Afdeling GRONINGEN

De Padloper is een periodiek van de
Koninklijke Nederlandse
Natuurhistorische Vereniging
afdeling Groningen en verschijnt 4 x per jaar.
Jaargang 16, 2002
nummer 4
BESTUUR
Voorzitter:
Wim Zolf, Postbus 1006, 9670 EA Winschoten 0597 xxxxx
mailto rjj_at_hetnet.nl
Secretaris:
Geert de Boer, Hieronymuslaan 42-1, 9351 GR Leek
0594 5xx92 mailto gee.boer_at_wxs.nl
Penningmeester:
Wiebe Postma, Larixlaan 12, 9301 NP Roden
050 50xxx22 mailto wiebe.postma_at_hetnet.nl
Natuurhistorisch
secr. & excursiecommissie:
Brenda Bolt, Schaepmanlaan xxxx Groningen
050 52xxx7 mailto BA.Bolt_at_wanadoo.nl
Algemeen
bestuurs- & redactielid:
Willem Stouthamer, Zoutstraat xxxx Groningen 050
xxxx1
WERKGROEPEN
Insekten:
Geert de Boer 0594 51xx
Planten: Willem Stouthamer
Vogels: Erik Hoitink 050 5xx44 en Gerard Strabbing 050 53xxxx476
PADLOPER
Redactie: Erna
Kuiper, Willem Stouthamer
Copysluitingsdatum volgende nummer: 15 maart 2003.
alle copy liefst vastgelegd in Word kunt u sturen naar:
Redactie Padloper, Zoutstraat 1xxxx Groningen
of mailto stouthamer.wj_at_inter.nl.net
Contributie: lid € 23,--; huisgenootlid € 10,--;
donateur € 7,-- per jaar.
Opzeggen vóór 1 december van het lopende jaar.
postgironummer 855.090
KNNV afd. Groningen
tnv. Penningmeester KNNV, Larixlaan 12, 9301 NP Roden
ochtend
schemer
geleidelijk wordt het gras
weer groen
Max Verhart
Afbeelding voorkant uit
NATUURwijzer Natuurmonumenten
Inhoud
|
Van
het bestuur |
3 |
|
Nieuws
vogelwerkgroep |
4 |
|
Nieuws plantenwerkgroep |
|
|
In memoriam |
|
|
Libellen |
|
|
Berichten uit Leek |
|
|
Verrassende stadsnatuur |
|
|
Excursieverslagen |
|
|
-
Schiermonnikoog |
9 |
|
Boekbespreking |
17 |
|
Recht
op bomen |
18 |
|
Excursieprogramma’s |
|
|
-
IVN Haren-Groningen |
|
|
-
KNNV Groningen |
21 |
Beste mede-KNNVer,
Voor u ligt al weer de vierde
Padloper van 2002. Een rustig jaar voor onze afdeling zonder al te veel hoogte-
en dieptepunten. Al bereikte ons enige tijd geleden wel het droeve bericht dat
ons oudste lid Henk Burgler is overleden. Elders in de Padloper vindt u een in
memoriam.
Het ledenaantal groeide iets en
onze afdeling is daarmee één van de gunstige uitzonderingen binnen de KNNV. Een
punt van voortdurende aandacht is de beperkte deelname aan de excursies en
lezingen. Het bestuur houdt zich aanbevolen voor suggesties om deze situatie te
veranderen.
De eenvoudigste bijdrage van
eenieder is natuurlijk: deelnemen! Ik hoop dat dit één van uw goede voornemens
is voor 2003. Het bestuur wenst u een gezond en voorspoedig nieuwjaar en tot
ziens op de snertwandeling op 5 januari,
namens het bestuur,
Wim Zolf

NIEUWS
van de VogelWerkGroep
Jaarverslag 2002
In vogelvlucht de activiteiten
van de werkgroep. In de eerste maanden van het jaar zijn de excursies gehouden
bij de Drentse Aa. Vertrekpunt was het hunebed bij Gasteren. Een befaamde route
met als onderdeel het zogenaamde Goudvink-laantje.
In het voorjaar en in de zomer
heeft de werkgroep de vogels opgezocht met excursies naar de Lauwersmeer, de
Eemshaven en Schiermonnikoog. De laatstgenoemde excursie was een absoluut
hoogtepunt als sportieve prestatie ( een hele dag wandelen ) en door de
waarneming van een groot aantal kleine zilverreigers bij de Westerplas.
In de laatste maanden van 2002
zijn wij wederom neergestreken in het gebied van de Drentse Aa.
De werkgroep bestaat momenteel
uit zo ‘n 18 actieve leden.
Was het ornithologisch
hoogtepunt Schiermonnikoog; het sociale hoogtepunt was de onvolprezen bonte
avond van de werkgroep in het Loughoes in Eelde. Op deze avond is het programma
2003 van de werkgroep vastgesteld.
Dit jaar is Jan Nuiver
afgezwaaid als coördinator van de werkgroep. Gerard Strabbing is hem opgevolgd.
Programma 2003 VogelWerkGroep
Tijdens de bonte avond van de
vogelwerkgroep in Eelde op 27 november 2002 zijn weer plannen gesmeed voor het
programma in 2003. Gekozen is voor een opzet om in de wintermaanden wat dicht
bij huis (rondom Groningen) te blijven en in de zomermaanden wat verder uit te
zwermen (om in vogeltermen te blijven). Er ligt nu een zeer aantrekkelijk
programma voor. Zoals bekend zijn de maandelijkse excursies op de 2 e zaterdag
van de maand en is de aanvangstijd 9.00 uur ’s morgens.
In de maanden januari, februari
en maart gaan we naar het Noordlaarderbos met volop de mogelijkheid om
kruisbekken te spotten.
April- de Breebaart-polder bij Termunten onder begeleiding
van een gids Groninger Landschap
Mei- de Eemshaven
Juni- het Friese deel van de Lauwersmeer, een voettocht
Juli- vakantie
Augustus- Opnieuw de Breebaart-polder
September- Schiermonnikoog, per fiets (de klassieker)
Oktober- de Lauwersmeer
De maanden november en december – de Drentse Aa
KNNV-leden die een keer zin hebben om mee te gaan kunnen
contact opnemen met Gerard Strabbing, tel. 050 5346476
Verslag
2002
Vanaf
donderdagavond 4 april tot en met 8 augustus 2002 is de PWG er elke week op
uitgetrokken. We hebben voor Floron 18 kilometerhokken geďnventariseerd. In
Noordhorn, Zuidhorn, de stad Groningen elk één km-hok en de rest van de
km-hokken hebben we op de klei rond Bedum gedaan. In totaal waren het 2665
waarnemingen. In het jaar 2000 17 km-hokken met 3083 waarnemingen en in het
jaar 2001 16 km-hokken met 3282 waarnemingen (beide jaren voornamelijk in de
stad Groningen). Enkele bijzondere waarnemingen zijn in Noord- en Zuidhorn
Valse salie, Brede wespenorchis en Akkerandoorn en op de klei zijn dat
Bezemkruiskruid, Paarse- en Gele morgenster, Bleke basterdwederik, Tengere
vetmuur, Kleine varkenskers en Grote bevernel.
Het km-hok
236X580 ‘Gideonbrug’ in de stad Groningen betreft het laatste hok van het
project ‘stad Groningen’ uit een gebied van 8 X 8 km-hokken tussen de
coördinaten 230/238 en 578/586. Met vier bezoeken zijn in ‘Gideonbrug’ 189
soorten gevonden. Langs de snelweg staan in een open stuk enige tientallen
Rietorchissen en er moeten ook Grote keverorchissen voorkomen. In de wegberm
groeit Kamgras. Verder is er op een te koop staand perceel Dwergviltkruid,
Bleekgele droogbloem en Hazenpootje aangetroffen.
Als er opnieuw gekeken wordt
naar de Grote keverorchissen (deze zullen moeten worden geteld), dan verdient
het aanbeveling deze te samen met de Rietorchissen in te tekenen. Zoek dan ook
wat verder in dit ‘industriële’ km-hok naar bijzonderheden. Er moet meer uit te
halen zijn!
Westerbroek
Vier avonden zijn we in het
natuurgebied Westerbroek geweest om te inventariseren en bijzondere planten in
te tekenen per deelgebied tbv. Natuurmonumenten. In het natte deel zijn o.a.
Grote boterbloem, Pilvaren, Moeraswolfsklauw en Schildereprijs gevonden.
Leemputten
Bert Blok heeft voor ons een excursie
georganiseerd naar de Staverdense leemputten (niet vrij toegankelijk) op 15
juni olv. Ruud Krol. De leemputten worden genoemd door Victor Westhoff in Wilde
Planten deel 3, onder het hoofdstuk ‘drassige heiden’. In de website van Bert
Blok http://www.home.zonnet.nl/bert-blok staat onder leemputten de
plantenlijst.
Het had veel geregend. Wij
hebben een mooie, zonnige dag getroffen. Slechts enkele planten wil ik noemen:
Sterzegge, Carex X fulva (een kruising tussen C. hostiana X C. oederi), Gevlekte
orchis (een witte), Kleinste egelskop, Stijf havikskruid, Stijve
moerasweegbree, Moerasmuur, Moerasandijvie en Driedistel.
Verder zagen we nog Kleine
watersalamander, Bruine kikker, Hazelworm, Boompieper, de rups van een
Dagpauwoog en vier Raven.
Wat gaan we doen
Volgens de planning voor 2003
starten we op donderdagavond 10 april om 18.30 uur bij het voormalig
busstation, thans cafetaria ‘de Wachtkamer’ aan de Bedumerweg. We
inventariseren voor Floron in het kader van het witte gebiedenplan (atlas
project) bij Hoogkerk/Aduard en bij Bedum. Extra gaan we speuren naar
muurplanten op oude bruggen en sluizen en er zijn enkele excursies.
Willem Stouthamer

Op 18 oktober overleed Henk
Burgler in de leeftijd van 88 jaar. Hij was niet alleen in levensjaren een van
de oudste leden van onze afdeling, ook zijn lidmaatschap van de KNNV moet al
heel vroeg begonnen zijn. Voorzover mijn herinnering reikt heb ik hem omstreeks
1970 voor ’t eerst ontmoet in het gezelschap van andere vogelaars: de werkgroep
die onder de voortvarende leiding van Jo de Jonge éénmaal per maand ganzen,
steltlopers en andere vogels telde langs de waddenkust. Die teltochten begonnen
bij het begin van de dijk naar Lauwersoog en eindigden bij Hornhuizen, of, al
naar de weersomstandigheden, in omgekeerde richting. Na afloop reden we naar
het café in Vierhuizen, waar Jo bij de koffie onze observaties nauwkeurig
vastlegde.
Henk was een goede waarnemer,
maar ook een bescheiden man. In de excursie-verslagen uit de jaren ’60 en ’70
komt zijn naam als leider of gids zelden voor. Wel was hij een trouw deelnemer;
als hij eens ontbrak viel dat op. Vooral bij vogeltochten naar Schier en door
zijn geliefde Lauwersmeer was hij er
bij en je kon dan veel van hem leren. Jarenlang bezaten zijn vrouw en hij een
vakantiehuis in Robbenoord, van waaruit zij in weekends en op andere vrije
dagen de natuur verkenden.
Later, in de 80-er jaren, liet
Henk zich toch bepraten om coördinator van de Vogelwerkgroep te worden; hij
heeft de verkenningen van die club geruime tijd geleid en gestimuleerd.
Henk’s interesse ging vooral uit
naar de Huiszwaluw. Vele jaren observeerde hij broedkolonies, in de stad en
vooral op het Groningse platteland; de resultaten werden zorgvuldig
doorgegeven. Want Henk moest zeker weten wat hij zag; een vogeltochtje met hem
betekende goed kijken en veel stil staan. Zijn kinderen, aldus zijn vrouw,
wandelden het liefst met hem als hij z’n kijker thuis liet!
Naarmate de jaren vorderden ging
zijn gezondheid achteruit. In latere tijden ging hij nog wel zoveel mogelijk
mee met de jaarlijkse ‘oude-bekendenexcursie’. Hij was dan zo dankbaar dat hij
weer zovelen van zijn oude KNNV-kennissen en –vrinden terugzag dat hij het
personeel van het restaurant, waar wij elkaar ontmoetten, opdracht gaf ons
allemaal voor zijn rekening op een gebakje bij de koffie te onthalen! Dat was
Henk ten voeten uit: gul, hartelijk, innemend, belangstellend.
Henk was ook een gedreven
tuinierder. Eén van de dingen die hem zwaar vielen toen zijn vrouw en hij een
aantal jaren geleden naar de Groenensteinflat moesten verhuizen was het
achterlaten van zijn tuin.
Op 23 oktober werd Henk,
begeleid door familie, kinderen en kleinkinderen,, kennissen en vrienden
-- waaronder enkele ‘oude bekende’
KNNV-ers -- begraven op Selwerderhof. Het was een winderige, zonnige dag, bomen
en heesters toonden hun prachtige kleuren, hier en daar hoorde je nog
vogelgeluiden. Het was of de natuur, waarvan Henk in zijn leven zoveel genoten
heeft, hem dit afscheid nog wilde bereiden.
Ik schrijf stellig mede namens
alle ‘oude bekenden’ als ik Henk’s vrouw en zijn familie ook hier sterkte wens
bij het verwerken van zijn heengaan.
Jan Nuiver
LIBELLEN
Heb je zin om in het nieuwe
voorjaar eens iets heel nieuws op te pakken? Misschien vind je het interessant
om eens naar LIBELLEN te kijken ….?
Dat het heel mooie dieren zijn
weet je waarschijnlijk wel. Dat ze prachtig vliegen zal niet veel KNNV-ers
ontgaan.
‘Maar wie vliegt daar nu precies
en wat betekent dat voor het milieu ter plaatse?’ Dat zijn leuke vragen om te kunnen beantwoorden!
Een libel leeft een deel van
zijn leven in het water en is, doordat hij daar met tracheale kieuwen ademt,
gevoelig voor de waterkwaliteit. Bij een libel is het soms mogelijk door
tellingen te doen aan larvehuidjes die achterblijven op planten in het water
iets te weten te komen over de echte aantallen waarin ze voorkomen. Verder zijn
het dieren die als voedselbron kwantitatief betekenis hebben; de grote soorten
zijn een flinke hap voor insecteneters, vogels bijvoorbeeld.
Allemaal zaken die libellen tot
een interessant studieobject maken.
Insectenstudie schrikt mensen,
zelfs KNNVers nog wel eens af; ‘klein’, ‘pietepeuterig’, ‘moeilijk’,
‘ontoegankelijk’ zijn woorden die je kunt associëren met insecten.
Libellen zijn een orde van de
insecten. Ze hebben 6 poten en die poten zijn geleed, d.w.z. bestaan uit
zichtbare stukjes. Het lichaam heeft een 3-deling: kop, borststuk en
achterlijf. Verder bezitten ze 2 paar vleugels die gewoon over het achterlijf
gevouwen worden, zonder speciaal scharniermechanisme. Libellen worden om die
reden beschouwd als een van de oudste insectenorden met vleugels.
Het leren kennen van libellen is gelukkig niet echt
moeilijk.
Het helpt dat er niet zo heel veel soorten zijn. Ter
vergelijking: er zijn in Nederland ongeveer (wilde greep)
1500 plantensoorten
475 vogelsoorten
3800 keversoorten
en
maar 140 libellensoorten.
Als ik een seizoen naar libellen
kijk langs de Ruiten Aa tussen Weende en Jipsinghuizen kom ik ongeveer 25
soorten tegen. Bij die 25 zitten zelfs heel wat grotere soorten. Het lijkt me
dus goed te doen!
Voor iemand die begint met
libellenstudie is het heel handig mee te lopen met iemand die ze (een beetje)
kent. Daarna lukt het wel zonder hulp als je beschikt over een
determinatietabel, een loep die 10x vergroot, een vangnetje en een jampotje of
potloep. Een libel in de vlucht herkennen is voor beginners niet weggelegd.
Een libel kan zonder schade in
een netje gevangen worden; let goed op welke vliegbewegingen de libel maakt,
anticipeer, sla snel toe!
De kunst is om het dier vanuit
het net in de pot te krijgen. Voorzichtig de vleugels van de libel boven het
lichaam samenvouwen en tussen duim en wijsvinger zachtjes oppakken (niet
knijpen). Het beest probeert zich met de poten vast te houden aan het net, maar
laat na wat voorzichtige trekbewegingen los.
In de pot zijn de meeste
kenmerken goed te zien.
Na het determineren kan het dier
weer losgelaten worden en als alles goed gegaan is vliegt de libel moeiteloos
weg.
Een goede en volledige
determinatietabel staat in het allernieuwste Libellenboek: Nederlandse Fauna 4:
De Nederlandse Libellen. Ik kan me voorstellen dat een beginner niet direct dit
boek van € 67,50 aanschaft! Het lijkt me
veel eenvoudiger en goedkoper om met bijvoorbeeld met een oude NJN-tabel te
beginnen. Zo’n tabel is niet volledig, maar de meest voorkomende soorten zijn
er snel en betrekkelijk eenvoudig mee te determineren. Het is even wennen aan
de namen van enkele onderdeeltjes van vleugels en borststuk.
Wil je er een plaatje bij en wat
meer informatie over de soort, dan is voor € 21,95 de
Veldgids Libellen te koop. Daarin staat echter geen determinatietabel!
Een van de eerste libellensoorten
langs de Ruiten Aa, die je al ongeveer half april verwachten kunt, is de
Vuurjuffer (Pyrrhosoma nymphula).
Libellen worden in 2 Onderorden
ingedeeld: juffers (vaak klein) en echte libellen (vaak groot).
Er zijn veel juffers die blauw
met zwart getekend zijn. Het leuke aan de Vuurjuffer is dat het een rode juffer
is. In april kun je zonder determineren beweren dat het om een Vuurjuffer gaat
want de eveneens rode Koraaljuffer waarmee je hem zou kunnen verwarren
verschijnt pas 2 ŕ 3 maanden later! En als je goed naar beide dieren kijkt is
er een verschil; de Vuurjuffer heeft zwarte poten, bij de Koraaljuffer zijn ze
roodachtig. Er zijn nog andere verschillen, maar die zijn subtieler.
De Vuurjuffer komt voor bij
stilstaand en zwakstromend water en is in Nederland een algemene soort van
vooral zandgronden en laagveengebieden. De Koraaljuffer, ook te zien langs de
Ruiten Aa is een wat kieskeuriger soort die vooral stromende wateren en
kwelbeken opzoekt, maar ook hoogvenen en voedselarme vennen. Het is een vrij
zeldzame soort in Nederland.
Zin om eens te komen kijken?
Dat is te regelen!
En ook een kopie van een eenvoudige determinatie-tabel.
Literatuur
- Libellentabel NJN, Jan Beukema, 1964
- Veldgids nr.9 Libellen, Frank Bos, Marcel Wasscher,
1997, ISBN 90 5011 101 7 , KNNV Uitgeverij
- De Libellen van Nederland, D.C. Geijskes en J. van Tol,
1983, KNNV Uitgeverij
- Nederlandse Fauna 4, De Nederlandse Libellen 2002 Ned.
Ver. voor Libellenstudie, ISBN 90 5011 154 8, NNM Naturalis, KNNV Uitgeverij,
Stichting Eis-NL
- Macro-invertebraten en waterkwaliteit, N. De Pauw en R.
Vannevel, 1991, Stichting Leefmilieu Antwerpen
- ODON-tabel. Reinboud et al, 1999, ISBN 905107 033 0
Jeugdbondsuitgeverij
- Libellen van Noordwest-Europa, Arne Wendler &
Johann-Hendrik Nüss 2002 Jeugdbondsuitgeverij
- Zoekkaart om libellen te
herkennen, Stichting Veldwerk Nederland
- Handleiding Landelijk
Meetnet Libellen, De Vlinderstichting
tel. 0317 467346 of
info_at_vlinderstichting.nl
Contacten
Brachytron, halfjaarlijks
tijdschrift Ned. LibellenVereniging
tel. 0488 441007, email
dick.groenendijk_at_vlinderstichting.nl
Vlinder- en
libellenwerkgroep Stad & Ommelaand tel. 050 5348411
Site voor geďnteresseerden: www.libellen.org
Chris van Houdt
Weenderstraat 32
9541 TC Vlagtwedde
BERICHTEN UIT LEEK
Vogels in onze tuin
Begin oktober hoorden we ‘s
morgens plotseling een flinke klap tegen het achterraam dat uitziet op de tuin.
Een zanglijster was het, die zich had dood gevlogen tegen ’t glas.
Waarschijnlijk werd hij achtervolgd door een sperwer.
Het gebeurt wel vaker in
oktober. Het is dan de tijd dat ze wegtrekken uit hun broedgebied, dat ze gaan
zwerven, op zoek naar meer voedsel. Bij onze overburen gebeurde in die periode
hetzelfde. ook een zanglijster dood tegen ‘t raam. En in onze tuin waren ze ook
actief, al een dag of wat. Een prachtige lijster! Fraai getekend, donkere
spikkels op de borst, bruin tegen de beige achtergrond.
De volgende dag gebeld met
Hummel uit Lettelbert, preparateur, die graag zo’n mooie zanglijster wil hebben
om hem te kunnen opzetten. Die kwam de volgende dag en nam hem mee. ‘Ik weet er
wel weg mee’, zegt Hummel.
Twee dagen later opnieůw een
zanglijster tegen hetzelfde raam op dezelfde plek. Maar met niet zo’n harde
klap. Wij waren weer in de kamer en zagen hem liggen. Waarschijnlijk wéér door
hun onbesuisde gedrag in deze tijd van trek. Als ze hun nest verdedigen zijn ze
eveneens agressief en vallen direct aan.
We lieten hem liggen en wachten
af wat er zou gebeuren. Even was hij geheel versuft en leek dood. Vrij snel
kwam hij tňch overeind. Bleef staan, ogen dicht, bleef 2 uur staan verroerde
zich niet. Vloog dan plotseling de tuin in, als of er niets was gebeurd!
H.R. Dolfien
VERRASSENDE STADSNATUURTUIN IN GRONINGEN
Een ecologische binnentuin tussen jonge ruďnes
Op een binnenterrein in de
Oosterpoort, ligt een stukje openbaar groen dat zich verrassend onderscheidt
van het gras- en- stekelstruiken-plantsoen dat wij hier van gemeentewege gewend
zijn.
Ooit stonden hier gebouwen van
het gemeentelijk huisvestingsbureau. Restanten daarvan bepalen nu mede het
gezicht van dit stadsnatuurgebiedje. Stukken muur met deurposten en
raamopeningen worden bedekt door Klimop, Stokrozen, Vlinderstruiken. Achterin
de tuin staat een hoge ruďne, begroeid door Wingerd.
Het gebiedje bestaat uit een
bloemenweide, een schaduwrijk middenstuk waar de patiotuin van het voormalige
huisvestingsbureau nog in terug te vinden is, en een speelveld met een brede,
schaduwrijke border.
In de wilgentenenwigwam zijn
kinderen bezig een kring van boomstammetjes op te stellen, twee meisjes slepen
met palen om een hut te gaan bouwen onder de Laurierkers.
Bijna 2000 vierkante meter
ecologisch stadsgroen, zo mooi en natuurlijk dat je je afvraagt hoe dit zich
binnen het gemeentelijk groenbeleid heeft kunnen ontwikkelen.
Tegenover de ingang, een ijzeren
poort voor een overdekte gang, woont Peter Bulk. Hij zit zijn hele leven al in
de planten. Zijn ouders hadden een kwekerij in Drente, maar hij woont al meer
dan 20 jaar in Groningen en hij heeft hier alle wegbermen, plantsoenen en
braakliggende terreinen verkend. Voor een deel deed hij dat in KNNV-verband, om
de flora te inventariseren voor het Rijksherbarium in Leiden.
Hij heeft een zesde zintuig om
overal waar hij fietst of loopt de aanwezigheid van al dan niet bijzondere
planten op te sporen. Grassen hebben zijn speciale belangstelling.
‘In de herfst van 1998 kreeg ik
toestemming om een stukje van het terrein te gaan beheren. Ger Roosjen, de
gemeenteontwerper die hier aan de gang wilde met een extensief maaibeheer, had
er een mengsel voor kalkgrasland ingezaaid. Daar kwamen duizenden
Ridderzuringen in op, en die ben ik toen gaan uitsteken. De gemeente schoot
niet op met de invulling van het gebiedje. Alles werd hier drie keer per maand
gemaaid. Op die manier komt er niet veel natuur van de grond.
In mei 1999 heb ik de
stadsecoloog voorgesteld om het hele gebiedje ecologisch te gaan beheren. Hij
voelde daar wel voor, maar andere mensen bij gemeente waren minder enthousiast.
Pas na maanden heen en weer praten ben ik met de gemeente een beheerscontract
overeengekomen. Er staat in dat ik de enige ben die hier nog wat te doen
heeft’.
We lopen de poort door, de tuin
in. Tegen een zonnige muur op het zuiden, waar tot november de laatste
Stokrozen nog stonden te bloeien, zie je nu rozetten van Wouw en Verbascum.
IJzerhard en Teunisbloemen groeien tussen de tegels.
‘Hier wil ik nog wat meer
speciale dingen, distels als Eryngium bijvoorbeeld. Ik heb iets in m’n hoofd
van een vegetatie die je wel op rangeerterreinen en langs verwaarloosde oude
spoorbanen ziet, planten die het goed doen in karige stenige grond’.
Het is pas half februari, maar
in het kort gemaaide grasland zie je de eerste blaadjes van vaste soorten als
Sint Janskruid, Absintalsem en Wilde marjolein opschieten. Overal rozetten van
tweejarigen, zoals Jacobskruiskruid en Kaardebollen.
‘Dat maaien, daar ben ik van de
winter een hele tijd mee bezig geweest. Het gras ligt plat, dus dat moet je
eerst omhoog kammen met de spitvork, en wat er dan nog vast blijft zitten dat
maai je er af met de sikkel. Het voordeel is dat je goed ziet wat je doet en
wat er allemaal staat. En alle rupsen die ik tegen kom, die stop ik dan weer
onder het gras. Daarvoor laat ik op een aantal plekken het gras voorlopig nog
staan. Het afgelopen jaar waren er heel
veel vlinders, ook bijzondere. Vuurvlindertjes, de Gehakkelde aurelia, het
Landkaartje, Icarus-blauwtjes. Hier en daar laat ik een groep Brandnetels voor
ze staan. En je houdt rekening met andere plantensoorten die als voedselplanten
voor vlinders dienen. Ruwe smele bijvoorbeeld, en Kropaar. Ik ben er het
afgelopen jaar over gaan lezen, en nu probeer ik het vlinders als de Gehakkelde
aurelia wat meer naar de zin te maken. Die legt zijn eitjes op brandnetels,
maar ook op hop. Nu heb ik hier aardig wat hop staan, dus wie weet, gaat hij
wel wat doen’.
Hier en daar heeft hij stukjes
omgespit en opnieuw ingeplant. Ze zijn volgestoken met snoeihout, tegen de vele
katten die het hier erg naar hun zin hebben.
‘Ik wil graag een bloemig
grasland, maar niet elk gras gedraagt zich zoals ik dat graag wil. Hier heb ik
een stuk Fioringras uitgestoken. Dat bloeit wel mooi, met pluimen, maar het
vormt hele dichte matten. Als je dat maar een keer per jaar maait dan verstikt
het de kleine plantjes in de buurt. Dus daar haal ik af en toe een paar zoden
van weg. Om dat gras wat in de hand te houden heb ik ook veel Ratelaar gezaaid,
die parasiteert op graswortels. Hoewel ik daar nog niet veel effect van zie’.
Naar achteren, tegen de
muurrestanten gaat de vegetatie hoger op.
Achterin de wilde plantentuin,
aan de voet van de hoge ruďne staan Stokrozen, Cephalaria, Beemdkroon, Echte
guldenroede, Jacobskruiskruid, Pastinaak, Harige wilgenroosjes, Macleya, purper
Leverkruid. Een spectaculaire border die het resultaat lijkt van een gedurfd ontwerp. Maar met smaakvolle
kleurencombinaties en andere esthetische effecten houdt Peter zich niet bezig.
‘Die plek heb ik het eerste jaar
gebruikt om planten te parkeren. Ik was van plan om ze later, uit te zetten,
maar dat kwam er niet van en het werd
eigenlijk wel mooi zo.
Ik haal veel planten van
braakliggende terreinen, nu net weer een heleboel Wouw van de Hunzecentrale
hier vlakbij. En fietstassen vol eenjarigen van verlaten volkstuincomplexen,
varens uit de tuin van een afgebrand Chinees restaurant. In een stedelijk
gebied heb je altijd zoveel terreintjes die een tijdje braak liggen, daar is
van alles te vinden. Zo heb ik al honderden planten zien komen en gaan. Vorige
week heb ik twee Paarse
morgensterren uit een richeltje langs
een stoeprand gestoken. Die werden steeds afgemaaid voordat ze gingen bloeien.
Ze staan hier nu in de wilde plantentuin. Het is een kleiplant die langs bermen
in de provincie voorkomt. Het is de vraag hoe die zich houdt in de arme
zandgrond, ik heb er maar een schep klei bij gedaan.
Ik probeer hier zoveel mogelijk
soorten te introduceren. Het is grotendeels een wilde plantentuin met hier en
daar natuurtuintrekjes‘ (volgens definities van Ger Londo).
Door een ruime deuropening
zonder deur kom je in het schaduwrijke middelpunt van de tuin. Dit is de
vroegere patio van het huisvestingsbureau.
Omsloten door muren en pergola’s
ligt hier een kleine veenborder, iets lager en vochtiger dan de rest van de
tuin.Twee vierkante meter Schoenlappersplant staat uitbundig te bloeien. De beplanting is een spannende combinatie
van vroegere gemeente-initiatieven met de latere invulling door Peter Bulk.
Langs de pergola groeien allerlei kleuren Klimrozen en wintergroene Kamperfoelie,
tegenover een grote Bamboe die zijn schaduw werpt over de Irissen, Kale jonkers
en Kattenstaarten die Peter hier aan het groeien wil krijgen. Contrasten die
harmonieus met elkaar verbonden worden door Balsemienen, een Vlinderboom en een
Prunus tegen de achtergrond van de oude muren.
De grote border wordt
gedomineerd door twee kastanjebomen. In hun schaduw bloeien nu de Sneeuwklokjes
en het Longkruid tussen honderden zaailingen van Judaspenning. Verderop is de
strijd tegen het Zevenblad bijna gewonnen, en ook de Lamium lijkt zijn plaats
nu wel zo’n beetje te kennen. De meest opvallende plant in de border is het
Voorjaarshelmkruid. ‘Hij is tweejarig en ik had hem hier al gezaaid, daar komen
nu rozetjes van op die dit jaar gaan bloeien. Vorig jaar heb ik uit een wild
bosplantsoen in Haarlem een paar exemplaren meegenomen. Ik hoop dat die zich
ook hebben uitgezaaid, dan heb ik ze voortaan elk jaar in bloei’
Peter twijfelt er niet meer aan
of hij kan doorgaan met de tuin. De buurtbewoners zijn enthousiast, en ook
binnen de gemeenteorganisatie krijgen mensen oog voor wat zich in de
Oosterpoort ontwikkelt.
Landschapsarchitect Ger Roosjen,
die plm. 5 jaar geleden aan de basis stond van deze unieke plek: ‘Wat Peter
Bulk daar doet is fantastisch, zoals hij dat allemaal op de voet volgt. Het
gaat zo goed dat het met Openbare Werken nu ook heel harmonisch loopt. Het zou
heel jammer zijn als hij van het toneel verdween. Als de gemeente het moet doen
dan wordt het natuurlijk veel minder intensief’.
Over de totstandkoming van de
tuin: ‘Toen die gebouwen zouden worden afgebroken kreeg het terrein een
groenbestemming. Ik werd gevraagd om
samen met de bewoners na te denken over de vormgeving. Ik ben eerst zelf gaan
kijken, en wat ik heel mooi vond was de patiotuin. Die wilde ik graag behouden.
Ja, en zo’n patio is leuk, maar die bestaat bij de gratie van de muren die
eromheen staan. Zo is die patio de aanleiding geweest voor deze vormgeving.
Voor de verdere invulling werd
toen ook al wel aan een vorm van verwildering gedacht. Dat zou heel mooi zijn,
maar ook heel kwetsbaar. We wilden er een rustige plek van maken, dat kon goed
omdat het een besloten terrein is met een poort die ’s nachts wordt afgesloten,
ook op verzoek van de bewoners’.
Wil de gemeente nu meer van dit
soort groen creëren?
Ger Roosjen: ‘Het is een hele
speciale plek, ik weet niet of zoiets op veel meer plaatsen zou kunnen. Je hebt
mensen nodig die zelf wat willen, dan kan er al snel wat meer dan de
standaard-aanpak van Openbare Werken’.
Peter Bulk: ‘Mijn tuin kan als
basis dienen voor meer van dit soort initiatieven. Ik kan mensen helpen met
planten en adviezen over beheersvormen. Natuurlijk beheer hoeft helemaal niet
duur te zijn, maar je moet wel weten wat je doet en wanneer. Er zijn plekken
genoeg in de stad voor kleine oases zoals hier’.
De oecologische binnentuin
bevindt zich in de Mauritsstraat t.o. nr.10 in de Groningse Oosterpoortbuurt.
Reacties zijn welkom bij: Tineke
van Hessen, Bleekveld 56, 9711 XV Groningen (schrijfster artikel) en/of Peter
Bulk, Mauritsstraat 10, 9724 BL Groningen
Het artikel is overgenomen uit
het tijdschrift OASE, lente 2002 (oasenet_at_wish.nl)
Recht op bomen
Een evenement, herbestrating of
nieuwbouw. Gemeentes voeren allerhande redenen aan om fraaie, soms oude bomen
te kappen. En dat schiet bij omwonenden soms in het verkeerde keelgat. Wat
volgens de Bomenstichting velen niet weten: belanghebbenden kunnen kap
voorkomen. Hoe? Dat staat beschreven in Recht Op bomen, een boekje dat door de
bomenstichting is uitgebracht.
Volgens de stichting zijn er
verschillende manieren om te reageren als een gemeente bomen wil kappen. In het
boek worden aan de hand van praktijkvoorbeelden maatregelen en oplossingen
verduidelijkt. Stap voor stap wordt bijvoorbeeld uitgelegd welk bezwaar wanneer
en hoe gemaakt moet worden.
In ‘Recht op Bomen’ zijn
bovendien een aantal voorbeeldbrieven opgenomen, die het schrijven van een
bezwaarschrift eenvoudiger maken. Het boek is verkrijgbaar bij de
Bomenstichting voor € 14,30.
Dit bedrag kan worden
overgemaakt op giro 2108755 t.n.v Bomenstichting ,Utrecht o.v.v. Recht Op
Bomen.
Informatie:
www.bomenstichting.nl
(overgenomen uit het Nieuwsblad vh Noorden d.d. 5 jan.
2002)
EXCURSIEVERSLAGEN
Vogelexcursie Schiermonnikoog, 5
oktober
De traditionele najaarsexcursie
naar Schiermonnikoog staat op ons programma vanwege de te verwachten vogeltrek
in die periode. Om trekkende vogels te zien moet het weer natuurlijk wel een
beetje meezitten; bij harde westen(tegen)wind en regen kan je je, net als de
vogels, beter terugtrekken. Desondanks kwamen er, met een zeer matige
weersvoorspelling in het vooruitzicht, toch nog zes deelnemers opdagen in
Lauwersoog.
Vanaf de pier ging het direct
tegen de wind in naar de Westerplas. Aan de oostkant van de oude veerdam zaten
dankzij het hoge water vrij veel steltlopers, deels verscholen in de
begroeiing. Van dichtbij waren hier onder andere Zilverplevier,
Kanoetstrandloper en Bonte Strandloper te zien. Een jagende jonge Slechtvalk
zorgde op de achtergrond voor veel opvliegende eenden en steltlopers. Met de
telescoop waren inmiddels de eerste Kleine Zilverreigers ontdekt, een groepje
van zeven stond verspreid langs de beschutte kant van de Westerkwelder. Op de
vaste slaap- en verblijfplaats in de zuidoosthoek van de Westerplas telden we
nog eens 13 exemplaren van deze fraaie reiger. Terwijl we daar onder dreigende
luchten naar stonden te kijken streken er nog zes neer, ongetwijfeld de vogels
die we langs de Westerkwelder hadden zien staan.
De Kleine Zilverreiger is vanaf
1999 broedvogel op Schiermonnikoog, met dit jaar 2 paren op de Oosterkwelder.
De aanwezigheid van een geschikte slaapplaats dichtbij het voedselgebied de
Waddenzee doet in de nazomer nog meer Kleine Zilverreigers afreizen naar Schier,
met in 2002 een maximum van circa 25 vogels rond 25 september. Waar die
allemaal vandaan komen is onduidelijk. De nazomeraantallen tot zo’n 150
individuen in het Deltagebied zijn waarschijnlijk vooral afkomstig uit de
broedgebieden langs de Frans-Atlantische kust, maar het is zeer de vraag of die
vogels ook een belangrijk aandeel hebben in de huidige aantallen in ons
waddengebied. In het recent verschenen fraaie boekwerk ‘Schaarse Vogels in
Fryslân’, dat de periode 1989-1998 beslaat, staat bij de Kleine Zilverreiger
nog een maximum groepsgrootte vermeld van 9. Toen (1998) ook al op
Schiermonnikoog. Behalve de aantallen is ook de periode waarin de Kleine
Zilverreiger wordt gezien aan verandering onderhevig: tot voor kort was een
Kleine Zilverreiger in Fryslân nog een unicum in de periode oktober tot april.
Zo’n wijziging in aantallen en jaarpatroon onderstreept nog eens het belang van
het insturen van waarnemingen voor het BSP-nb project van SOVON. Zonder die
waarnemingen was nu veel minder bekend over de verandering in aantallen en
verspreiding (voor deelname: zie www.sovon.nl).
De Westerplas gaf ook nog een
goede gelegenheid om te oefenen op vliegbeelden van diverse eendensoorten.
Vooral Pijlstaart, Slobeend en Smient vlogen regelmatig langs. De dreigende luchten
kwamen nu helaas tot ontlading zodat we noodgedwongen een pauze inlasten met de
regen in de rug. Opgedroogd zagen we vervolgens op het groene Westerstrand
onder andere Kleine Strandloper, Rosse Grutto en uiteindelijk ook nog een
groepje zeehonden. Kort voor een volgende regenperiode doken we de Zeester in;
wat een contrast met het korte broek- en terrasweer van vorig jaar oktober. Het
tweede deel van de middag bleef het gelukkig droog en werd voor een wat
windsluwere route gekozen. Dat leverde in het (saaie) Zwarte dennenbos nog wat
herkenbare vogelgeluidjes op, toch bleek het lastig om de Goudhaantjes ook in
beeld te krijgen. Dan was de Koningsmantel langs het pad toch een stuk
makkelijker.
Gestimuleerd door een artikel in
een landelijk dagblad werd onderweg diverse keren de kwaliteit geproefd van
appels (er schijnen op Schier enkele honderden appelbomen op
klokhuiswerpafstand van fiets- en wandelpaden te staan). Een vooraf geprezen
appelboom langs de Reddingsweg was in drie weken tijd een stuk meliger
geworden. Positiever was de waarneming van Grote Sterns, die hier dwars over
het eiland vlogen. Twee Grote Gele Kwikstaarten op het Groenglob leverden een
volgende leuke waarneming. Teruglopend naar de boot brak zowaar de zon nog even
door. Eigenlijk verkeerd getimed, want een Smelleken dat boven een geoogste
maďsakker aan het jagen was, bleef in fel tegenlicht niet meer dan een
silhouet.
dirk blok
Recent verschenen
publicaties
(gedeeltelijk overgenomen uit het opinieblad Natuur en
Milieu)
Schaarse vogels in Fryslân
Michiel Versluys, Dick Schut, Joop-Niek IJnsen
SOVON en Fryske Feriening Foar Fjildbiology, 221 blz. € 14,-
(incl. porto), ISBN 90
9015684
Bestelwijze door
storting op bankgiro 29.62.62.838 tnv. penning-meester FFF, de Warring 31,
Heerenveen ovv. naam, adres, postcode en woonplaats. Bestelinfo www.sovon.nl en
www.lauwersmeer.com
Waar verblijven in Fryslân de
meeste Roodhalsganzen, Slechtvalken, Reuzensterns, Bladkoningen, Klapeksters en
Sneeuwgorzen? Wat is de beste tijd van het jaar om overtrekkende Zwarte
Ooievaars, Visarenden, Middelste Jagers, Vorkstaartmeeuwen en Kleine Alken te
zien? Op zulke vragen geeft dit boek snel en duidelijk antwoord. Het voorkomen
van 80 schaarse vogelsoorten in 1989-1998 wordt uitvoering belicht in woord en
beeld, op basis van vele duizenden meldingen die waarnemers instuurden voor het
Bijzondere Soorten Project niet-broedvogels (BSP) van SOVON. Daarnaast hebben
de auteurs veel extra waarnemingen opgezocht in allerlei bronnen.
Bij veel vogelsoorten wordt het
Friese voorkomen vergeleken met de aanwezigheid van de soort in de rest van
Nederland. Ook is er aandacht voor het voorkomen in Fryslân in het verleden. Er
wordt een beeld geschetst van de achtergronden van de soortenrijkdom in de
provincie en ook komt de invloed van de wind op het voorkomen van soorten aan
bod. Tekeningen en kleurenfoto’s laten de grote diversiteit zien van de Friese
vogelwereld. Schaarse vogels in Fryslân is een aantrekkelijk naslagwerk voor
ervaren waarnemers en kan beginnende liefhebbers de weg wijzen naar bijzondere
vogelsoorten en hun verblijfplaatsen
Onderzoekshandleiding Biodiversiteit
Jos Käfer, Laurens Sparrius en Carola van der Muren
Nederlandse Jeugdbond voor natuurstudie, 40 blz. € 8,--
te bestellen op tel. 035 6559848
Dit boekje geeft op eenvoudige,
op jongeren gerichte, uitleg van het begrip biodiversiteit en behandelt
onderwerpen als soorten, ecologie en bescherming. Verder bevat het een reeks
onderzoeken, die gebruikt kunnen worden bij evaluatie activiteiten
Atlas van plantengemeenschappen in Nederland deel 2
E.J. Weeda, J.H.J. Schaminée en L. van Duuren
KNNV, 224 blz. € 40,95
leden € 36,95 ISBN 90 5011 148 3
Plantengemeenschappen zijn goede
indicatieven van milieukwaliteit. Dit deel behandelt de diverse klassen van
graslanden, zomen en droge heiden. Het boek geeft een korte beschrijving van de
ecologische en floristische kenmerken van deze gemeenschapstypen en gaat
uitgebreid in op verspreidingspatronen en eventuele bedreigingen. De atlas
bevat veel niet eerder gepubliceerde gegevens
Hommels in beeld
Frank Bos
KNNV, 32 blz. € 4,75
leden € 3,75 ISBN 90 5011 1521 1
In Nederland komen bijna 30
verschillende soorten hommels voor. Dit boekje gaat in op de leefwijze van het
insect en geeft een uitgebreide beschrijving van 15 soorten. Het bevat tevens
een uitklapkaart die gebruikt kan worden bij de determinatie
Natuurgids Insecten en Natuurgids Zoogdieren
ANWB, 192 blz. € 13,95
elk, ISBN 90 18 01567 9 (insecten) en ISBN 90 18 01566 9 (zoogdieren)
Uitgebreide beschrijvingen en veel foto’s van insecten en
zoogdieren in Europa, alsmede een determinatiesysteem waarmee de lezer aan de
hand van kleurcodes de verschillende soorten kan onderscheiden
Paardenbloemen en verwanten in beeld
Henk Eggelte en Michiel Zwarts
KNNV, 32 blz. € 4,75
leden € 3,75 ISBN 90 5011 152 6
Paardebloemen (zonder tussen–n) bloeien voornamelijk in
het voorjaar, maar ook in het najaar zijn bloemen te zien die er erg aan doen
denken, zoals de Gele morgenster. Dit boekje beschrijft de kenmerken van
paardebloemen en verwanten en bevat een geďllustreerd overzicht om de verschillende
soorten te onderscheiden

IVN
Groningen/Haren
Programma winter/voorjaar/zomer 2003
Cursussen:
Wilde
plantencursus: in het voorjaar van 2003 wordt weer een wilde
plantencursus gegeven, hetgeen een ideale cursus is voor mensen die hun plantenkennis
willen verbreden dan wel opbouwen. De cursus bestaat uit vijf theorielessen,
die op de maandagavonden 14/4, 12/5, 26/5, 16/6 en 23/6 in het Natuurmuseum aan
de Praediniussingel worden gegeven en vijf excursies, die op de
zaterdagochtenden 19/4, 17/5, 31/5, 21/6 en 28/6 plaats vinden. De kosten
bedragen € 35,00 voor IVN-leden en –donateurs en € 40,00 voor niet leden/donateurs. Info/opgave
bij Ernst Flentge 050 5349131
Vogelcursus
voor beginners: in het voorjaar van 2003 wordt weer een vogelcursus
voor beginners gegeven. De cursus bestaat uit vijf theorielessen, die op de
dinsdag-avonden 25/3, 1/4, 8/4, 15/4 en 22/4 in het Natuurmuseum aan de
Praediniussingel worden gegeven en vijf excursies, die op de zaterdagochtenden
29/3 Hoornse Meer, 5/4 De Braak, 12/4 Kardinge, 19/4 Lauwersmeer en 11/5
Stadspark plaats vinden. De kosten bedragen € 32,50
voor IVN-leden en –donateurs en € 40,00 voor niet
leden/donateurs. Info/opgave Gertjan Huiskes 050 5733682
Vogelcursus
voor gevorderden: in het najaar van 2003 start een vogelcursus voor
gevorderden. De cursus duurt circa een jaar: tien theorie-avonden en tien
bijbehorende excursies
Excursies:
Zondag 12
januari: wandelexcursie o.l.v. Ernst Flentge in het Glimmerbos met
als thema Planten en bomen in de winter. Start 14.00 uur parkeerplaats
Rijksstraatweg tegenover Steenhuis pianohandel in Glimmen
Zondag 9
februari: vogelwandelexcursie in de Braak. Vertrek per fiets om
9.30 uur op Overwinningsplein en lopend vanaf 10.00 uur bij ingang de Braak.
Circa 14.00 uur terug in stad. Info Rob Lindeboom 050 5425163.
Zondag 30
maart: wandelexcursie in het Noorderplantsoen met als thema Stinzeplanten.
Start 14.00 uur bij restaurant ‘Jantje zag eens pruimen hangen’. Info Geurt
Verweij 050 5416916
Zaterdag
26 april: fietsexcursie in polder Matssloot met als thema Weide-,
water- en moerasvogels. Vertrek per fiets om 9.00 uur bij
Stadsparkpaviljoen. Circa 14.00 uur terug in stad. Info Harrie Westerhuis 050
5260296.
Zondag 11
mei: wandelexcursie in Stadspark met als thema Vogelzang.
Vertrek om 4.00 uur bij ijscokraam op hoek Paterswoldseweg/Concourslaan. Circa
7.00 uur einde excursie. Info Harrie Westerhuis 050 5260296.
Zaterdag
24 mei: wandelexcursie in het Bargerveen met als thema Heide-,
water- en moerasvogels. Vertrek per auto om 16.00 uur van
Overwinningsplein. Circa 24.00 uur (i.v.m. beluisteren van nachtzwaluw) terug
in stad. Opgave/info Rob Lindeboom 050 5425163
Zondag 1
juni: wandelexcursie in de Appelbergen met als thema Planten
in de Appelbergen. Start 14.00 uur op de parkeerplaats Appelbergen (vanaf
Haren over het spoor links). Info Gertjan Huiskes 050 5733682
Zaterdag
6 september: wandelexcursie rondom het Friescheveen met als thema Bessen
en andere herfstvruchten. Start 14.00 uur op de parkeerplaats van café
Friescheveen aan de Meerweg. Info Geurt Verweij 050 5416916
Zondag 5
oktober: wandelexcursie in het Sterrebos met als thema Planten
in de herfst. Start 14.00 uur bij de ingang van het Sterrebos aan de zijde
van de Hereweg. Info Gertjan Huiskes 050 5733682
EXCURSIEPROGRAMMA
K.N.N.V. afdeling GRONINGEN
> Voor
zover niet anders staat vermeld,
beginnen alle excursies om 9.00 uur
vanaf het Overwinningsplein in Groningen. Opgave bij Brenda BoltX 050 5273227 mailto:
ba.bolt_at_wanadoo.nl of bij Willem StouthamerX 050
3143841, mailto: stouthamer.wj_at_inter.nl.net
> De excursiecommissie houdt
zich het recht voor om bij te weinig opgave van deelnemers de excursie te
annuleren. Leden die zich aangemeld hebben worden dan geďnformeerd.
Zondag 5 januari snertwandeling
De snertwandeling vindt plaats
in het gebied van de 50 Bunders in Noordlaren. We vertrekken voor een wandeling
om 10.00 uur bij de herberg Blankehoeve in Noordlaren. Iets na twaalven hopen
we aan te schuiven aan de snert. Leden die korter of niet mee willen lopen
kunnen ook direct naar de herberg gaan.
Route Blankehoeve: komende uit
de richting Assen of Groningen over de A28 afslag Glimmen nemen. Vlak voor
Glimmen rechtsaf. Na ongeveer 3 kilometer slingerweg ziet u dan Herberg de
Blankehoeve aan uw rechterhand (Beslotenveenseweg 2, tel. 050 406 27 65).
Parkeren kan achter de herberg.
I.v.m. de snertmaaltijd graag
aanmelding bij Willem Stouthamer of Brenda Bolt. De (lunch)kaart is te vinden
op het internet.
Dinsdag 28 januari lezing Ben Westerink over
Middag en
Humsterland
Om 19.30 uur gaan de deuren van
het Natuurmuseum open voor de lezing die om 20.00 uur begint. Het Middag
Humsterland is een van de oudste cultuurlandschappen van ons land, met een
verkaveling die gebaseerd is op het natuurlijk kwelderlandschap van 2000 jaar
geleden. De lage delen zijn belangrijk voor veel watervogels. Ben Westerink zal
vertellen over het ontstaan van dit landschap, de cultuur- en natuurwaarden en
de maatregelen die genomen zijn om het gebied te beschermen tegen verdere
landschappelijke aantasting.
Zondag 16 februari vogelexcursie Eemshaven
Wim Zolf leidt ons door het
Eemshavengebied waar afhankelijk van de weersomstandigheden 's winters altijd
veel vogels te zien zijn. Om 9.00 uur vertrek van de Bedumerweg en om 9.30 uur
vanaf de Borkum terminal in de Eemshaven. Terug: eerste deel van de middag,
evt. brood en drinken meenemen.
Graag opgave bij Wim Zolf: 0597 434834.
Zondagochtend 9 maart bomenexcursie De Braak
Het gebied van De Braak en
Vosbergen kent een grote verscheidenheid aan bomen. Kees Boele zal uitleggen
hoe de bomen te herkennen zijn in het vroege voorjaar. We beginnen in De Braak
en misschien doen we Vosbergen ook nog aan. Start om 9.30 uur bij de ingang van
De Braak.
Dinsdagavond 18 of 25 maart Ledenvergadering
Zoals U ziet het is nog niet
helemaal zeker, maar het zijn datums om reeds in uw agenda te reserveren! Een
uitnodiging volgt.
Zaterdag 19 april Stinzenflora Friesland
Hoewel de stinzenflora dicht bij
huis ook aanwezig is, gaan we met Willem Stouthamer een tocht maken naar het
mekka van deze planten Friesland. Martenastate te Cornjum, Martenahuys te
Franeker en Jongemastate te Raerd staan op het programma.
Vertrek 9.30 uur Overwinningsplein.
Graag opgave.
Zaterdag 17 mei, 13.30 uur
Zeer bijzondere excursie Witterveld
(gem. Assen) o.l.v. de heer Johan Wessel, beheerder. Doordat een deel
van het Witterveld gebruikt wordt als schietbaan is dit laatste stukje hoogveen
in Midden Drenthe letterlijk onzichtbaar geworden voor het publiek. Johan
Wessel, beheerder en amateur veldbioloog, is echter bereid gevonden ons mee te
nemen naar de verborgen rijkdom van dit prachtige reservaat.
Vertrek: Overwinningsplein.
Noodzakelijke opgave bij Kees Boele 050 5370110
Vrijdag 13 juni fietsexcursie Zuidlaardermeer
Om 18.30 uur vertrekken we vanaf
het Overwinningsplein voor een rondje Zuidlaardermeer waarbij we gebruik zullen
maken van het pontje. De avonden zijn lang half juni, zodat af en toe gestopt
kan worden voor het bekijken van een vogel of een plant.
Graag opgave.
Herhaalde oproep
De excursiecommissie is
voornemens een lang weekend te organiseren volgend jaar april naar het Müritz-Nationalpark
(zo’n dikke 100 kilometer ten noorden van Berlijn). De Müritz is bij vogelaars
inmiddels wel bekend vooral om zijn duizenden Kraanvogels op doortrek.
Alvorens (financiële)
verplichtingen aan te gaan willen we eerst de belangstelling peilen. Neem
contact op met Wim Zolf of Brenda Bolt.
WEB sites (vervolg) http://www
BOMEN
bronnen.nl Native trees
and shrubs
dendrologie.nl Nederlandse
Dendrologische Vereniging
bomenstichting.nl Bomenstichting
determinatie.tripod.com interactive determinatietabel
igin.com/Database/treelist.html
van alles over bossen dan wel bomen
bos.pagina.nl
pinetumanloo.nl
BOEKEN
ilimburg.nl/~wilmeijs natuurboeken
vermandel.com insecten
milieuboeken.nl
knnvuitgeverij.nl
ivn.nl
avifaunagroningen.nl
dutchbirding.nl
lauwersmeer.com
vleermuis.net
vzz.nl
Zoogdiervereniging
schiermonnikoog.nl
natuurmonumenten.nl
bbc.co.uk/nature

