Afdeling GRONINGEN


De Padloper is een periodiek van de
Koninklijke Nederlandse
Natuurhistorische Vereniging
afdeling Groningen en verschijnt 4 x per jaar
Jaargang 17, 2003
nummer 1
BESTUUR
Voorzitter/Secretaris:
Wim Zolf, Postbus 1006, 9670 EA Winschoten 0597xxx4
mailto rjj_at_hetnet.nl
Penningmeester:
Wiebe Postma, Larixlaan 1xxx Roden
050 50xxxx mailto wiebe.postma_at_hetnet.nl
Natuurhistorisch
secr. & excursiecommissie:
Brenda Bolt, xxxxxx Groningen
050 5xxxx mailto BA.Bolt_at_wanadoo.nl
Algemeen
bestuurs- & redactielid:
Willem Stouthamer, Zoutstraat Groningen 050
xxxxx1
WERKGROEPEN
Planten: Willem Stouthamer
Vogels: Erik Hoxxink 050 xxxx en
Gerard Strabxxxbing 050 5xxx6
PADLOPER
Redactie: Erna
Kuiper, Willem Stouthamer
Copysluitingsdatum volgende nummer: 15 juni 2003.
alle copy liefst vastgelegd in Word kunt u sturen naar:
Redactie Padloper, Zoutstraat 17-3, 9712 TB Groningen
of mailto stouthamer.wj_at_inter.nl.net
Contributie: lid € 23,--; huisgenootlid € 10,--;
donateur € 7,-- per jaar.
Opzeggen vóór 1 december van het lopende jaar.
postgironummer 855.090
KNNV afd. Groningen
tnv. Penningmeester KNNV, Larixlaan 12, 9301 NP Roden
Afbeelding voorkant: Zeevenkel (Crithmum maritimum)
overgenomen uit Nederlandse oecologische FLORA, uitgave
IVN
Inhoud
|
Van
de redactie |
3 |
|
In memoriam |
4 |
|
Programma
vogel - en plantenwerkgroep |
5 |
|
Grote zaagbekken |
6 |
|
Kijk eens naar HOMMELS |
7 |
|
Natuurproject |
8 |
|
Gezocht: Dennenwolfsklauw |
12 |
|
Bedreigde plantensoorten |
14 |
|
Excursieverslagen |
16 |
|
-
Snertwandeling |
16 |
|
-
Eemshaven |
16 |
|
-
Humsterland en Middag |
17 |
|
-
Naar de knoppen |
19 |
|
Boekbespreking |
21 |
|
Gierzwaluwkalender |
23 |
|
Plantencursus
2003/2004 |
25 |
|
Excursieprogramma’s |
26 |
|
-
Stichting Bat |
26 |
|
-
IVN Haren-Groningen |
27 |
|
-
KNNV Groningen |
29 |
Van de redactie
Ik ben zeer fier dat wij weer
een goed gevulde editie van de Padloper aan u kunnen voorleggen. Mijn dank gaat
uit naar allen die hier toe bijgedragen hebben.
In het vorige nummer hebben wij
Henk Burgler herdacht, nu vindt u in deze Padloper in memoriam van onze
afdelingssecretaris Geert de Boer. Tijdens de ledenvergadering is vastgesteld
dat onze voorzitter Wim Zolf zijn taak voorlopig overneemt. Helaas houdt met
het overlijden van Geert ook de insectenwerkgroep op te bestaan.
Na de crematieplechtigheid sprak
ik met Martje Dolfien. Zij vertelde mij dat haar man Hiddo een hersenbloeding
heeft gehad en nu in het Zonnehuis te Zuidhorn verblijft. Wie stuurt hem of
haar een groet?
Eveneens tijdens de
ledenvergadering is geconstateerd dat de termijn van onze penningmeester er op
zit. Het bestuur is er niet in geslaagd een vervanger te vinden. Wie wil zijn
taak overnemen en/of de bestuurlijke slagkracht van onze afdeling helpen
vergroten?
In deze Padloper boordevol
cursussen en oproepen om Hommels (zie Natura), Dennenwolfsklauwen en Spaanse
ruiters te melden en eveneens de Gierzwaluwenkalender te controleren voor
Groningen en de eerste waarneming van een Gierzwaluw met datum en tijd te doen!
Ruim voldoende om u te bekwamen
en/of actief er op uit te gaan!
GEERT DE BOER 1936
- 2003
Volkomen onverwacht overleed op
24 februari j.l. mijn goede vriend Geert de Boer. Ik leerde hem kennen in de
KNNV afdeling Groningen in de zestiger jaren. Samen met een groepje, waarin
o.m. Jo de Jonge, John Otto en Fred Wilmink, bivakkeerden we vele weekends bij
de Lauwerszee. We telden vogels, trokken over ‘de plaat’ en we genoten.
Geert trouwde net Janna, die
regelmatig mee op excursie ging. Geert was een enthousiast KNNV-er en ook in het
bestuur droeg hij zijn gewaardeerde steentje bij, wat hij later eveneens in
diverse andere organisaties deed. Hij ging zich geleidelijk specialiseren in
insecten, in welk onderdeel van de natuurstudie hij zich een grote kennis eigen
maakte.
Plezierige tijden waren er bij
de caravan die ze in Sleeswijk-Holstein stationeerden en waar ook de jongens op
de boerderij veel plezier hadden. Helaas ging het later in zijn gezin minder
voorspoedig. Problemen met z’n kinderen en de ziekte die Janna trof, gevoegd bij
zijn werkeloosheid tijdens de malaise in de scheepsbouw waar hij technisch
tekenaar was, én daarbij nog komende zijn eigen gezondheidsproblemen maakte
zijn bestaan moeilijk tot zeer zwaar. Janna overleed, Geert achterlatend met
een afkeer van alles wat met geneesheren, ziekenhuizen en verzorgsters te maken
had. Daarover praten met hem was bijna niet meer mogelijk.
Toch kwam er een lichtpuntje
toen Aafke in zijn leven kwam. Na enkele jaren trouwden zij. Samen hebben ze
een paar fijne jaren gehad Geert genoot van Aafke’s kleinkinderen, vooral van
de jongste die in Frankrijk werd geboren. Regelmatig trokken ze daarheen. Zijn
hartkwaal blééf hem parten spelen. Lange tijd heb ik met hem in een
schilderclubje gezeten en spraken we elkaar bijna wekelijks. We konden het, al
die tijd dat we elkaar kenden, goed samen vinden.
Tegen Aafke heeft hij eens geuit
in de trant van: ik zal wel niet oud worden. Die verwachting is dus uitgekomen
op die maandagavond op de stoep voor het natuurmuseum.
De tekst op de rouwkaart luidde:
“Maak niet te veel ophef over mijn dood. Herinner mij in leven”. Dát zal ik
doen.
Steenwijk Jan
Luit

Programma 2003
VogelWerkGroep
De maandelijkse excursies zijn
op de 2 e zaterdag van de maand en is de aanvangstijd 9.00 uur ’s morgens.
April - de Breebaart-polder bij
Termunten onder begeleiding van een gids Groninger Landschap
Mei - de Eemshaven
Jun i- het Friese deel van de
Lauwersmeer, een voettocht
Juli - vakantie
Augustus - Opnieuw de
Breebaart-polder
September - Schiermonnikoog, per
fiets (de klassieker)
Oktober - de Lauwersmeer
November en December – de
Drentse Aa
KNNV-leden die een keer zin hebben om mee te gaan kunnen
contact opnemen met Gerard Strabbing, tel. 050 5346476
PlantenWerkGroep
We beginnen op donderdagavond 10
april om 18.30 uur bij het voormalig busstation, thans cafetaria ‘de
Wachtkamer’ aan de Bedumerweg. We inventariseren voor Floron in het kader van
het witte gebiedenplan (atlasproject) bij Hoogkerk/Aduard en Bedum. We
verzamelen ons op genoemde plek elke donderdagavond (behalve Hemelvaart) tot
september.
Extra gaan we speuren naar
muurplanten op oude bruggen en sluizen en er zijn enkele excursies.
GROTE ZAAGBEKKEN op het meer van Annecy
(Frankrijk)
Grote zaagbekken broeden niet
alleen in Noord Europa, maar ook o.a. in het uiterst Oost Frankrijk en in
Zwitserland.
In mei 1996 zie ik de Grote
zaagbekken op een avond voor het eerst aan de zuidoever van het meer van
Annecy: een vrouwtje met 18 juveniel gedeeltelijk in haar kielzog en 6 op haar
rug!

De volgende dag blijkt een
tweede vrouwtje mee verantwoordelijk voor dit grote aantal. Een snel stromende
beek in het reservaat Le Bout du Lac is hun domein.
Mei 1997 weer een vrouwtje met
10 juveniel, ‘s morgens heel vroeg en ‘s avonds. Ruim een week later zijn ze zo
groot dat ze zelfstandig op visjes jagen. Met een sprongetje duik ze nauwelijks
onder het oppervlak van het water horizontaal de visjes na.
Dit jaar ben ik er weer. De
oudervogels zijn zo mak, dat ze op het campingstrand veren poetsen. De jongen
zitten op het meer weer gedeeltelijk op moeders rug, terwijl ze zelf met de kop
half onder water op visjes loert. De functie van de zaagbek is zo goed te zien.
Bewondert u de wintergasten
straks ook weer bijvoorbeeld in de haven van Lauwersoog?
Wiebe Postma
Van de redactie: helaas had dit
artikel eerder geplaatst moeten zijn.
De oproep is nu: heeft u tijdens
uw vakantie een bijzondere (natuurlijke) ervaring, eventueel met foto/dia, laat
het de redactie van de Padloper weten, dan kunnen wij dat plaatsen (deze keer
tijdig).
Kijk eens
naar hommels
Bovenstaande tekst stond boven een artikel in de eerste
Natura van 2003. Hiermee werd het startsein gegeven voor het tweede
waarnemingsproject over hommels. In 1994/95 was het eerste hommelproject. Dat
leverde 5000 ingevulde waarnemingsformulieren op.
Het aardige van hommels is dat
ze betrekkelijk makkelijk zijn waar te nemen en dat je er niet ver voor weg
hoeft. De eigen tuin of directe omgeving levert al voldoende waarnemingen om te
rapporteren met het formulier in de Natura 2003/1. Andere waarnemingen tijdens
excursies e.d. zijn natuurlijk ook van harte welkom. De KNNV besteed veel
aandacht aan het hommelproject.In de Natura’s van 2003 zal steeds een artikel
over hommels staan.Daarnaast is er de landelijke publiciteit. Een artikel in de Telegraaf en de Libelle leverde een
overstelpende hoeveelheid aanvragen voor een zoekkaart / waarnemingsformulier
op.
Als afdeling hebben wij
voldoende materiaal om u en anderen te voorzien zodat u het landelijke bureau
daar niet voor behoeft te bellen.
Wilt u één of meer
waarnemingsformulieren neem dan contact op met één van de bestuursleden.Weet u
een plek waar u/wij een affiche op kunnen hangen dan horen wij dat graag.
En tot slot: neemt u een hommel
waar die u niet kunt determineren (met de kaart), beschrijf hem dan goed of
vang hem en neem contact op met Wim Zolf. Hij zal proberen via deskundigen de
naam te achterhalen.

Dus
actie is geboden en let daarbij ook op zaken die in het eerste artikel van
Natura worden genoemd zoals: op welke plant trof je de hommel, buzzde hij/zij
etc
Wim Zolf
Natuurproject 2003 De Hunze
Dit jaar zal de KNNV afdeling Groningen het gebied De Hunze tussen het bestaande industrieterrein Euvelgunne en het toekomstige bedrijventerrein Eemspoort inventariseren voor de gemeente Groningen.
ligging
Het gebied ligt ingeklemd tussen
het bestaande industrieterrein Euvel-gunne ( westzijde) en het nieuwe
industrieterrein Eemspoort (oostzijde) en tussen de zuidelijke ringweg (
noordzijde) en de A7 (zuidzijde). Bij de aanleg van het industrieterrein
Eemspoort is het oorspronkelijke tracé van de Hunze bewaard gebleven en waar
mogelijk hersteld.
historie
Het beekdal is gevormd in de
ijstijd om het smeltende gletjeswater af te voeren en later veranderd in een
beek door de verminderde waterafvoer.
In het terrein zijn nog steeds
de oude meanders van de Hunze te herkennen. Het beekdal is al sinds het begin
van de jaartelling bewoond en bewerkt door mensen en is daarmee een oud
cultuurlandschap. In de lage gebieden langs de beek waren de graslanden voor
het vee en op de hogere stukken werden de gewassen geteeld. Het gebied wat nu
aangeduid wordt als de Hunzezone was vanouds een strook met kleine percelen
weiland met daarin boerenerven met de daarbij behorende begroeiing. De
stadsarcheoloog van de gemeente Groningen,
G. Kortekaas, heeft
archeologisch onderzoek gedaan in dit gebied, en heeft ook laten onderzoeken
welke planten hier in een grijs verleden hebben gestaan. In een volgende
Padloper hoop ik hier dieper op in te kunnen gaan.


nieuwe situatie
Met de aanleg, vanaf 2000, van het bedrijventerrein Eemspoort is de
Hunzezone weer teruggebracht in de oorspronkelijke ligging. Een groot deel van
het meanderende beekje was nog aanwezig als sloot of was herkenbaar aan de
structuur en verkaveling van het landschap. De Hunze heeft weer een wat meer
respectabele breedte gekregen door flauwe oevers en plasbermen in de
binnenbochten aan te leggen. De buitenbochten zijn relatief steil vormgegeven.
Het bochtige verloop is teruggebracht. Bestaande stroomwallen zijn gehandhaafd
en op sommige plekken is het reliëf verstrekt. Langs de oevers is de
oorspronkelijke verkaveling intact gelaten, en ook de boerderijen die er nog
staan, blijven gehandhaafd.
De Hunze wordt gevoed via de
bestaande sloten uit de zone, met regen - en met oppervlaktewater van de
aangrenzende bedrijfsterreinen. Door slootjes in kleine stukjes te koppelen
voeden ze zo regelmatig de Hunze met water. Er is ook een poel gegraven, welke
op het diepste punt anderhalve meter diep is. Poelen zijn ook vroeger ontstaan
bij overstromingen van de Hunze. De poel draagt bij aan de buffering van
regenwater en biedt een ecologische verrijking van het gebied. Er wordt gehoopt
dat amfibieën hier een goede plek vinden. Of de poel ook via het grondwater zal
worden gevoed, wordt deze zomer uitgezocht.
grondsoort
De bodem bestaat uit
verschillende soorten kleigronden. Een groot deel van de kleigronden bestaat
uit een lichte- of zware kleibovengrond op een zavel of kleigrond. Plaatselijk
kan en kattekleilaag zitten die zich op minder dan 80cm onder het maaiveld
bevindt.
beplanting en beheer
Het relatief droge gebied ten
westen van Euvelgunne zal beplant worden met een houtwal met als soorten
Polulier, Meidoorn, Sleedoorn, Braam en Vogelkers. De Eemspoort zal vanuit het
gebied deels aan het oog onttrokken worden door een struweelbeplanting van
Zwarte Els, Grauwe wilg, Gelderse roos en Meidoorn. De struweelbeplanting zal
de eerste jaren beschermd worden tegen begrazing.
De overige gebieden, naast de boerderijtuinen,
krijgen een stroomdallandschap met een soortenrijke grasvegetatie. Hier zal
zomerbegrazing plaats vinden met een dichtheid van maximaal 1 tot 1,5 rund per
hectare. Distels en andere ongewenste vegetatie zal een keer per jaar (
september) worden uitgemaaid in het weidegebied.
In de sloten zal een
doorstroomprofiel van 1 meter worden gehandhaafd, in het overige deel zal
vegetatie zijn toegestaan.
De poel zal jaarlijks deels
worden geschoond, het talud van de poel twee keer per jaar worden gemaaid (half
juni en september) . Een gedeelte van het maaisel zal in depot worden gezet als
overwinterings-mogelijkheid voor amfibieën.
plannen
Plannen om de Hunze ook te
verbinden met het deel aan de noordkant van de rondweg stuiten op een weigering
van RWS. In de planvorming van het aangrenzende bedrijventerrein (
Milieuboulevard II) zal voortzetting van de Hunze naar het zuiden toe worden
opgenomen.
De plannen voor de Hunzezone
zijn aan de zuidkant nog niet voltooid. De meeste woningen in Roodehaan zullen
worden gesloopt, de verwerving van eigendommen is nog niet afgerond.
Alleen bestaande
bedrijfs(boerderij) locaties zullen gebruikt worden voor nieuwe vestigingen van
bedrijven. Van de toekomstige bedrijfslocaties zijn er een aantal conform
bestemmingsplan in gebruik. Sinds september 2001 hebben reeds gevestigde
ecologische bedrijven het initiatief genomen tot de realisering van een cluster
voor ecologische bedrijven in de Hunzezone, te beginnen in de Oude Roodehaan.
De gemeenteraad heeft vervolgens vastgelegd dat bij vestiging van nieuwe
bedrijven de voorkeur zal worden gegeven aan bedrijven in de ecologische
sector.
(Bronnen (soms letterlijk): SrIR-voorbeeld-Project
Hunzezone, Eindverslag; Beheerplan Hunzezone, CONCEPT, nov. 2002)
Excursies / inventarisaties
De afdeling Groningen heeft
vooralsnog vier excursies gepland in het gebied. Alle excursies zullen beginnen
op de hoek van de Gothenburgweg en de Kielerbocht (vertrekpunt), dit is
aan de noordwestkant van het gebied. Een busstation is vlakbij aan de andere
kant van de Beneluxweg aan de Osloweg. Iedereen is welkom op deze excursie
waarop of planten dan wel vogels zullen worden geïnventariseerd.
Zondag 18 mei vogelinventarisatie
Deze excursie zal worden geleid door Wim Zolf en vertrek
om 8.00 uur vanaf het vertrekpunt. Aanmelden is noodzakelijk
Wim Zolf 0592 - 434834
Zondag 25 mei vogelinventarisatie
Ook deze excursie zal worden geleid door Wim Zolf en
vertrek om 8.00 uur vanaf het vertrekpunt. Aanmelden is noodzakelijk
Wim Zolf 0592 - 434834
Dinsdag 3 juni planteninventarisatie
Kees Boele zal de inventarisatie
leiden en speciaal aandacht en uitleg geven aan planten die aan de oevers
gevonden kunnen worden. Vertrek om 19.00 uur op het eerder genoemde
vertrekpunt.
Dinsdag 1 juli planteninventarisatie
Kees Boele zal de inventarisatie
leiden en speciaal aandacht en uitleg geven aan planten die in het water
gevonden kunnen worden. Vertrek om 19.00 uur op het eerder genoemde
vertrekpunt.

Leden die graag nog eens op een
andere dag alleen of samen met anderen planten, vogels of iets anders willen
inventariseren zijn van harte welkom. Neem dan contact op met Brenda Bolt 050
5273227.
Gezocht: Dennenwolfsklauw
Medewerking gevraagd naar
aanleiding van recente vondsten in Drenthe en Groningen.
De
Dennenwolfsklauw (Huperzia selago) is een van de zeldzaamste plantensoorten van
onze inheemse flora. Een
berekende trend op basis van een vergelijking tussen 1935 en 1999 laat een zeer
sterke afname zien. Momenteel is de soort geclassificeerd als zeer zeldzaam en
in zijn voorkomen vrijwel beperkt tot de noordelijke helft van ons land. In
Drenthe is de soort omstreeks 1992 voor het laatst aangetroffen.Verrassend is
dan ook dat Dennenwolfsklauw in 2002 op twee plaatsen in Drenthe en op zes plaatsen in Groningen is gevonden.
Graag
willen wij met het oog op een in bewerking zijnde artikel over Dennenwolfsklauw
in Nederland zoveel mogelijk gegevens verzamelen over recente groeiplaatsen.
Alle informatie is welkom! We hopen echter vooral dat in het komende groeiseizoen
floristen hun ogen extra de kost willen geven. Het onder de aandacht brengen
van het voorkomen van een bepaalde (zeldzame) soort heeft in het verleden
immers al vaker geleid tot het daadwerkelijk vinden van nieuwe groeiplaatsen.
Elke florist kent daar wel voorbeelden van.
Voor
het vinden van Dennenwolfsklauw is het belangrijk de eventueel op het oog
geschikte locaties nauwgezet af te speuren. Planten worden gemakkelijk gemist.
Bovendien bestaan populaties in veel gevallen uit slechts één of enkele planten.
Welke
locaties zijn geschikt? Globaal kan gelet worden op plaatsen met vochtige
(leemhoudende) zandgrond en met open plekken tussen de aanwezige
begroeiing.Groeiplaatsen zijn vaak iets beschaduwd en in heuvelachtig terrein
(of sloottaluds) groeit de plant bij voorkeur op noordhellingen. De
plantengroei wordt vaak gekarakteriseerd door Struik - en Dopheide en algemeen
voorkomende mossen als Gewoon haarmos en Groot rimpelmos. In de (onmiddellijke)
omgeving bestaat een goede kans op het aantreffen van andere zeldzame soorten
als Grote wolfsklauw en Moeraswolfsklauw.
Dergelijke
groeiomstandigheden zijn o.a. te vinden in zandafgravingen, heidevelden, ijle
bossen, ongemaaide sloottaluds e.d., maar ook in natuurgebieden waar herstel
van (zeer) voedselarme omstandigheden heeft plaatsgevonden. In het laatste
geval moeten deze minstens zo’n tien jaar geleden aangelegd zijn. Zoeken op
plaatsen waar deze herstelmaatregelen de afgelopen vijf jaar hebben plaatsgevonden is weinig
zinvol.
Met het oog op te verrichten
metingen aan de plant en te maken vegetatieopnames willen wij bij voorkeur elke
groeiplaats bezoeken. In ieder geval willen wij graag het volgende weten: naam
gebied, coördinaten, beschrijving groeiplaats, aantallen, degene die de planten
gevonden heeft en datum van de vondst.
Voor vragen e.d. kan men contact
opnemen met mij. Mede namens Piet Bremer alvast bedankt en we hopen natuurlijk
op reacties.
Bert Oving
Parelduiker 17
9648 DE Wildervank
telefoon: 0598-619827/ 06-51238940
e-mail: bertoving_at_wanadoo.nl

Aandacht voor bedreigde plantensoorten 2003
Nederland heeft een rijke flora.
Veel plantensoorten staan echter onder druk. Van de 1490 vaatplanten staan er
499 op de Rode Lijst.
Voor 2003
heeft FLORON een selectie gemaakt van 25 zeldzame bedreigde plantensoorten
(tabel1) waarvan zij dit jaar een compleet overzicht willen maken. Van de
meeste soorten zijn al flink wat gegevens verzameld in de afgelopen 4 jaar. Met
hulp van FLORON districtscoördinatoren, enthousiaste floristen en KNNV-ers moet
het mogelijk zijn om de ontbrekende kennis in het komende veldseizoen te
verzamelen. Vanuit het Landelijk Bureau zullen terreinbeheerders en
soortdeskundigen worden geraadpleegd om zoveel mogelijk te weten te komen over
de locatie en de grootte van de overige populaties. Aangezien de 25 soorten
allemaal zeldzaam zijn, zijn er FLORON-districten waarin nauwelijks
vindplaatsen voorkomen. We hebben daarom een algemenere soort toegevoegd die
karakteristiek is voor een van de belangrijke (half) natuurlijke biotopen in
Nederland: namelijk de natte voedselarme graslanden. Het betreft Spaanse
ruiter. De soort komt voor in natuurgebieden en tot 20 jaar geleden ook nog
verspreid in het cultuur-landschap van de laagveen-gebieden en de natte
zandgronden. Hoeveel populaties zijn er nog over van de 380 die sinds 1975 in
FlorBase-bestand zijn vermeld? Zijn er nog populaties in het cultuurland? Hoe
groot zijn de nog aanwezige populaties? Spaanse ruiter wordt door veel
organisaties als symbool voor moerassen en het kleinschalig agrarisch landschap
beschouwd. Laten we nu eens proberen om vast te stellen hoe het met dit logo
van natuurlijk Nederland is gesteld?
Meedoen?
We hopen dat velen zich willen
inzetten voor dit project en zo bij te dragen aan een betere bescherming van de
wilde flora in Nederland.
In de provincie Groningen komt
Rozenkransje en Honingorchis voor in de Lauwersmeer. Zeevenkel groeit op de
zeereep en is bekend van de Eemshaven. Groensteel behoort tot de muurvegetatie
en van de Spaanse ruiter is bekend dat deze bij Ter Apel en in het
Westerkwartier op en iets over de grens van Friesland voorkomt. Zijn deze
gegevens nog juist? Indien je een of meerdere van de 26 soorten vindt, noteer
dan precies waar en hoeveel en geef dit zo spoedig mogelijk door aan Willem Stouthamer
(FLORON districtscoördinator).
Tabel 1. Lijst van bedreigde soorten 2003
|
|
Wetenschappelijke naam |
Nederlandse naam |
|
1 |
Aceras anthrophoprum |
Poppenorchis |
|
2 |
Antennaria dioica |
Rozenkransje |
|
3 |
Apium repens |
Kruipend moerasscherm |
|
4 |
Arctostaphylos uva-ursi |
Berendruif |
|
5 |
Asplenium viride |
Groensteel |
|
6 |
Ceterach officinarum |
Schubvaren |
|
7 |
Cornus suecica |
Zweedse kornoelje |
|
8 |
Crithmum maritimum |
Zeevenkel |
|
9 |
Eriophorum latifolium |
Breed wollegras |
|
10 |
Erysimum cheiri |
Muurbloem |
|
11 |
Gentianella ciliata |
Franjegentiaan |
|
12 |
Herminium monorchis |
Honingorchis |
|
13 |
Juncus capitatus |
Koprus |
|
14 |
Lobelia dortmanna |
Waterlobelia |
|
15 |
Melampyrum arvense |
Wilde weit |
|
16 |
Moneses uniflora |
Eenbloemig wintergroen |
|
17 |
Ophrys insectifera |
Vliegenorchis |
|
18 |
Orchis simia |
Aapjesorchis |
|
19 |
Orobanche rapum-genistae |
Grote bremraap |
|
20 |
Pinguicula vulgaris |
Vetblad |
|
21 |
Spiranthes spiralis |
Herfstschroeforchis |
|
22 |
Teucrium scordium |
Moerasgamander |
|
23 |
Vaccinium uliginosum |
Rijsbes |
|
24 |
Viola lutea subsp.
calaminaria |
Zinkviooltje |
|
25 |
Viola persicifolia |
Melkviooltje |
|
26 |
Cirsium dissectum |
Spaanse ruiter |
EXCURSIEVERSLAGEN
Snertwandeling op 5 januari 2003
Op het parkeerterrein van
herberg de Blankehoeve schudden 20 KNNV-ers elkaar de hand om nieuwjaarswensen uit te wisselen.
Het was een koude morgen en de
kleur van de lucht verraadde dat een sneeuwbui niet ver weg was.
De wandeling in het
Noordlaarderbos ,was een echte wandeling waarbij weinig op de natuur werd gelet
maar des te meer informatie werd uitgewisseld waar ieder vorig jaar op vakantie
of excursie was geweest. Ook de vakantie voornemens en excursiedoelen voor 2003
werden doorgenomen.
De snertwandeling is dan ook een
echt sociaal gebeuren en geen echte excursie . Toch werden nog enkele vogels
waargenomen die het vermelden waard waren zoals enkele Buizerds en een paartje
Goudvinken. Ook de uitleg bij de pingo aan de Duinweg kon ieder boeien.
Na de wandeling liet ieder zich
de snert in de Blankehoeve goed smaken en een enkeling vond het laat genoeg en
koud genoeg voor een berenburger.
Buiten was het intussen gaan
sneeuwen en dat verleidde enkelen er toe niet naar huis te gaan maar een
sneeuwwandeling te gaan maken.
Wim Zolf
Vogelexcursie Eemshaven op 16
februari
Het was
een koude gure dag waarop 7 KNNV-ers, waaronder de secretaris van de afdeling
Assen en zijn vrouw, naar de Eemshaven trokken.
De
Julianahaven was leeggeblazen op een aantal Wilde eenden na en enkele
Wintertalingen.
De bekende plekken in de Eemshaven-West leverden niet meer dan enkele verdwaalde vogels op: één Grutto, één Buizerd en ga zo maar door.
Met dit
slechte resultaat in het achterhoofd en de snijdende kou buiten zette het
auto-convooi koers naar de zg. rommelhoek met als doel daar naar Sneeuwgorzen
te kijken.Toen bleek dat een wandelaar hier zijn hond uitliet was ieder rijp om
de excursie af te blazen en naar huis te gaan.
Helaas.
Uw rapporteur kon het niet laten en reed naar de Eemshaven-oost . Onderweg zag
hij een vrouwtje Blauwe kiekendief en op de toren van de Eemscentrale zat een
paartje Slechtvalken (dat daar waarschijnlijk deze zomer wel weer zal broeden).
Wim Zolf
Lezing
Middag-Humsterland door Ben Westerink dd. 28 januari
Onze afdeling was heel blij dat Ben Westerink een
inleiding wilde houden over Middag-Humsterland. Vanwege het onderwerp en de
inleider was voor de nodige publiciteit gezorgd bij o.a.collega-afdelingen en
in de Gezinsbode. Toen echter op de dag van de lezing Ben Westerink zelf
geïnterviewd werd in het Dagblad van het Noorden en aangaf dat hij ’s avonds
een lezing ging houden voor de KNNV, wisten we dat we over belangstelling die
avond geen klachten zouden krijgen. KNNV-ers, bewoners van Humsterland en
andere belangstellenden bevolkten de filmzaal.
Kortom ,de thuisblijvers hadden
gelijk. In de filmzaal van het Natuurmuseum was geen plaatsje meer onbezet.

Ben schetste in zijn lezing de
ontwikkeling van het noordelijk deel van onze provincie in de loop der eeuwen.
Bijzonder daarbij was dat dit niet
alleen een verhaal was van aanwas en aangroei maar ook van afkalving. Duidelijk
was ook dat de mens geleerd had met het water te leven middels wierden en
terpen.
Aardig was dat Ben en passant
opmerkte dat een ramp als in 1953 hier in het Noorden minder slachtoffers zou
hebben gemaakt door de opbouw van het landschap middels die wierden en terpen.
Het Humsterland kenmerkt zich als
een weids land dat zeer geschikt is om te fietsen en voor auto’s vaak enige
frustratie oplevert vanwege de doodlopende wegen.
Meest opvallend in het landschap
zijn de kromme en kronkelige sloten.Deze sloten hebben hier al eeuwen zo
gelegen.Het zijn voormalige prielen.Deze wadgeulen dateren uit de periode dat
de Waddenzee en de uitstromende rivieren hier nog vrij spel hadden.Dat vrije
spel heeft geduurd tot de twaalfde eeuw, toen is men het gaan bedijken.

Dat vrije spel heeft niet alleen
sporen nagelaten door middel van de kromme sloten maar ook als relief in het
landschap.Zo zijn als gevolg van de riviertjes de Hunze en de Drentsche Aa
oeverwallen in het landschap zichtbaar.Die riviertjes maakten in een bepaalde
periode dat er eilanden ontstonden: Humsterland en Middag.
Ben Westerink vertelde nog veel
meer boeiende zaken over de voorbije eeuwen in dit landschap.En boeiend en
belangwekkend is het landschap zelfs zodanig dat het is voorgedragen als
werelderfgoed van de UNESCO. Kortom, ga dat zien ,maar niet nadat je er iets
over gelezen hebt.
Wat tenslotte opviel was dat Ben een echte
dia-lezing hield met nadruk op lezing. Deze aanpak leidde tot vele enthousiaste
reacties uit de zaal. Een leuke leerzame avond dus.
Wim Zolf
Naar de knoppen
Op
zondagochtend 9 maart verzamelden zich enkele leden voor het landgoed de Braak
in Paterswolde. Nog geen blad te bekennen, toch zal Kees Boele ons uitleggen
hoe de bomen in het vroege voorjaar te herkennen zijn. Bij de determinatie
gebruikt Kees de Knoppentabel. Een oude uitgave van de NJN, misschien nog te
verkrijgen via de boekenstand op een vergadering e.d. van Jan Luit.
In de inleiding van de
knoppentabel staat: “Wat valt er zoal op te merken aan een ‘kale’ boom? dat
zijn verschillende dingen; knoppen, takken, stekels, doorns en verschillende
soorten bast. Er zijn eindknoppen en zijknoppen te onderscheiden. Zijknoppen
worden verdeeld in okselknoppen, die in de bladoksel staan en toevallige
knoppen, die op willekeurige plaatsen staan. Nu kunnen er in een blad oksel een
of meerdere knoppen ontstaan. Als er meer zijn onderscheidt men hoofd - en
bijknoppen, b.v. Vlier of Kamperfoelie. De knoppen kunnen vrij liggen, maar ook
in de stengel ingezonken zijn b.v. bij de Acacia. Verder kunnen de knoppen
naakt zijn of bedekt; in het laatste geval heeft de knop knopschubben. Deze
knopschubben zijn vervormde bladeren, bladstelen of steunbladeren”. En zo gaat
de inleiding verder. Stadje voor stapje zijn waarnemingen verwoord en
systematisch gerangschikt. Nu zullen we onze waarnemingen nog moeten omzetten
in herkenning.
Direct naast de auto’s aan de
slootkant staat een Zwarte els (Alnus
glutinosa); voor een ieder makkelijk te herkennen aan zijn bloei en
veelvuldig voorkomen. De knoppen staan in drie rijen en zijn gesteeld. De
bloeiwijze schutblad bruinachtig tot paarsrood, vaak met een grijsblauwe vlek
in het midden; pruimenblauw zegt Siny Becker treffend. De mannelijke katjes
zijn 6-12 cm lang, eindstandig, 3-6 bij elkaar en de vrouwelijke staan in zijstandige,
gesteelde, 1-2 cm lange kale bloeiwijze.
De Hazelaar (Corylus avellana)
staat al in bloei. Siny Becker merkt op dat het net rode sterretjes zijn. De
knoppen van de Zomereik zijn stomp, kort en gewimperd, van de Wintereik lang en
spits en van de Amerikaanse eik kaal. De Meidoorn heeft stekels en mooie ronde
knopjes. De knoppen van de Vlier staan half open en laten opgerolde blaadjes
zien. De Es heeft donkere hoekige knoppen en de knoppen van de Esdoorn zijn
groen met een zwart randje (de Noordse esdoorn heeft dat niet). Een Lijsterbes
heeft kromme takken en korte loten. Een galwesp ter grote van een potloodpunt
laat zich bewonderen. Kees weet te vertellen dat deze tot de voorjaarsgeneratie
behoort. In het bos staan Grijze gaatjeszwam (Bjerkander adusta). Oranje aderzwam (Phlebia merismoides), Zwarte
– (Exidia glandulosa) en Gele
trilzwam (Tremella mesenterica) en
Oranje dropzwam(Dacrymyces stillatus).
Op een Vlier staat Judasoor (Auricularia auricula-judae).
De knoppen van een Beuk zijn
lang en spits en Kees laat goed het verschil zien met de Haagbeuk, welke
schijnbaar eindstandige knoppen heeft en deze knoppen zijn een stuk korter. De
Ruwe berk heeft onbehaarde knoppen en de Kastanje plakkerige knoppen en op de
bast lenticellen. Enfin zo kan ik wel doorgaan, ga een volgende keer zelf mee
op excursie. Tenslotte gaan we Vennebroek in tegenover de Braak. Vanuit de
vogelhut nemen we vele vogels waar op en om het Friese veen, waarvan ik alleen
de Grote zaagbek noem.
Kees
Boele bedankt, wellicht voor herhaling vatbaar.
(Je behoeft niet weer in de
honden-shit te vallen, opdat we je volgen.)
Willem
Stouthamer
Literatuur:
-
Knoppentabel, Sam Segal, uitgave NJN
-
Bloemen van bomen en heesters in West- en Midden Europa,
Jean-Dennis Godet, uitgave Thieme-Zutphen ISBN 90-03-98290-2
-
Knoppen en takken van bomen en heesters, Jean-Denis Godet,
uitgave Thieme-Zutphen, ISBN 90-5210-070-5
-
Paddenstoelen en schimmels van West-Europa, Roger
Phillips, uitgave Spectrum Natuurgids ISBN 90 274 77078
Recent verschenen publicaties
In de serie Nederlandse Fauna is verschenen deel 4
DE
NEDERLANDSE LIBELLEN
(ODONATA) onder auspiciën van de
Nederlandse vereniging voor Libellenstudie.
Het is evenals zijn voorgangers
geen boek dat je even in de zijtas meeneemt, maar voor de studie van Libellen
uitermate geschikt naast de Veldgids Libellen.
In dit boek wordt naast de
hoofdstukken over o.a. bouw en ontwikkeling, levenswijze, biotopen en
bescherming alle in Nederland voorkomende soorten beschreven.
De soortbeschrijvingen gaan
gepaard met zeer duidelijke foto’s en of tekeningen.
Al met al een boek dat zijn
prijs ten volle waard is en vooral voor liefhebbers van Libellen een must.
Prijs € 67,50
* * *
Een tijdje geleden is ook verschenen
ZELF DE NATUUR IN
Dit boek is een verbeterde en
herziene uitgave van het jaren geleden verschenen Basis Natuurboek.
Het is speciaal voor diegene,
die beginnen op het gebied van de veldbiologie, maar er zit voor ‘elck wat
wils’ bij. Dit boek is geschreven door jongeren uit de NJN.
Het boek bestaat uit twee delen.
In het eerste deel besteden de auteurs aandacht aan de verschillende
ecosystemen, grondsoorten, klimaat, de geschiedenis van de ecologie, veldbiologie
en natuurbescherming.
In het tweede deel komen de
meest algemene en herkenbare planten en dieren aan bod. Per soort worden
kenmerken, levenswijze en leefgebied beschreven.
Hoewel de auteurs schrijven dat
dit boek in de excursietas van ieder hoort, vind ik het toch iets te groot
daarvoor.
Maar zij, die zonder diepgaand
onderzoek toch veel willen zien, kan ik dit boek van harte aanbevelen.
ZELF
DE NATUUR IN (Basisboek voor veldbiologie in Nederland) onder redactie
van S. Turhout et al.
Prijs € 16,95
Atlas van
de Flora van Oost-Gelderland
De oostelijke helft van
Gelderland is bij floraliefhebbers goed bekend. De flora van de bekende
natuurgebieden zoals het Korenburgerveen, de Bekendelle, Montferland, de
Kruisbergsche bosschen, de Veluwezoom en de Millingerwaard werd al in diverse
publicaties beschreven. Wat er in de minder bekende natuurterreinen, in
agrarisch gebied en in de bebouwde gebieden groeit is maar bij een enkeling
bekend.
De plantengroei ten oosten van
Apeldoorn en Nijmegen is nu volledig in kaart gebracht. De auteurs Benno te
Linde en Louis-Jan van den berg zijn de afgelopen vijftien jaar vanaf het
vroege voorjaar tot ver in de herfst in het veld geweest. Doordat hun
ervaringen in de teksten doorklinken ontstaat een accuraat beeld van ontwikkelingen
in het gebied. Oost-Gelderland, floristisch één van de rijkste gebieden van
Nederland, is aan sterke veranderingen onderhevig! Plantensoorten die soms al
meer dan een eeuw uitgestorven leken verschijnen in afgegraven terreinen. Uit
zuidelijke streken afkomstige plantensoorten groeien tegenwoordig in maïsakkers
en aan rivieroevers. Intussen gaan veel gevoelige soorten achteruit of staan op
het punt te verdwijnen.
In totaal zijn door de amateurs
en professionele onderzoekers in de periode 1989 en 2001 meer dan 500.000
gegevens verzameld. Deze zijn verwerkt tot verspreidingskaartjes. De
verspreiding wordt per vierkante kilometer weergegeven. Vrijwel alle 1900
plantensoorten die in 19e en 20e eeuw in het onderzochte
gebied zijn gevonden komen alfabetisch aan bod. Inleidende hoofdstukken gaan in
op de ontwikkelingen en veranderingen in de Oost-Gelderse Flora, het onderzoek
naar de verspreiding van wilde planten en plantengeografische ligging van
Oost-Gelderland.
Formaat 22,6X28,6 cm
omvang 544 blz.
genaaid en gebonden uitvoering.
Illustraties: 1100 verspreidingskaartjes, 150
kleurenfoto’s van kenmerkende platensoorten, foto’s van bijzonder
herbariummateriaal en historische verspreidingskaarten
ISBN 90 9016181-3
Prijs € 59,50 (incl. verzendkosten)
postgiro 8159656
Informatie: Stichting de Maandag,’s Herenhof 68, 6909 DC
Babberich
Email flora-atlas_at_planet.nl of tel. 0316 248928 en 0544
372594
GIERZWALUWKALENDER

± half april Aankomst
Gierzwaluwen arriveren (vaak tegen de avond)
± 1 mei – 20 mei Paartijd
Er nog maar weinig Gierzwaluwen
rond. De broedvogels blijven langdurig op het nest, ze spapen, poetsen veertjes
en knappen het nest op. Bij mooi weer baltsvluchten en paring. De eerste eieren
worden rond 15 mei gelegd.
± 20 mei – 15 juni
Broedtijd (± 20 dagen)
Er komen steeds meer
gierzwaluwen terug, de vogels zonder nestplaats arriveren nu ook.
Bij slecht weer (weinig
vliegende insecten) trekken de niet-broeders weg. Broedvogels zijn bij slecht
weer op de nesten. Als het langere tijd blijft regenen trekken zij ook weg en
laten de eieren in de steek. Zijn de eieren bij terugkomst te ver afgekoeld,
dan worden er nieuwe gelegd nadat de oude uit het nest zijn gewerkt.
Mannetje en vrouwtje broeden om beurten.
± 10 juni – 20 juli
Nesttijd (± 42 dagen)
De laatste niet-broedende vogels
arriveren, de kolonie is nu compleet.
De jongen worden geboren, ouders
voeren met tussen pozen van 3 kwartier tot een uur. Ze fourageren hoog boven de
nestplaats, vaak niet waarneembaar met het blote oog. De niet-broeders trekken
overdag naar gebieden waar veel insecten zijn. ‘s Morgens en ‘s avonds voeren
ze giervluchten uit langs de nesten. Soms gaan ze even bij een invliegopening
hangen en schreeuwen om te controleren of het nest bezet is. De broedvogels
geven antwoord.
Bij slecht weer blijven de
broedvogels zolang mogelijk op de nesten. Houdt het slechte weer aan dan
verlaten zij het nest, trekken weg en laten de jongen achter. Deze kunnen ± 7
dagen zonder eten, ze raken in een soort winterslaap, zijn de ouders tijdig
terug dan gaat alles weer gewoon door. Ongeveer een kwartier na zonsondergang
komen de broedvogels naar het nest om te slapen. De vogels zonder nesten (50 %
van wat er rond vliegt, verzamelen zich en stijgen naar een hoogte van minstens
3000 meter. Op deze hoogte slapen ze, zwevend in de lucht.
± 20 juli – 5 augustus
Uitvliegtijd, begin trek
De jongen beginnen uit te
vliegen. De giervluchten zijn rond 20 juli op zijn hevigst om de aarzelende
jongen naar buiten te lokken? Grote groepen Gierzwaluwen zijn hoog in de lucht
waarneembaar, ze verzamelen zich voor de trek naar Afrika.
Eind juli begint het ineens stil
te worden. groepen trekkende Gierzwaluwen zijn waar te nemen. broedvogels met
late legsels blijven om hun taak te volbrengen, soms zelfs tot begin september.
Overgenomen uit: Bouwen voor Gierzwaluwen 2002, M.
Mourmans - Leinders
Uitgave: Zwaluwen, Adviesbureau op non-profit basis,
Roosendaal
Zwaluwen_at_hotmail.com, ISBN 90-9015861-8
Adressen
Informatie: Stichting Gierzwaluwen-werkgroep Nederland,
afdeling Groningen R. Lindeboom, tel. 050 5425163 of rlin_at_planet.nl
Aankoop neststenen en dakpannen: Buitenbedrijf B.B.Z. tel.
050 3145027 of BBZ_at_INN,nl
Noot
Geldt bovenstaande kalender ook voor Groningen?
Willen de leden (vooral van de vogelwerkgroep) dit
bijhouden,
opdat er in het herfstnummer van de Padloper op terug kan
worden gekomen?
Wie meldt zijn eerste waarneming (bij de
redactie)?
PLANTENCURSUS
In de jaren tachtig werd
viermaal een plantencursus verzorgd onder de vlag van de FFF (Fryske Feriening
foar Fjildbiology). Dat deze cursus in een behoefte voorzag en succesvol was,
mag blijken uit het feit dat de ‘harde kern’ van die vier cursussen nog steeds
zeer actief is met de studie en het inventariseren van de flora en vegetatie
o.a. in FLORON verband. De laatste cursus sloot af in 1990, al weer 13 jaar
geleden. Steeds vaker werd dan ook de vraag gesteld om de plantencursus te
herhalen. Reden voor Jacob Koopman om die handschoen andermaal op te pakken.
De nieuwe cursus neemt twee jaar
in beslag en is dan ook behoorlijk intensief. Dit jaar worden 12
theorie-avonden gehouden en 4 excursies. In dit eerste jaar wordt aandacht
besteed aan de bouw van de bloem, een aantal families en een aantal
leefgebieden Bijvoorbeeld: de ranonkel-familie, het bosgebied, grassen, het
moerasgebied, het kweldergebied, composieten en ruderale planten).
De theorielessen zijn in 2003
gepland op 13, 20, 27 mei, 3, 10, 17, 24 juni, 1 juli, 2, 9, 16 en 23
september. Excursies worden gehouden op 14, 21, 28 juni en 13 september. In het
jaar 2004 zijn van mei tot oktober eveneens 12 theorielessen gepland naast een
zestal veldexcursies. In dat jaar zal er onder andere aandacht zijn voor
stinseplanten, orchideeën, vlinderbloemige, heiden en duinen. De theorielessen
beginnen steeds om 19.30 uur en eindigen om 21.30 uur. De cursusplaats is
hoogst waarschijnlijk het S.O.B. te Heerenveen. Docent is Jacob Koopman. Hij
verzorgt ook de waardevolle cursusmap vol informatie. Er kunnen maximaal 26
cursisten meedoen. De kosten zijn € 80,--
per cursist per jaar (vooraf te voldoen).
Opgave
voor deze zeer verzorgde en leerzame cursus bij:
Jacob Koopman, Scholeksterstraat 63, 8446 HZ Heerenveen
tel. privé / ‘s avonds 0513 683344, werk / overdag 0561
618818 of Emailadres j.koopman_at_aoc-terra.nl
Naschrift: Zelf heb ik indertijd ook deze 2 jaar durende,
zeer deugdelijke cursus met veel plezier gevolgd.
Willem Stouthamer
Biotoopbescherming
Alle Terreinen
Vleermuis
Excursie programma Stichting BAT zomer 2003
De
excursie zijn steeds op woensdagavond; opgave vooraf is niet nodig. Er wordt
een bijdrage gevraagd van € 2,-- kinderen half geld.
Info:
Marjan van Oosten tel. 050 3144605 / Email marjan.oosten_at_12move.nl of Hans
Tiddens tel. 0598 446274 / hans.tiddens_at_12move.nl
14 mei Groenestein, Groningen. We starten bij de
parkeerplaats om 21.00 en de excursie duurt tot 23.00 uur
4 juni Sterrebos, Groningen. De excursie begint om 21.30 uur bij
de koepel en duurt tot 23.00 uur.
16 juni Nienoord, Leek. De excursie start 21.30 uur met een
inleidend praatje op de parkeerplaats en duurt tot ongeveer 23.00 uur.
30 juli Eelderbaan, Groniongen. De excursie start om 21.00 uur
bij de kinderboerderij aan de Legeweg 2 en duurt tot 23.00 uur.
13 augustus Vlindertuin “De Kleine Vos”. We beginnen om 20.00
uur. Startpunt spreekt voor zich, het is een mooie combinatie met de vlinders,
de nieuwe kelder en de vleermuizen. Dus kom op tijd en geniet. De excursie
duurt tot 23.00 uur.
27 augustus Sassenhein, Haren. Start om 20.00 uur op de
parkeerplaats bij het cafe, de excursie duurt tot 23.00 uur.
10 september Noorderplantsoen. We starten om 19.30 uur bij
Jantje zag eens “vleermuizen” hangen midden in het park om. De excursie duurt
tot 23.00 uur.
24 september Vosbergen, Eelde. We verzamelen ons om 19.00 uur bij de parkeerplaats bij de
begraafplaats aan de bosrand. De excursie duurt tot 23.00 uur.
IVN Groningen/Haren
Programma voorjaar/zomer 2003
Cursussen:
Wilde
plantencursus: in het voorjaar van 2003 wordt weer een wilde
plantencursus gegeven, hetgeen een ideale cursus is voor mensen die hun
plantenkennis willen verbreden dan wel opbouwen. De cursus bestaat uit vijf
theorielessen, die op de maandagavonden 14/4, 12/5, 26/5, 16/6 en 23/6 in het
Natuurmuseum aan de Praediniussingel worden gegeven en vijf excursies, die op
de zaterdagochtenden 19/4, 17/5, 31/5, 21/6 en 28/6 plaats vinden. De kosten
bedragen € 35,00 voor IVN-leden en –donateurs en € 40,00 voor niet leden/donateurs. Info/opgave
bij Ernst Flentge 050 5349131
Vogelcursus
voor beginners: in het voorjaar van 2003 wordt weer een vogelcursus
voor beginners gegeven. De cursus bestaat uit vijf theorielessen, die op de
dinsdag-avonden 25/3, 1/4, 8/4, 15/4 en 22/4 in het Natuurmuseum aan de
Praediniussingel worden gegeven en vijf excursies, die op de zaterdagochtenden
29/3 Hoornse Meer, 5/4 De Braak, 12/4 Kardinge, 19/4 Lauwersmeer en 11/5
Stadspark plaats vinden. De kosten bedragen € 32,50
voor IVN-leden en –donateurs en € 40,00 voor niet
leden/donateurs. Info/opgave Gertjan Huiskes 050 5733682
Libellencursus
voor beginners: leefwijze,
voorkomen,welke soorten rond Groningen te vinden en hoe ze te herkennen. De
cursus bestaan uit 2 theorielessen op woensdagavond 14/5 en 28/5 in het
Natuurmuseum en 2 excusies op zaterdagochtend 31/5 en 16/8. Kosten zijn €
12,50 voor IVN-leden/donateurs en €
15,-- voor niet leden; opgave Willy Sjaarda 050
5419726
korte
Vogelcursus voor gevorderden: in het najaar van 2003 start
een vogelcursus voor gevorderden. De cursus duurt circa een jaar: tien
theorie-avonden en tien bijbehorende excursies

IVN
Groningen/Haren
Programma voorjaar/zomer 2003
Excursies:
Zaterdag
26 april: fietsexcursie in polder Matssloot met als thema Weide-,
water- en moerasvogels. Vertrek per fiets om 9.00 uur bij
Stadsparkpaviljoen. Circa 14.00 uur terug in stad. Info Harrie Westerhuis 050
5260296.
Zondag 11
mei: wandelexcursie in Stadspark met als thema Vogelzang.
Vertrek om 4.00 uur bij ijscokraam op hoek Paterswoldseweg/Concourslaan. Circa
7.00 uur einde excursie. Info Harrie Westerhuis 050 5260296.
Zaterdag
24 mei: wandelexcursie in het Bargerveen met als thema Heide-,
water- en moerasvogels. Vertrek per auto om 16.00 uur van Overwinningsplein.
Circa 24.00 uur (i.v.m. beluisteren van nachtzwaluw) terug in stad. Opgave/info
Rob Lindeboom 050 5425163
Zondag 1
juni: wandelexcursie in de Appelbergen met als thema Planten
in de Appelbergen. Start 14.00 uur op de parkeerplaats Appelbergen (vanaf
Haren over het spoor links). Info Gertjan Huiskes 050 5733682
Zaterdag
6 september: wandelexcursie rondom het Friescheveen met als thema Bessen
en andere herfstvruchten. Start 14.00 uur op de parkeerplaats van café
Friescheveen aan de Meerweg. Info Geurt Verweij 050 5416916
Zondag 5
oktober: wandelexcursie in het Sterrebos met als thema Planten
in de herfst. Start 14.00 uur bij de ingang van het Sterrebos aan de zijde
van de Hereweg. Info Gertjan Huiskes 050 5733682

EXCURSIEPROGRAMMA
K.N.N.V. afdeling GRONINGEN
> Voor
zover niet anders staat vermeld,
beginnen alle excursies om 9.00 uur
vanaf het Overwinningsplein in Groningen.
Opgave bij Brenda BoltX 050 5273227 Email:
ba.bolt_at_wanadoo.nl of bij Willem StouthamerX 050
3143841, Email: stouthamer.wj_at_inter.nl.net
> De excursiecommissie houdt
zich het recht voor om bij te weinig opgave van deelnemers de excursie te
annuleren. Leden die zich aangemeld hebben worden dan geïnformeerd.
Zaterdag 19 april Stinzenflora Friesland
Hoewel de stinzenflora dicht bij
huis ook aanwezig is, gaan we met Willem Stouthamer een tocht maken naar het
mekka van deze planten Friesland. Martenastate te Cornjum, Martenahuys te
Franeker en Jongemastate te Raerd staan op het programma.
Vertrek 9.30 uur Overwinningsplein, van te voren opgeven
ivm. vervoer.
Zaterdag 3 mei Gewestelijke
excursie KNNV Noord Nederland
De Waterleiding Maatschappij
Drenthe nodigt ons gewest uit voor een bezoek aan hun natuurontwikkelingsgebied
in Breevenen.
Verzamelen
bij de parkeerplaats aan de Bulten in Annen
Aanvang:
14.00 uur
Einde
omstreeks 15.30 uur
Wie nodigen we uit ? Bestuur en andere leden uit onze
afdeling
Opgave en inlichtingen bij Bert Aalders, tel./fax:
0592-350697
(of evt. via de email: BA.Bolt_at_wanadoo.nl)
Zaterdag 17 mei, 13.30 uur
Witterveld
Zeer bijzondere excursie Witterveld
(gem. Assen) o.l.v. de heer Johan Wessel, beheerder. Doordat een deel
van het Witterveld gebruikt wordt als schietbaan is dit laatste stukje hoogveen
in Midden Drenthe letterlijk onzichtbaar geworden voor het publiek. Johan
Wessel, beheerder en amateur veldbioloog, is echter bereid gevonden ons mee te
nemen naar de verborgen rijkdom van dit prachtige reservaat.
Vertrek: Overwinningsplein.
Noodzakelijke opgave bij Kees Boele 050 5370110
Wie gaat er mee naar Rottumeroog??????????????
Staatsbosbeheer organiseert
schitterende excursies naar Rottumeroog. Rust en stilte van het wad, verrijkt
met zeehonden en vogels. De vaartocht duurt ongeveer 3 uur. Daarna moet er
stevig gewandeld worden om op het eiland te komen (ook drie uur). Totale duur
excursie: ca. 11 uur. Kosten: Euro 47,50 inclusief koffie, thee, soep en
broodjes. Helaas niet geschikt voor mensen die slecht ter been zijn.
Datum: ergens begin september.
Laatst mogelijke aanmelding: 20
mei 2003 (dit i.v.m. maken afspraak)
Graag willen wij met deze
verleidelijke aankondiging uw belangstelling peilen. Het is niet goedkoop maar
wel een prachtkans om ook ons laatste waddeneiland eens te bezoeken. Gaat u ook
mee? Bel direct met Kees Boele en reserveer een plaats. Uiteraard is uw opgave
onder voorbehoud van de mogelijkheden van Staatsbosbeheer.
Kees Boele, Remmingaweg 48, 9751
VR Haren
Home: tel.: +31.50.5370110, fax
+31.50.5370109
Vrijdag 13 juni fietsexcursie Zuidlaardermeer
Om 18.30 uur vertrekken we vanaf
het Overwinningsplein voor een rondje Zuidlaardermeer waarbij we gebruik zullen
maken van het pontje. De avonden zijn lang half juni, zodat af en toe gestopt
kan worden voor het bekijken van een vogel of een plant.
Graag opgave
Zaterdag 26 juli Ezumakeeg en Lammerburen
Deze dag gaan we vogels kijken
waarbij de Steenuil onze speciale aandacht heeft.
We gaan naar Ezumakeeg, op weg
naar het Lauwersmeer proberen we bij Anjum de Steenuil te spotten. Op de
terugweg brengen we een bezoek aan informatiecentrum Lammerburen .In de
boerderij van het informatiecentrum is de oudst bekende broedplaats van
Steenuilen in de provincie Groningen.
Vertrek 9.00 uur vanaf
busstation Bedumerweg. Graag opgave
Zondag 24 augustus Oranje en Hijkerveld
We gaan deze dag diep Drente in.
Het eerste doel is de vogelhut bij Oranje waar we de Roerdomp hopen te zien.
Afhankelijk van het weer en de belangstelling brengen we een bezoek aan het
Hijkerveld.
Vertrek 9.00 uur
Overwinningsplein .Opgave!
WEB sites (vervolg) http://www
knnv.nl
knnvuitgeverij.nl
vogelbescherming.nl
floron.nl
frontlinie.nl/floron/ district Amsterdam
instnat.be Instituut voor
Natuurbehoud
naturalis.nl
natuurdatabase.nl
natuurenboek.nl
natuurmuseum.nl
saxifraga.nl dia-archief

