwanen, en zoals overal
tientallen Stormmeeuwen, maar geen Kokmeeuwen. Bij Ferwoude/Gaast zag het zwart
van de ganzen, allemaal Brand- en Kolganzen. We schatten dichtbij een totaal
van minimaal 11000, maar in de wijdere omgeving zaten nog veel meer. Ook een
Wulp, twee Torenvalken en een Tureluur lieten zich zien. Vanaf de binnendijk
van de Workumerwaard zagen we nog een groep van 42 zwanen in de kletsnatte
bodem wroeten. Het merendeel was Kleine zwaan, maar er waren ook enkele
Knobbelzwanen bij.
Om vier uur werd de excursie
hier beëindigd. Met voldoening reden we terug naar Groningen, waar we langs de
A7 bij Tjalleberd en Marum respectievelijk nog 5 en 8 Reeën zagen. We kunnen op
een koude, maar leerzame dag terugzien.
Jan Hulscher

Het rauwe Groninger
landschap, 31 januari 2004
Kleiklonten als grijze botten
uit de aarde, donkere wolken razend langs het zwerk en regendruppels als gesels
slaand in de gezichten van negen kleine mensjes.
Terwijl inboorlingen verwonderd
door de ramen staarden voerde excursie-l(ij)eider Dirk Blok acht KNNV-ers langs
een met iets beter weer waarschijnlijk fantastisch mooie wandelroute door en
langs de Fivelboezem. Geïnspireerd door de onlangs verschenen Capitool
Wandelgids Nederland (zie de boekbespreking in deze Padloper) had de
excursiecommissie twee routes uitgekozen. Diep weggedoken in de warme stoelen
van Brenda's huiskamer was de commissie echter vergeten dat een winterwandeling
door het open Groninger klei landschap bij slecht weer kan ontaarden in een
ware helletocht. Terwijl de eerste wandeling (Westerkwartier) al bij het
Overwinningsplein afgeblazen was leek de tweede iets beter te beginnen. Gestaag
druppelde de regen bij het station Loppersum maar daarna zou het allengs erger
worden. De wind trok aan en met name de lichtgewichten onder ons moesten er
stevig aan trekken om tegen de wind op te boksen. Afzien, stappen tellen naar
het eindpunt maar uiteindelijk was het toch een bijzondere ervaring.
Spectaculaire natuurwaarnemingen bleven achterwege. Alleen een Grote bonte
specht (Dendrocopos major) liet zich al huppelend meevoeren met de
wind.
Het landschap sprak echter
boekdelen. Hoge wierden afgewisseld met weidse vlakten. Sporen van de zee
overal zichtbaar. Kleine, verstilde nederzettingen als pareltjes in het
landschap. Zeerijp, met een bijzondere middeleeuwse kerk die we dankzij een
vriendelijke koster konden bekijken, 't Zand, Leermens en Eenum. En natuurlijk
de Allersmaheerd waar de eerste Winterakonieten uit de vers gesmolten sneeuw fier
omhoog keken.
Vijftien kilometer goede
voornemens om vooral met beter weer eens terug te komen.

Kees Boele
Literatuur:
Capitool Wandelgids Nederland
Zeerijp, Nederlands hervormde
kerk

Winterse Wierden Wandeling
9 KNNV-ers gingen op pad
kijkers verstopt onder de jas
want de regen kwam
in eindeloze vlagen
toch nog één Bonte specht
met zijn typische hikkende
vlucht
verder was het kraaien-weer
pikkend naar dat natte Konijn
Hoppen van wierde naar wierde
waar de wind even vastgelegd
werd
door pompeuze bakstenen
gevaarten
die als kathedralen uit de
vlakte opdoemden.
Kroegen hielden hun deuren
angstvallig gesloten
vandaar die boerenschuur,
die voor ons diende als een
kerststal
waar we allemaal weer gezichten
kregen.
Voort maar weer over asphalt en
schelpen-modder
alleen de larix abri’s van de
zagerij (Leermens)
boden nog een tijdelijke
vluchtplaats.
Sommigen zagen maar een half
landschap
omdat hun paraplu het zicht
ontnam,
Toch kwamen ze allen aan in
Loppersum
precies weer op hetzelfde punt:
was alles dus voor niks gelopen?
of hadden we dit niet willen
missen:
deze barre tocht langs de rand
van de Fivelboezem?
padloper Fons Vos 31-01-2004
Vroege inspectie
Zeer vroeg in het jaar is het al
mogelijk planten te inventariseren in zo’n zachte winter als deze. Om precies
te zijn: half februari. Het is nog tamelijk fris zo’n 5 graden. De wind giert
over de kale akkers, maar binnen de Groninger dorpen is het behaaglijk in de
zon. In de tuinen prijken Sneeuwklokken, Crocussen en Winterakonieten. De
grasvelden worden versierd door het wit van Madelieven.

In principe ben ik op zoek naar Vroegeling
(Erophila verna) en wel speciaal op kerkhoven op de graven en het kale
plaveisel. De in de wind wapperende ijle bloei van de Vroegeling trekt de
aandacht. Tijdens de zoektocht langs de grafstenen vind ik Brunel (Prunella
vulgaris) en Gewone veldbies (Luzula
campestris). Veldbies heeft grasachtig blad met lange witte haren
aan de randen. In het talud van de sloot rondom het kerkhof staat Speenkruid (Ranunculus
ficaria). Hier en daar staat al een bloem.
In het oudere deel van de dorpen
staan onder de nog bladerloze heggen de wortelrozetten van Stinkende gouwe (Chelidonium
majus). Hoewel onmiskenbaar door de blauwgroene kleur en vorm van het blad,
pluk ik een blad en kijk naar het oranje melksap. Ik smeer het sap op het
altijd aanwezige wratje op de meest linker knokkel. Andere gevonden hegbewoners
zijn Robertskruid (Geranium robertianum), Hondsdraf (Glechoma hederacea ) en één keer kom
ik Roze winterpostelein (Claytonia siberica) tegen met het enigszins
langwerpig ruitvormig blad. Steeds weer staat in de dorpen Tuinwolfsmelk (Euphorbia
peplus) met de spatelvormige blaadjes.
Een rand van een akker in
Losdorp heeft de kleuren van een mini bollenveld. Volop bloeit er Paarse
dovenetel, witte Vogelmuur en hemelsblauwe Grote ereprijs. Ik kijk uit naar
Klimopereprijs (Veronica herifolia) te herkennen aan bladen met een
grote eindlob. Nu goed te waar te nemen, straks verstopt in de vegetatie.
Kortom er valt al veel te
ontdekken en te genieten in het prachtige winterse licht met scherp afgetekende
verten.
Willem Stouthamer (met dank aan Jennie Hendriks)
Van de leden
Tussen Dorkwerd en de brug over
het Van Starkenborghkanaal in een sloot tussen de weilanden op schrikkeldag
2004 vier Lepelaars.
Marjan van Oosten
Boekbespreking
Capitool Wandelgids Nederland
Eind 2003 kwam de lang verwachte
Capitool Wandelgids Nederland uit. Geschreven en geïllustreerd door Manuel
Dekkers en Marian Kingma en uitgegeven in samenwerking met SNP Natuurreizen
biedt het op een originele manier zestig bekende en onbekende wandeling door
Nederland. Bij aanschaf neem je een kloeke doos mee naar huis die naast de gids
tevens dertig kaarten bevat. In opbouw en vormgeving is er een combinatie
gemaakt tussen de bekende Capitool reisgidsen en de manier waarop SNP het
landschap ziet. Geologische informatie en een korte kennismaking met flora en
fauna gaat samen met documentatie over de mens in het landschap. Bijzondere
kerken, boerderijen en molens passeren de revue. Voor KNNV-ers een goede basis
om eens een ander gebied te ontdekken. Biologische diepgang moet niet verwacht
worden van deze gids maar dat kan een KNNV-er zelf als saus toevoegen. Voor
diegenen die Nederland als wandelland gebruiken is deze nieuwe gids zeker een
aanrader.
Capitool Wandelgids Nederland, M. Dekkers en M. Kingma
(2003)
ISBN 90 410 1886 7

EXCURSIEPROGRAMMA
K.N.N.V. afdeling GRONINGEN
> Voor
zover niet anders staat vermeld,
beginnen alle excursies om 9.00 uur
vanaf het Overwinningsplein in Groningen
> Opgave
bij Brenda Bolt 050 5273227 e-mail ba.bolt_at_wanadoo.nl of bij Willem StouthamerX 050 3143841 e-mail
stouthamer.wj_at_inter.nl.net. Opgave tenzij anders vermeld graag minimaal drie
dagen van te voren.
> De
excursiecommissie houdt zich het recht voor om bij te weinig opgave van
deelnemers de excursie te annuleren. Leden die zich aangemeld hebben worden dan
geïnformeerd
Zaterdag 24 april, Stroomgebied Ruiten Aa
Dick Pegtel leidt ons naar bijzondere punten van de Ruiten Aa en
de Westerwoldse Aa. Hij laat zien en verteld ons over de geschiedenis, de
invloed van de mens, de mariene ingressie in de Middeleeuwen, etc. Het belooft
een boeiende tocht te worden met vele invalshoeken.
Vertrek om 9.00 uur vanaf de parkeerplaats van Ikea (direct achter
het benzinestation) te Groningen en om 10.00 uur bij het bezoekerscentrum
Noordmee van het Staatsbosheer aan de Dennenweg te Sellingen, daar beginnen we
met een kop koffie.
Zondag 2 mei,
vogelinventarisatie Euvelgunne
Het afgelopen jaar heeft de
afdeling geïnventariseerd in de Hunzezone, het gebied langs de Euvelgunnerweg.
Hoewel we vorig jaar best leuke resultaten hadden, willen we het dit jaar nog
eens dunnetjes overdoen. Zie ook verderop in het programma!
We vertrekken om 7.00 uur vanaf het vertrekpunt (30 à 40 meter
ten zuidoosten van) de hoek van de Gothenburgweg en de Kielerbocht, dit is aan
de noordwestkant van het gebied. Opgave Wim Zolf 0597-434834 / rjjzk_at_planet.nl
of Brenda Bolt Ba.Bolt_at_wanadoo.nl
6 t/m 9 mei, Müritz
Helaas
kan het geplande lange weekend geen doorgang vinden.
Dinsdag 11 mei planteninventarisatie
Euvelgunne
We vertrekken om 19.00 uur vanaf het vertrekpunt (30 à 40 meter
ten zuidoosten van) de hoek van de Gothenburgweg en de Kielerbocht, dit is aan
de noordwestkant van het gebied.
Zaterdag 15 mei, vogelexcursie Borkener Paradis
Net over
de Duitse grens en tussen Meppen en Emmen ligt, verscholen in de elleboog van
de Ems, het Borkener ("vogel") Paradis. Een halfopen landschap met
dichte bossages van vlier en meidoorn geven ruimschoots broedgelegenheid aan
Nachtegalen, Gekraagde roodstaarten en Boompiepers.
Bonte en
Grauwe vliegenvanger komen hier samen voor. Langs de rivier is er kans op een
ontmoeting met een Grote gele kwikstaart terwijl ook de IJsvogel weer geregeld
gezien wordt.
Omdat we
de excursie half mei gepland hebben zingen de vogels een groot deel van de dag
en kunnen we wat later vertrekken. Lunchpakket en laarzen zijn zeker aan te
bevelen. Excursieleider Guido Meeuwissen
Zondag 16 mei
vogelinventarisatie Euvelgunne
We vertrekken om 7.00 uur vanaf het vertrekpunt (30 à 40 meter
ten zuidoosten van) de hoek van de Gothenburgweg en de Kielerbocht, dit is aan
de noordwestkant van het gebied. Opgave Wim Zolf 0597-434834 / rjjzk_at_planet.nl
of Brenda Bolt Ba.Bolt_at_wanadoo.nl
Zaterdag 5 juni, REPTIELEN
excursie WAPSERVELD
Reptielendeskundige
en boswachter Andre Donker neemt ons mee op een speurtocht door het Wapserveld,
aan de zuidrand van het grote natuurreservaat Drents-Friesche Wold. Drie
soorten slangen en drie soorten reptielen zouden ons pad kunnen kruisen. Gladde
slang, Ringslang en Adder komen hier nog voor samen met Hazelwormen,
Levendbarende hagedis en Zandhagedis. Afleiding van het aards gekruip zal zeker
komen van kwakende Heikikkers, overvliegende Roodborsttapuiten en vele
libellen.
Deze
excursie is erg afhankelijk van het weer, gepland is een halve dag met een
lichte voorkeur voor de middag.
Tijd van vertrek worden na opgave (met vermelding van
telefoonnummer en evt. emailadres) aan u doorgegeven.
Informatie
en opgave Kees Boele tel.: 050-5370110 of e-mail keesboele_at_tiscali.nl
Zondag 6 juni
libelleninventarisatie Euvelgunne
We vertrekken om 13.00 uur vanaf het vertrekpunt (30 à 40 meter
ten zuidoosten van) de hoek van de Gothenburgweg en de Kielerbocht, dit is aan
de noordwestkant van het gebied. Excursieleider Jan Gerard 050-5262775 /
j.a.n.gerard_at_freeler.nl of Brenda Bolt ba.bolt_at_wanadoo.nl
Dinsdag 15 juni planteninventarisatie
Euvelgunne
We vertrekken om 19.00 uur vanaf
het vertrekpunt (30 à 40 meter ten zuidoosten van) de hoek van de
Gothenburgweg en de Kielerbocht, dit is aan de noordwestkant van het gebied
Zaterdag
26 juni, excursie naar Bargerveen
Evenals 3 jaar geleden zal deze
excursie bestaan uit 2 delen. De excursie begint om 14.00 uur met een bezoek
aan het niet toegankelijke deel o.l.v. een boswachter .We zullen zowel op
planten, dieren als landschap letten. Na een al of niet gezamenlijke maaltijd
ergens in de buurt, gaan we 's avonds op zoek naar de nachtzwaluw. Dat zo'n
avondwandeling zich niet beperkt tot deze vogel zullen de deelnemers aan de
vorige excursie kunnen beamen (vos, reeën).We hopen omstreeks middernacht weer
thuis te zijn. Vertrek vanaf het Overwinningsplein om 12.45 uur of aanwezig om
14.00 uur bij het parkeerterrein van SBB aan de Verlengde Noordersloot
(slagboom) in Barger-Oosterveen. Opgave Wim Zolf (0597-434834 /
rjjzk_at_planet.nl). Je kunt je ook opgeven voor alleen de middag - of
avondexcursie.
Zondag 4 juli, Woudbloem libellen
U herinnert zich nog wel de inspirerende lezing van Herman de Heer
over de Groene glazenmaker (zie de uitgebreide aankondiging in de vorige
Padloper). Olv. André Hospers gaan we naar Woudbloem om de Groene Glazenmaker
te ontdekken en andere soorten libellen te (leren) benoemen.
Vertrek vanaf het
Overwinningsplein om 12.00 uur.Opgave Willem Stouthamer
Dinsdag 17 augustus,
planteninventarisatie Euvelgunne
We
vertrekken om 19.00 uur vanaf het vertrekpunt (30 à 40 meter ten zuidoosten
van) de hoek van de Gothenburgweg en de Kielerbocht, dit is aan de
noordwestkant van het gebied.
Zaterdag 21 augustus, Borkum
Olv. Willem Stouthamer vertrekken we vanaf
cafetaria ‘De Wachtkamer’ (voormalig busstation) Bedumerweg, Groningen om 8.15
uur naar de Eemshaven; vertrek boot 9.15 uur. Retourboot 16.30 uur. Vorig jaar
kostte de boot 13 euro. Opgave Willem Stouthamer