Afdeling GRONINGEN



De
Padloper is een periodiek van de
Koninklijke Nederlandse
Natuurhistorische Vereniging
afdeling Groningen en verschijnt 4 x per jaar
Jaargang 17, 2003
nummer 4
De
PADLOPER Nummer 4 2003
BESTUUR
Voorzitter/Secretaris:
Wim Zolf, Paul Krugerstraat 14, 9671 AR Winschoten 0597
xxxe-mail rjj_at_hetnet.nl
Penningmeester:
Wiebe Postma, Larixlaan xxxNP Roden
050 501xxx2 e-mail wiebe.postma_at_hetnet.nl
Natuurhistorisch
secr. & excursiecommissie:
Brenda Bolt, Schaepmanlaan xxxxx Groningen
050 52xxxx e-mail ba.bolt_at_wanadoo.nl
Algemeen
bestuurs- & redactielid:
Willem Stouthamer, Zoutstraat xxxx Groningen 050
31xxxxxx
WERKGROEPEN
Planten: Willem Stouthamer
Vogels: Erik Hoitink 050 5xx347xx4 en
Gerard Straxng 050 53xxx6
PADLOPER
Redactie: Erna Kuiper,
Willem Stouthamer
Copysluitingsdatum volgende nummer: 15 maart
2004
alle copy liefst vastgelegd in Word kunt u sturen naar:
Redactie Padloper, Zoutstraat xxxx Groningen
of e-mail stouthamer.wj_at_inter.nl.net
Contributie: lid € 23,50; huisgenootlid € 10,--; donateur € 7,50 per jaar
Opzeggen vóór 1 december van het lopende jaar.
postgironummer 855.090
KNNV afd. Groningen
tnv. Penningmeester KNNV, Larixlaan xxxNP Roden
*Wees voorzichtig met gekochte groenten: er kunnen resten
insecticiden op zitten en die zijn dodelijk. Gebruik zelf ook geen insecticiden
in huis of tuin!
uit: De Krekels en Sprinkhanen in de Benelux KNNV uitgave
nr. 34 1983
*Een goed leven. Adopteer
een kip! tel. 030 2339977 of www.adopteereenkip.nl
Afbeelding voorkant: Knoppergal (Andricus quercuscalicis)
uit het Gallenboek, W.M. Docters van Leeuwen, uitgave
Thieme Zuthen
Inhoud
|
Van
de redactie |
3 |
|
Van
het bestuur |
4 |
|
De Groene glazenmaker |
5 |
|
Van de vogelwerkgroep |
7 |
|
· Programma
2004 |
7 |
|
· Excursie
Lauwersmeer |
7 |
|
Excursieverslagen |
10 |
|
·
Noordlaarderbos |
10 |
|
· Vleermuizen |
12 |
|
·
Polder de Breebaart |
13 |
|
·
Gallen lezing |
15 |
|
·
Lauwersmeer |
20 |
|
Excursieprogramma |
21 |
Van de redactie

Alstublieft het laatste nummer 2003. Degenen die
een bijdrage hebben geleverd nogmaals hartelijk dank. En degenen die de lezing
over gallen hebben bijgewoond en/of zijn mee geweest met een excursie, kunnen
nog eens rustig nalezen wat ze allemaal gezien en gehoord hebben, want bij de
KNNV kom je meestal ogen en oren te kort, getuige de enorme waslijsten met
waarnemingen! Meestal maak ik tijdens een excursie wat aantekeningen en zoek ik
later thuis nog dingen uit.Het napluizen van de notities betekent vaak dubbel
genieten. Zo is dat natuurlijk ook bij een voorbereiding van een excursie. Dit
geldt voor een deelnemer, maar ook voor de leider. Het plezier zit ook in het
bestuurlijk aansturen en plannen van excursies en lezingen. Dubbel genieten
iets voor jou? Meld je dan aan als bestuurslid.
Van het
bestuur
> Het
noodsignaal van het bestuur aan alle leden heeft tot resultaat gehad dat 2
personen hun vinger hebben opgestoken met de mededeling dat zij wel iets willen
doen voor de vereniging. Bij één daarvan heeft dat al geleid tot daadwerkelijke
deelname aan het bestuur. Dat betekent dat als de kennismaking bevalt we op de
jaarvergadering in maart 2004 Dick Pegtel als bestuurslid kunnen
begroeten (als natuurlijk ook de vergadering er dan mee instemt).
Verdere aanvulling van het
bestuur blijft noodzakelijk omdat zoals reeds aan u gemeld de penningmeester,
Wiebe Postma, m.i.v. 1 januari 2004 stopt met zijn werkzaamheden en de drie dan
formeel overgebleven bestuursleden elk een dubbelfunctie vervullen. Als vervolg
op de ‘noodsignaal’-brief zal het bestuur nu verder via persoonlijke benadering
trachten de gelederen te versterken.
> In een
plaatselijke krant vonden wij het bericht dat ‘het op 13 november j.l. zestig
jaar geleden was dat het echtpaar Dolfien-Scholtens in de echt werd
verbonden’. Een foto toont Hiddo en Martje -- die langzamerhand wel de oudste
leden van onze afdeling zullen zijn -- in gezelschap van de burgemeester van
Leek, mevrouw De Jong, die het jubilerende paar kwam feliciteren.
Zoals sommige lezers van De
Padloper zullen weten, verblijft Hiddo al langere tijd in het Zonnehuis in
Zuidhorn. Reden te meer om hem en Martje alsnog van harte geluk te wensen met
dit toch wel uitzonderlijke huwelijksjubileum!
> Oproep e-mailadressen
Enkele leden hebben zich wel
aangemeld om info over de activiteiten van onze vereniging per e-mail te
ontvangen, maar krijgen deze echter niet. Dit komt omdat de
schrijfwijze/spelling van hun e-mail adres niet juist is overgekomen. Als u
alsnog e-mail wilt ontvangen, stuur dan Brenda of Willem een mailtje, zodat wij
het juiste e-mailadres kunnen overnemen. Andere leden, die ook graag via e-mail
op de hoogte gesteld willen worden, kunnen hetzelfde doen.
> Een heel
ander onderwerp: De Nationale Wintervogeltelling. Elk lid heeft bij
Natura een folder over deze telling ontvangen inclusief telformulier. Er zijn 2
telperiodes. Ook als u geen tuin heeft dan kunt u in het park, tuinen in de
buurt e.d. tellen en zo dus meedoen aan deze landelijke telling.
Tot slot wenst het bestuur u
vanaf deze plaats prettige dagen toe en hoopt u op 11 januari te ontmoeten op
de bekende snertwandeling.
De Groene glazenmaker
Lezing en Powerpoint presentatie (zie agenda)
Monografie Rode lijst soort, die het provinciewapen dient
te sieren
De Groene glazenmaker (Aeshna
viridis) is een wereldbedreigde soort van het biotoop laagveenmoeras, het dier
is strikt gebonden aan Krabbescheer en kwel en hoort tot 1 van de 3 inheemse
libellensoorten die op de I.U.C.N.-lijst voorkomt. De overige 2 zijn inmiddels
uitgestorven. De Groene glazenmaker is feitelijk vergelijkbaar met dieren als
het Vogelbekdier, de Panda, de Koala en Siberische tijger. Het dier leeft in de
loofboszone van Nederland tot West-Siberië en van Zuid Zweden tot
Hongarije/Roemenië, maar de aantallen nemen sterk af, parallel met de teruggang
van Krabbescheervegetaties.
De verspreiding in Nederland is
te zien als 2 halve bogen, eentje links van het Drents plateau en eentje links
van de Utrechtse heuvelrug. De noordelijke halfcirkel met een geschat aantal
van 3000 dieren loopt van Slochteren (1000 stuks), via Peize (350),
Westerkwartier (3 locaties, samen 1000 stuks) naar Frieslands lage midden (350)
en eindigt bij De Wieden / Weerribben / Rottige Meente (350). De tweede
zuidelijke boog op de grens van Utrecht en de beide Hollanden telt circa 750
dieren. We mogen inmiddels trots zijn op de Grauwe kiekendief omdat Groningen
driekwart van de broedgevallen herbergt, dit geldt des te meer voor deze
prachtige libel met zijn hoofdleefgebied in Groningen.
In 1997 herontdekte ik de Groene
glazenmaker voor het Noorden, na een periode van 11 jaar afwezigheid. Het jaar
daarop, in 1998, is de belangrijke populatie bij de Slochter Ae ontdekt.
Een schande en een compliment.
Schandalig vind ik het volkomen
gebrek aan kennis over het gedrag van dit dier. Dat wreekt zich enorm als we
het willen beschermen. Ik zeg wel eens: ‘Van de Koala weten we precies hoe vaak
die zich krabt en hoeveel boeren die laat, van de Groene glazenmaker weten we
nauwelijks iets en ieder spreekt elkaar maar wat na, terwijl de grootste onzin
wordt verkondigd’.
Complimenteus is de grote
aandacht voor beschermingsmaatregelen: er is inmiddels een Nationaal
beschermingsplan, 3 provinciale beschermingsplannen en er zijn b.v. in
Groningen 2 convenanten ondertekent: Westerwolde en Westerkwartier.

Uit: Libellen van
Noordwest-Europa, Jeugdbondsuitgeverij
De lezing
behandelt achtereenvolgens:
1.
Beroemde Nederlanders over Aeshna viridis:
Lieftinck, Geijskes, Kiauta en van Tol.
2.
De fenologie, de hoofd vliegtijd
3.
Het verschil in dagritme tussen man en vrouw
4.
Het pendelen tussen het water- en het landbiotoop
5.
De aard van de pre-reproductieve periode (DPRP) van 3
weken
6.
De resultaten van 2 jaar onderzoek van de populatie ’t
Kret, een marc-recapture studie in 2002 en een marc-recapture studie plus een
hele dag simultaan observatie met 30 vrijwilligers in 2003.
7.
De vroege ochtendwip (eo-crepusculair) en de late
avondjacht (crepusculair).
8.
De duur van de geslachtsdaad, spermatransfer,
spermadisplacement en promiscue vrouwtjes?
9.
De vleugeladering bij Aeshniden, de leeftijdsbepaling via
vleugelbeschadiging, de vlucht
10.
Suggesties voor verder onderzoek 2004:
Is het dier uitgerust met een postduiveninstinct?
Werken met een microchip?
11.
De ‘natuurlijke’ vijanden: Rietgors, Grauwe kiekendief,
Boomvalk, spinnen en waterwinning
Herman de Heer

Van de Vogelwerkgroep
Programma 2004
Op 11 november 2003 heeft de
Vogelwerkgroep haar jaarlijkse bonte avond gehouden in het onvolprezen Loughoes
in Eelde.
Eén van de onderdelen van deze
avond is het vaststellen van het programma voor het komende jaar.
Het programma ziet er als volgt uit:
* januari/februari Friezenveen&De Braak
* maart/april Natuurgebied rond de Ennemaborg
* mei Eemshaven
* juni Bargerveen bij Klazienaveen
* augustus Breebaart-polder bij Termunten
* september Schiermonnikoog
* oktober Noordlaarderbos
* november Lauwersmeer
* december Drentse Aa
Zoals uit het hierboven staande
lijstje naar voren komt zoekt de werkgroep in de winter gebieden in de
nabijheid van de stad Groningen
In het voorjaar, de zomer en de
herfst vliegen we verder uit.
De excursies vinden plaats op de
tweede zaterdag in de maand.
Start rond 9.00 uur. Allen in
augustus 2004 is gekozen voor de derde zaterdag; dit ivm de schoolvakantie.
Contactpersoon: G. Strabbing, 050 5346476
Excursie vogelwerkgroep Lauwersmeergebied, 11
oktober
Deelnemers: Albert Jan, Bé,
Date, Geert Jan, Giny, Guido, Jan Nuiver, Jan Steijvers, Wim van Eerden en Wim
Zolf
Date Lutterop
Om 09:00 uur verzamelen we ons
op de dijk bij de garnalenfabriek van Heiploeg. Als de enkeling die mogelijk
nog wordt verwacht uiteindelijk toch niet opduikt vertrekken we naar het doel
van deze dag, de Kollumerwaard.
We besluiten hier de zeven
kilometer lange vogelroute te lopen. Direct aan het begin van de route is het
al raak: een drietal Roodborsttapuiten laat zich mooi van dichtbij bewonderen.
Daarmee is eigenlijk ook de emmer met leuke soorten al weer leeg. Er is hier
weinig te merken van de in diverse berichten aangekondigde prima vogeltrekdag.
Inmiddels krijgen we af en toe een kleine regenbui te verwerken, halverwege de
route missen we ook nog de even daarvoor wel waargenomen Grote Zilverreiger. De
laag over het riet langs vliegende Bruine kiekendief jaagt ook niets op, zodat
vanzelf de blik meer naar beneden gaat.
Op het pad een dode Mol en twee
dode Bosspitsmuizen. Enkele jonge Bruine kikkers springen voor onze voeten de
beschutting van de rietvelden in.
Een passant toont ons enkele
geplukte
rietstengels
met Sigaargallen. Even later vinden we zelf ook deze gallen van de
Sigaargalvlieg.
Terug op de parkeerplaats begint
zowaar de zon door te breken en we besluiten om via de Bantpolder (geen ganzen;
waarschijnlijk weet de grote vlieger daar meer van) en de parkeerplaats bij de
sluizen (een groepje Staartmezen) even in de haven te gaan kijken. Het water
staat erg hoog, maar overtijende vogels zijn er bijna niet te zien. Een groepje
surfers en wandelaars op de eens niet toegankelijke pier worden bedankt. Een
groepje Oeverpiepers vliegt over en we besluiten maar eens de inwendige mens te
gaan versterken met koffie en iets stevigs. Alleen Albert Jan waagt zich aan
een gehaktbal, die van hem een ruime voldoende krijgt. Voor de rest noteren we
patat, een broodje vis en een lekkerbekje.
Het is inmiddels na twaalven en
de meeste excursiegangers hebben afgehaakt. Een wijde ronde om het dorp levert
nog een Tjiftjaf op. In de berm bloeit een late Parnassia. Vlak bij de camping
posteert een groepje jeugdige vogelaars die daar al enige tijd wachten op de
Bladkoning die daar eerder is gezien. Wij vinden alleen een Vuurgoudhaan.
In de berm van de weg valt
Giny’s oog op vele honderden kleine huisjesslakken. Er gaan enkele mee naar
huis, maar op het moment dat ik dit verhaal typ is het nog niet duidelijk om
welke soort het gaat.
Ter afsluiting van de dag gaan
we nog naar het Jaap Deensgat. Halverwege zitten in een weiland een Smelleken
en een Slechtvalk op de grond. Bij de hut aangekomen blijkt het water wel erg
hoog te staan. Er zijn maar enkele vogels op het water te ontdekken. Als een
Sperwer en een Blauwe Kiekendief elkaar in het telescoopbeeld passeren
besluiten we dat het mooi geweest is voor vandaag.
Hierna volgt een lijst van waargenomen soorten:
|
Soort |
bijzonderheden |
Soort |
bijzonderheden |
|
Aalscholver |
|
Smient |
|
|
Baardmannetje |
|
Sperwer |
1 Jaap Deensgat |
|
Bergeend |
|
Spreeuw |
|
|
Blauwe Kiekendief |
1 vrouw Jaap Deensgat |
Staartmees |
|
|
Blauwe Reiger |
|
Steenloper |
|
|
Boomkruiper |
|
Stormmeeuw |
|
|
Brandgans |
100-en buiten de polder bij Anjum |
Tafeleend |
|
|
Bruine Kiekendief |
1 juveniel, Kollumerwaard |
Tjiftjaf |
|
|
Buizerd |
|
Torenvalk |
|
|
Eider |
|
Turkse Tortel |
|
|
Ekster |
|
Veldleeuwerik |
2 overvliegend |
|
Fazant |
|
Vink |
|
|
Fuut |
|
Vuurgoudhaan |
1 camping |
|
Goudhaan |
|
Waterral |
|
|
Goudplevier |
|
Watersnip |
|
|
Graspieper |
|
Wilde Eend |
|
|
Grauwe Gans |
|
Winterkoning |
|
|
Groenling |
|
Wintertaling |
|
|
Groenpootruiter |
|
Witte Kwikstaart |
|
|
Grote Mantelmeeuw |
|
Wulp |
|
|
Houtduif |
|
Zanglijster |
|
|
Kauw |
|
Zwarte Kraai |
|
|
Keep |
|
Zwarte Roodstaart |
1 haven |
|
Kievit |
|
|
|
|
Kleine Mantelmeeuw |
1 juveniel, haven |
overige |
waarnemingen |
|
Knobbelzwaan |
|
Wespen |
|
|
Kokmeeuw |
|
Diplolepis rosae |
3 mosgallen van deze galwesp op roos bij dorp |
|
Koolmees |
|
Heterarthus vagans |
1 mijn met dode larve op Els, parkeerplaats bij sluizen |
|
Krakeend |
|
Vlinders |
|
|
Kramsvogel |
|
Stigmella basiguttella |
1 mijn op Eik, bij dorp |
|
Kuifeend |
|
Phyllonocnistis xenia |
1 mijn op Witte abeel, dorp |
|
Meerkoet |
|
Bont zandoogje |
1 omgeving dorp |
|
Merel |
|
Vliegen |
|
|
Nijlgans |
20 buiten de polder bij Anjum |
Lipara lucens (Sigaargalvlieg) |
diverse gallen in rietvelden Kollumerwaard |
|
Oeverpieper |
6 haven |
|
|
|
Pijlstaart |
enkele groepjes overvliegend |
Gewervelden |
|
|
Pimpelmees |
|
Bruine kikker |
enkele juvenielen, Kollumerwaard |
|
Roodborst |
|
Mol |
1 dood Kollumerwaard |
|
Roodborsttapuit |
3 Kollumerwaard |
Bosspitsmuis |
1 dood Kollumerwaard |
|
Scholekster |
|
Konijn |
1 dorp |
|
Sijs |
|
Planten |
|
|
Slechtvalk |
1 |
Parnassia |
1 bloeiend in berm bij dorp |
|
Slobeend |
|
|
|
|
Smelleken |
1 |
|
|
VERSLAGEN LEZING EN EXCURSIES
Noordlaarderbos, 28 september
De
paddestoelenexcursie is geleid door Roel Douwes. Hij heeft ons op zijn
onnavolgbare manier laten genieten van de kleine chemische fabriekjes, zie de
indrukwekkende lijst van gevonden paddestoelen.
Op een
boom hebben we een opvallende rups gevonden. Thuis gekomen is de gele rups met
borsteltjes op de rug en een roze/rode pijlstaart in de Rupsentabel vd
Jeugdbondsuitgeverij (zwart/wit afbeeldingen) al gauw gevonden: Meriansborstel
of Roodstaartrups (Calliteara fascelina). Ik werd verrast toen ik de
tabel dicht deed: pontificaal staat de rups (in kleur) voorop de omslag!
In de
wetenschappelijke mededeling Dagactieve nachtvlinders staat dat Meriansborstel
behoort tot de donsvlinders - familie Lymantriidae -. Echter hier wordt als
wetenschappelijke naam Calliteara pudibunda vermeld. Algemeen in
bosachtige streken en op zandgronden met als waardplant loofbomen.
In het
boek Vlinders en rupsen staat over twee bladzijden een prachtige afbeelding met
als vermelding dat de rups zich kromt bij verontrusting, zodat de fluweelzwarte
insnijdingen tussen de segmenten zichtbaar worden. Dit hebben wij ook waargenomen.
Iemand zei 'Het is net of de rups zijn ogen opendoet en je aankijkt'. De
nachtvlinder wordt in dit boek Dasychira pudibunda genoemd.

De rups
is vernoemd naar Maria Sibylla (1647-1717), die grote naam heeft verworven door
haar fraai gekleurde tekeningen van de insectenwereld (met name in Suriname).
Bertus Aafjes 1946 heeft een gedicht aan haar gewijd 'Maria Sibylla Merian'. In
een eerdere aflevering van de Padloper is een artikel aan haar gewijd.
Willem
Stouthamer
Literatuur:
De grote paddestoelengids, Ewald
Gerhardt, uitgave Tirion
Rupsentabel, André de Wilde,
Jeugdbondsuitgeverij
Dagactieve nachtvlinders (WM213),
KNNV uitgeverij
Vlinders en rupsen, Thomas
Ruckstuhl, uitgave Tirion
|
Wetenschappelijke naam |
Nederlandse naam |
|
Amanita citrina |
Gele knolamaniet |
|
Amanita fulva |
Roodbruine slanke amaniet |
|
Amanita muscaria |
Vliegenzwam |
|
Amanita rubescens |
Parelamaniet |
|
Armillaria ostopus |
Sombere honingzwam |
|
Bisporella citrina |
Geelschijfzwammetje |
|
Calosera viscosa |
Kleverige koraalzwammetje |
|
Cerocortium confluens |
Ziekenhuiskorstzwam |
|
Clitocybe ditopus |
Kleinsporige trechterzwam |
|
Clitocybe nebularis |
Nevelzwam |
|
Clitocybe odora |
Groene anijstrechterzwam |
|
Collybia cirrhata |
Okerknol collybia |
|
Collybia butyracea |
Botercollybia |
|
Collybia confluens |
Bundel collybia |
|
Collybia dryophila |
Eikenbladzwammetje |
|
Collybia platyphylla |
Breedplaat streephoed |
|
Coprinus lagopides |
Vals hazepootje |
|
Crepidotus variabalis |
Wit oorzwammetje |
|
Entoloma sordidulum |
Groezelige satijnzwam |
|
Fomes fomentarius |
Tonderzwam |
|
Galerina vittaeformis |
Barnsteen mosklokje |
|
Ganoderma lipsiense |
Platte tonderzwam |
|
Gymnopilus penetrans |
Dennenvlamhoed |
|
Hebelona crustuliniforme s.l. |
Radijsvaalhoed |
|
Hygrophoropsis aurantiaca |
Valse hanenkam/Oranje dooierzwam |
|
Hypholoma fasciculare |
Gewone zwavelkop |
|
Hypholoma sublateritium |
Rode zwavelkop |
|
Hypoxylon multyforme |
Vergroeide kogelzwam |
|
Inocybe hirtella |
Amandelvezelkop |
|
Inocybe ovatocystis |
Gewone wolvezelkop |
|
Inocybe rimosa |
Geelbruine spleetvezelkop |
|
Laccaria amethystea |
Rode koolzwam |
|
Lactarius quietus |
Kaneelkleurige melkzwam |
|
Macrolepiota procera |
Grote parasolzwam |
|
Marasmiellus ramealis |
Takruitertje |
|
Merulius tremellosus |
Spekzwoerdzwam |
|
Oudemansiella mucida |
Porseleinzwam |
|
Mycena alcalina |
Alkali mycena |
|
Mycena amicta |
Donzige mycena |
|
Rickenella fibula |
Oranjegeel trechtertje |
|
Mycena.candidans |
Suikermycena |
|
Mycena galericulata |
Helm mycena |
|
Mycena golopus |
Melksteel mycena |
|
Mycena haematopus |
Grote bloedsteelmycena |
|
Mycena arcangeliana |
Bundelmycena |
|
Mycena pura |
Elfenschermpje |
|
Mycena speirea |
Breedplaatmycena |
|
Mycena vitilis |
Draadsteelmycena |
|
Panellus stipticus |
Scherpe schelpzwam |
|
Paxillus involutus |
Gewone krulzoom |
|
Phaeolus schweinitzii |
Dennenvoetzwam |
|
Piptoporus betullinus |
Berkenzwam |
|
Pluteus cervinus |
Hertezwam |
|
Psathryrella candoleana |
Witsteelfranjehoed |
|
Psathryrella squamosa |
Wollige franjehoed |
|
Russula cyanoxantha |
Regenboog russula |
|
Russula fellea |
Okerkleurige beukenrussula |
|
Russula ochroleuca |
Geelwitte russula |
|
Russula parazurea |
Berijpte russula |
|
Scleroderma citrinum |
Gewone aardappelbovist |
|
Scleroderma verrucosum |
Kleine aardappelbovist |
|
Tubaria furfuracea |
Gewoon donsvoetje |
|
Oligoporus tephroleucus |
Asgrauwe kaaszwam |
|
Xerocomus chrysenteron |
Roodstekelige fluweelboleet |
Vleermuizen boven de Helperzoomvijver.

De vleermuisexcursie op 15 oktober heeft in park
Groenestein evenveel vleermuizen opgeleverd als excursiegangers: geen!
Het is erg laat in het seizoen, er kunnen dus nog roepende
mannetjes zijn en misschien overwintert er wel een groepje in de oude bomen.
Echter in het laatste restje daglicht jaagde boven de Helperzoomvijver een
groepje Meervleermuizen. Je zag het vlieggedrag zeer mooi net zoals het plaatje
hiernaast. Je kon ze insecten van het water zien scheppen.
Bij het verdwijnen van het
daglicht hebben we nog wat geoefend met de nieuwe detector, waarmee ook 10x
vertraagd kan worden opgenomen. In de pc kan dit geluid met een programma
gedetermineerd worden. Ook kan geluid worden opgenomen dat buiten het vooraf
ingestelde frequentiebereik valt. De opname kan direct worden afgeluisterd,
waarbij dan opnieuw kan worden afgesteld op de juiste frequentie. Zo missen we
niets meer. Bij de volgende excursie gaan we hiermee verder oefenen.
Marjan van Oosten
Polder de
Breebaart, zaterdag 25 oktober
Deelnemers: 6. Wim, Willem,
Marjan, Guus, Wiebe en Guido.
Weer: half tot zwaar bewolkt,
vrij koud, enkele regenbuien, zwakke tot matige Westenwind. Hoogwater: 13.20
uur
Via de kortste weg rijden we
over Scheemda-Woldendorp naar ons verzamelpunt bij het gemaal en de bunkers.
Wim is vanuit Winschoten rechtstreeks naar de polder gereden en zit bij onze
aankomst al aan de koffie. Hij heeft een 20-tal Fraters gezien op verruigd
grasland. Overal dreigende luchten, door het heldere weer kunnen we oneindig
ver kijken, typisch Gronings.
Aangezien we nog midden in de
trektijd zitten besluiten we eerst de bosjes bij de bunkers af te zoeken naar
zangertjes. Van zee komt een groep Ringmussen aanvliegen, in de boomkruinen
roept een groep Putters. Op de ingezaaide akkers veel Goudplevieren met hun
weemoedige roep en zelfs 4 Holenduiven. Omdat we toch in de buurt zijn gaan we
even in de vogelhut kijken van het Groninger Landschap. Dat even loopt
behoorlijk uit want we komen ogen en oren te kort om alles te volgen. Het water
komt op, de polder loopt langzaam vol. Het aantal steltlopertjes groeit
gestaag, we kunnen het niet beter treffen.

Sneeuwgors