Afdeling GRONINGEN

 
Tekstvak: De PADLOPER
Nummer 3 2002


De Padloper is een periodiek van de

 

 


       Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging

 

 

afdeling Groningen en verschijnt 4 x per jaar.

Jaargang 16, 2002  nummer 3

 

 

BESTUUR

 

Voorzitter:

Wim Zolf, Postbus 1006, 9670 EA Winschoten 0597 434834 mailto rjj@hetnet.nl

Secretaris:

Geert de Boer, Hieronymuslaan 42-1, 9351 GR Leek

0594 513392 mailto gee.boer@wxs.nl

Penningmeester:

Wiebe Postma, Larixlaan 12, 9301 NP Roden

050 5018122 mailto wiebe.postma@hetnet.nl

Natuurhistorisch secr. & excursiecommissie:

Brenda Bolt, Schaepmanlaan 5, 9722 NP Groningen

050 5273227 mailto BA.Bolt@wanadoo.nl

Algemeen bestuurs- & redactielid:

Willem Stouthamer, Zoutstraat 17-3, 9712 TB Groningen

 

 

WERKGROEPEN

 

Insekten: Geert de Boer 0594 513392

Planten:   Willem Stouthamer 050 3143841

Vogels:     Erik Hoitink 050 5347844 en Gerard Strabbing 050 5346476

 

 

PADLOPER

Redactie: Erna Kuiper, Willem Stouthamer

Copysluitingsdatum  volgende nummer:  15 december 2002.

alle copy liefst vastgelegd in Word kunt u sturen naar:

Redactie Padloper, Zoutstraat 17-3, 9712 TB Groningen

of mailto stouthamer.wj@inter.nl.net

 

Contributie: lid € 22,11;  huisgenootlid € 9,31; donateur € 7,-- per jaar.

Opzeggen vóór 1 december van het lopende jaar.

postgironummer  855.090  KNNV  afd. Groningen

tnv. Penningmeester KNNV, Larixlaan 12, 9301 NP Roden

 

 

het murmelen

van het bergstroompje

geen woord te veel

              Max Verhart


Inhoud

 

Nieuws van de vogelwerkgroep

4

Excursieverslagen

 

-          Nieuwjaarswandeling

9

-          Jubileumwandeling

10

-          Haselüne

13

-          Westerwolde

14

Boekbespreking

17

Middag-Humstertland

18

Excursieprogramma’s

 

-          IVN Haren-Groningen

21

-          KNNV afd. Groningen

22

 

 

 

Van de redactie

Van de zomer is er geen Padloper verschenen. Hiervoor in de plaats heeft u een brief ontvangen met het excursieprogramma. In de brief werd een oproep gedaan om versterking van de redactie van de Padloper. Helaas hebben we geen enkele reactie ontvangen naar aanleiding van deze oproep. De toekomst van de Padloper ziet er dus zeer zorgelijk uit! We vragen u toch nog eens na te gaan tijd en moeite te spenderen aan de Padloper.

 

 


 


NIEUWS VAN DE VOGELWERKGROEP

 

Op zaterdag 11 mei troffen een 9-tal leden van de Vogelwerkgroep elkaar weer op de parkeerplaats bij Gasteren. Voorlopig was dit de laatste excursie in het fraaie Drentse Aa-gebied; we hopen er in de laatste maanden van het jaar nog een paar keer terug te komen. Het was helaas bewolkt weer, waardoor de voorjaarszang van deze en gene soort wat minder uitbundig was. Maar we waren mee naar buiten gekomen, (helaas niet allemaal), en hoorden er toch de Wielewaal! Nog wel op drie plaatsen. In het bos liet hij zich door Guido’s perfecte imitatie dichterbij fluiten. Het was één van de vijftig vogelsoorten die wij die ochtend kijkend en luisterend konden waarnemen. Aandacht was er ook voor de reeds op verschillende (natte!) plekken ontloken Brede orchissen, zoals we tijdens de april-excursie ook naar andere voor dit gebied karakteristieke planten hadden gekeken: bloeiend Muskuskruid en Spreidbladig Goudveil.

Op die zaterdag kwamen we tot 41 soorten; het was toen vrij koud, winderig en zwaar bewolkt. We namen grote groepen Koperwieken en Kramsvogels waar, vonden vijf territoria van de Grote Lijster en hoorden twee Groene Spechten roepen. Al met al weer een prima geslaagde vogeltocht.

 

 

 


 

 

 


Aan de extra avondexcursie, die Guido Meeuwissen geörganiseerd had naar de door hem onderzochte Oosterpolder bij Haren, op 22 mei, werd naast de gids door slechts één andere vogelaar deelgenomen. Er waren wat afzeggingen en wellicht schrikte de aan het begin van de avond nogal uitbundige regen af. Maar dat het aantal deelnemers zo tegenviel is uitzonderlijk voor de Vogelwerkgroep! En de thuisblijvers hebben veel gemist.

Na een half uurtje werd het droog en kwam er zelfs wat zon. Er werden niet minder dan 54 soorten waargenomen, waaronder een achter Zwaluwen aanjagende Boomvalk, 22 Canadese Ganzen, een Kleine Plevier, viermaal een Roodborsttapuit en een Blauwborst: een mannetje met voer, door Guido voor ’t eerst in deze polder waargenomen.

 

Nog even het programma voor de komende maanden: In oktober nogmaals naar het Lauwersmeer, en de twee laatste maanden van het jaar terug naar de Drentse AA. Steeds om 9.00 uur vanaf de bekende startplaatsen (wie die niet mocht kennen wil wellicht één van de coördinatoren opbellen).

 

En wat betreft die coördinatoren: na een jaar of zeven de Vogelwerkgroep, samen met Erik Hoitink, ‘voorgezeten’ te hebben, wil Jan Nuiver weer terugkeren naar het ‘gewone’ lidmaatschap. Gelukkig geldt dat niet voor Erik, en óók gelukkig bleek Gerard Strabbing bereid te zijn het coördinatorschap m.i.v. 1 juli j.l. van Jan over te nemen.

 

De coördinatoren:

Erik Hoitink (050 5347844) en Gerard Strabbing (050 5346476).


 

 

 

 

 



VOGELWERKGROEP K.N.N.V. afdeling Groningen-Haren.

 

EEN DAGJE SCHIER

Zoals elk jaar hadden wij ons voorgenomen om weer eens een uitstapje naar Schiermonnikoog (Schier mag eigenlijk niet) te maken. Vorig jaar lieten de meeste het afweten, alleen Date en Giny hebben, ondanks het slechte weer, toen toch een excursie gemaakt naar het eiland (zie verslag Padloper).

Dit jaar was het weer, ondanks een miezerige start, veel beter. Wel een krachtige Noordelijke wind – slecht trekweer – en weinig zon.

Deelnemers: Date, Giny, Albert Jan, Geert Jan, Jannie, Fons, Gerard, Marten, Erik, Wim en Guido.

De fanatieke groep van drie – Date, Giny en Albert-Jan – was zelfs met de vroege en vrijwel  lege veerboot van half zeven vertrokken om alvast enige soorten vast te leggen. En dat bleek aardig gelukt. De rest kwam elkaar tegen op het zonnedek van de boot van half tien, die overigens afgeladen was met toeristen. Geen sprake van zon uiteraard, wel veel wind. Onderweg lagen er Zeehonden op de drooggevallen platen, verder zagen we veel Rosse grutto’s, Wulpen en voor het eerst deze herfst een groepje Rotganzen. Na het afmeren, werd na veel heen en weer gepraat besloten om toch maar te gaan lopen en niet te fietsen. En dat hebben we geweten! Daarover straks meer.

 

De ochtendmensen stonden ons al met de telescoop in de aanslag op te wachten bij het bankje aan het begin van de pier. Ook zij waren te voet. Met trots werd verteld dat de score al stond op 50 soorten. Wij, langslapers,  waren enigszins jaloers. Gelukkig, ze hadden nog geen dwaalgasten….Omdat alle dagjesmensen op de dijk links afsloegen besloten wij de menigte niet te volgen en ons geluk rechtsaf te beproeven, richting Herdershut en kwelder.

Al gauw zagen we tientallen Putters op de kwelderplanten, Tapuiten en veel Zwaluwen. De gehele dag vlogen grote groepen Spreeuwen richting zee, maar of ze bij die wind overstaken naar Engeland? In de duinen een jagende Boomvalk, de gevangen libellen werden in de lucht uit één klauw opgegeten. Heel ingewikkeld leek ons dat. Hij maakte prachtige duikvluchten naar de rondtrekkende Zwaluwen. Ook later kwamen jagende Boomvalken geregeld op onze weg.

Bij een hellend schelpenpad streken we neer in het gras en vermaakten ons met de zwoegende fietsers. ‘Ik trap me een ongeluk’, stamelde een taaie klimster. Op deze plek kwamen onze eerste Kruisbekken luid roepend voorbij stuiven. Guido had in de harde wind al eerder hun geroep opgevangen. Hij weer! Erik nam elke stop te baat om zich neer te vleien in een duinpan en verheerlijkt in de lucht te staren, maar lang duurde deze pret niet. Hij was trouwens aan de beurt voor een halfuurtje statiefzeulen. Geert Jan liep vooruit en ontdekte in een plasje geheimzinnige, kleine Fuutjes. Toch gewone Dodaarsjes, reeds in winterkleed.

We hadden wel wat meer trekkertjes in de bosjes verwacht, zoals Tuinfluiters, Grasmussen, vinkachtigen, maar helaas, kennelijk was het nog te vroeg in de nazomer.

Langzaam aan sjouwden we richting dorp, maar we raakten de weg kwijt. Het werd een gekruip over en onder eindeloos lang schrikdraad, soms liepen we vast in het moeras. De vondst van enkele zeldzame duinplantjes, deed ons het geploeter en gezweet vergeten.

Eenmaal in het dorp aangeland bleek de Lange Streek héél erg lang en waren de terrasjes héél uitnodigend. ‘Maar als je eenmaal gaat zitten….’, werd er gezegd. Dus eerst de Westerplas en dan tijd voor een koel drankje.

Een voorbijganger met oesters op de bagagedrager had ons eerder getipt voor een juveniele Grote Burgemeester en een viertal Kleine Zilverreigers. Date en Albert Jan schoven enthousiast de statieven uit en speurden een grote groep meeuwen (zilvers en kleine mantels) af om de Burgermeester te vinden, maar helaas niet aanwezig. Verder ging het over het dijkje langs de Westerplas. Jannie toverde onderweg een merkwaardig soort zitstok tevoorschijn, waarop ze kon uitblazen.

Langs de oevers een hoog soepgehalte onder de wilde eenden.

 

Plotseling stoof er een grote groep wilde eenden en smienten de lucht in, gevolgd door – jawel – de langverwachte Kleine Zilverreigers! Geen 4, geen 10, maar een vlucht van 21 ranke witte reigers. Zovéél had nou ook weer niet gehoeven, toch waren we allemaal in onze nopjes met dit schitterend schouwspel. Nog nooit hadden we in het Noorden zoveel Kleine zilverreigers bij elkaar gezien. Dagen later hoorden we van Otto Overdijk – de beheerder van Natuurmonumenten - dat we een bijna record hadden met deze 21 op het eiland, want het hoogste aantal staat op 23. De beide broedparen op de kwelder hadden dit jaar 5 jongen, dat maakt samen hooguit 9, dus een deel van de vogels komt van elders pleisteren op het eiland. Ze bleven lange tijd in de lucht, rondjes draaiend en stegen na een landing direct weer omhoog. Uiteindelijk streken ze neer in de lage boompjes in de plas. Door de telescoop vielen de zwarte poten met gele tenen op, een belangrijk kenmerk van deze reigertjes. Het prachtige plaatje met de hagelwitte reigers in de bomen deden sommigen met weemoed denken aan zuidelijke landen, als Spanje of Frankrijk. De Grote Burgemeester bleef de frustratiesoort van de dag, niet gevonden. Uiterst tevreden begonnen we aan de lange trip langs de waddendijk richting steiger.

Puf, puf. ‘Volgende keer gaan we fietsen’, werd er geroepen !

En dan is het nu tijd voor ons soortenlijstje (totaal 84) na ons Schieruitje.

 

Guido Meeuwissen e-mail:meeuwissenbuis@wanadoo.nl

soort

bijzonderheden

soort

bijzonderheden

Aalscholver

 

Kruisbek

9 in duinen oost dorp

Bergeend

 

Kuifeend

 

Blauwe Kiekendief

1 vrouw Westerplas

Meerkoet

 

Blauwe Reiger

meerdere; 1 vangt paling Banckspolder

Merel

 

Boerenzwaluw

100-en

Pijlstaart

1 wad

Bontbekplevier

 

Pimpelmees

 

Bonte Strandloper

 

Postduif

 

Bonte Vliegenvanger

1 vrouw dorp

Putter

100-en

Boomkruiper

roepend in dorp

Rietgors

 

Boompieper

 

Roodborst

 

Boomvalk

2-3, 1 adult vangt en eet  libellen in de lucht

Rosse Grutto

 

Brandgans

1 Banckspolder

Rotgans

9 wad

Bruine Kiekendief

1 juveniel

Scholekster

 

Buizerd

 

Slobeend

 

Carolina-eend

1 vrouw Banckspolder

Smient

10-tallen

Dodaars

 

Spreeuw

1000-en

Eider

 

Staartmees

groepen

Ekster

 

Steenloper

140 havenhoofd L’oog

Fazant

 

Stormmeeuw

 

Fitis

 

Tafeleend

 

Fuut

 

Tapuit

 

Gele Kwikstaart

 

Tjiftjaf

2 dorp 1 zingend

Goudplevier

vele 10-tallen Banckspolder en wad

Topper

1 vrouw wad veerdam

Graspieper

 

Torenvalk

 

Grauwe Gans

1 Banckspolder

Tureluur

 

Groenling

 

Turkse Tortel

 

Groenpootruiter

 

Veldleeuwerik

 

Grote Canadese Gans

1 Banckspolder

Vink

 

Grote Mantelmeeuw

 

Visdief

Steiger S’oog

Holenduif

 

Waterhoen

 

Houtduif

 

Waterral

1 roepend Westerplas

Huiszwaluw

100-en

Watersnip

 

Kauw

 

Wilde Eend

 

Kemphaan

6 Banckspolder

Winterkoning

 

Kievit

 

Wintertaling

 

Kleine Mantelmeeuw

 

Witgatje

 

Kleine Zilverreiger

21 Westerplas

Witte Kwikstaart

 

Kneu

75

Wulp

 

Knobbelzwaan

2

Zilvermeeuw

 

Kokmeeuw

 

Zilverplevier

 

Koolmees

 

Zwarte Kraai

 

Krakeend

paartje bij Westerplas

Zwarte Ruiter

 


EXCURSIEVERSLAGEN

 

Nieuwjaarswandeling


De snertwandeling van de KNNV werd dit jaar georganiseerd op 13 januari in de buurt van Schipborg. Er waren vele oude en nieuwe bekenden die elkaar begroetten en een gelukkig nieuwjaar wensten op de parkeerplaats bij café De Drentsche AA. De uiteindelijk 18 deelnemers met een gemiddelde leeftijd van 60 jaar! begaven zich op weg door het prachtige landschap langs de Drentse Aa. De restanten van de ijstijd zijn hier duidelijk zichtbaar. Zandige heuvels deels begroeid met bos, deels zandverstuiving, het Schipborgsche diep en dan het prachtige uitzicht op de molen van Oudemolen. Er waren meer mensen, die door het prachtige winterweer gelokt waren, vele joggers, wandelaars en mountainbikers kruisten geregeld ons pad. Het zonnige weer, de sneeuwresten die nog her en der lagen en de grond, die nog enigszins bevroren was maakte het lopen soms wat moeilijk. Het viel niet mee de groep bij elkaar te houden.

 


Tekstvak: Ringmus

We vonden een egel, die veel te vroeg uit zijn winterslaapplaats gekropen was en dus door ons in een konijnenhol gestopt werd. Dubbelloof was goed te herkennen, de Glanskop (mees), Veldleeuwerik, Boomklever, Koolmees, Pimpelmees, Ringmus en Vink werden gezien en gehoord.

Kramsvogels, een Buizerd, Nijlganzen en Aalscholvers kregen we in de kijker en Wim Zolf zag nog een Sperwer.

Aan het einde van de tocht in het café wachtte Mien Doeksen ons al op Ze had nog twee Reeën gezien. De erwtensoep, zowel vegetarisch als goed gevuld met vlees, en pannenkoeken waren van een goede kwaliteit en lieten we ons goed smaken.

 

Gerbrig Rietema-Siebenga

Jubileumwandeling, 28 april 2002

Op 28 april herhaalden we de allereerste excursie die de KNNV, toen nog NNV afdeling Groningen maakte na de oprichting in 1901. Het was dus 101 jaar geleden, want het vorige jaar moest de excursie afgelast worden, omdat het gebied afgesloten was wegens de MKZ crisis. Op de excursie heerste geen zegen, de regenjas of paraplu moest veelvuldig gebruikt worden. Er waren dus maar weinig mensen, (11) die om half een zich verzamelden in de uitspanning ‘Sas(s) en Hein’ en aan de aangeboden koffie gingen.

 

Hierbij ontvingen we een prachtig overzicht van oude en nieuwe kaarten van het gebied en cultuurelementen, die in het wandelgebied staan of gestaan hebben. Hulde voor deze handleiding aan Willem Stouthamer, Henk Koopman en Gert Reinink, die dit bij elkaar gebracht hebben.

 

 

Na een half uurtje gingen we op pad. Een tocht van 6,5 km met een zeer afwisselend landschap. Bos, weide, de wegkant en over een dijkje langs de sloot met het gezicht en niet te vergeten het geluid van de snelweg.

Wat hebben we op onze weg gevonden en gezien: Vele zegge soorten, o.a. Zwarte-, Blauwe-, Pluim-, Elzen-, Snavel-, Stijve-, Scherpe-, Oever-, Ruige- en Tweerijige- en misschien de Noordse zegge. In en langs het water: Holpijp, Waterviolier, Dotterbloem, Slangewortel, Kalmoes, Moeraswalstro en in het bos Klaverzuring, Salomonszegel, Kamperfoelie, Grote muur, Gewone – ,Veld – en Klimopereprijs, Winterpostelein, Veldbies, Klein tasjeskruid, Vogelmelk, Hop, Glad walstro, Vroegeling, Zandraket, Gewoon barbarakruid, Bosveldkers, Dagkoekoeksbloem, Reukgras, Vossenstaart.

 

De vogels die onze aandacht trokken waren: Een Fuut op het nest, Wilde eend, Slobeend, Visdiefje, baltsende Roeken, Zwarte kraai, Blauwe reiger, Nijlgans, Scholeksters, Heggenmus, Roodborst, Koolmees, Merel, Houtduif en (Vlaamse) gaai.

Nat maar voldaan kwamen we na ruim twee uren terug bij Sassenhein, waar we nogmaals nu voor eigen rekening een consumptie nuttigden en huiswaarts gingen. De thuisblijvers hebben ongelijk gehad. Hoe het er in 1901 uitgezien heeft tussen Haren en Glimmen kunnen we ons verbeelden via oude kaarten, er is heel veel veranderd, natuur verdwenen en cultuur ontstaan, maar gelukkig is er nog veel te zien en te beleven, vlak bij de stad Groningen.

 

Gerbrig Rietema-Siebenga

 

 

 

Drentsche Aa Wandelroute (samenstelling Henk Koopman)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Start bij Sassenhein (ten z.w. van Haren)

 

    6,5 kilometer

Lutsborgsweg volgen

Bij ANWB paddestoel richting Harenermolen

Steeds Harenermolen volgen

Op Rijksstraatweg (voorrangsweg) rechts

Na ‘tolhuis’ rechts het Quintus bos in

Op asfaltweg rechts

Bij ANWB paddestoel richting Eelde

Voor de brug over de Drentsche Aa rechts (het dijkje over)

Einde dijk rechts (fietspad)

Na Sassenhein rechts, einde route.

    11 kilometer

Lutsborgsweg volgen

Bij ANWB paddestoel richting. Harenermolen

Steeds Harenermolen volgen

Op Rijksstraatweg (voorrangsweg) rechts

Na ‘tolhuis’ rechts het Quintus bos in

Op asfaltweg links

Voor bord Glimmen rechts het zandpad op

Op de Rijksstraatweg rechts

Voor viaduct rechts

Over de brug van de Drentsche Aa links het dijkje op

Einde dijk rechts (fietspad)

Na Sassenhein rechts, einde route.

Haselüne, Wacholder Hain 21 juli 2002, olv. Roel Douwes (deeln. 9)

Zeer oude gemeenschappelijk gebruikte Kuhweide. Open landschap van rivierduinen en poelen langs de rivier de Hase. De onweersbuien rondom gaven ons een onwerkelijk gevoel van exclusiviteit door heerlijk in de zon te botaniseren. Tot besluit van dit bezoek genoten we onder de parasol van Kaffee und Kuchen op een terras in Haselüne. Terug naar de auto’s werden we  toch nog tot spoed gemaand door een plensbui.

 

Een greep uit de botanische vondsten zijn: op de rivierduinen Liggend- en Geel walstro, Kleine leeuwentand (Trinsia), Borstelgras, Kruipend stalkruid, Overblijvende hardbloem, Blauwe knoop en het stralende Klein tasjeskruid en in het moeras en water troffen we Ondergedoken moerasscherm, Draadrus, Oeverkruid, Drijvende waterweegbree, Watertorkruid, Pijptorkruid, Kleine egelskop en Schildereprijs aan.

 

Op aanwijzing van Jennie gaan we op zoek naar beversporen in een NSG (oude afgesloten arm van de Hase) bij Gross Dörgen. We vinden uiteindelijk langs het water enkele doorgeknaagde bomen met duidelijke knaagsporen van twee boventanden.


In dit gebied groeien Tweestijlige meidoorn, Wilde kardinaalsmuts, Wegedoorn, Groot warkruid, Tandjesgras, Kleine bevernel, Bosbies en Poelruit.

 


Westerwolde, 4 augustus 2002 -olv. Roel Douwes-aantal deelnemers 9

 

Eerst neemt Roel ons mee voor een wandeling door een gebied bij Wollinghuizen. We zetten de auto’s aan de kant van de weg en lopen via het rood/witte teken van een Lange Afstands Wandeling direct het natuurgebied binnen. Vanaf de hoog gelegen Ronde Akker hebben we een goed overzicht van een deel van het stroomgebied van de Ruiten AA. In 1993 zijn enkele oude meanders van de rivier Ruiten AA hersteld. De gekanaliseerde stukken zijn met dammen afgesloten; dit ingesloten water verlandt nu. Het was een van de eerste natuurherstelprojecten. Toen durfde men het nog niet aan de Ruiten AA te versmallen opdat een hogere stroomsnelheid ontstaat, welke het meanderen bevordert. Er zijn plannen om het riviertje de Runde, welke vanuit Emmer-compascuum loopt, op de Ruiten AA aan te sluiten zodat er meer water doorstroomt. We dalen af naar de oever en vrijwel meteen vinden we Moeraswederik, Draadrus en een nog (of weer?) bloeiende Dotterbloem. Op hoger gelegen grond groeit Vogelpootje, Dwergviltkruid, Zandblauwtje en plakken Zandhaarmos. Er zijn diverse soorten sprinkhanen, waarvan alleen de grote Zadelsprinkhaan op naam is gebracht. De eerste paddenstoelen dienen zich aan: Zwartworden wasplaat, een Vezelkop en een heel kleine Inktzwam. Hoewel het niet vooraf de bedoeling is geweest van de excursie kreeg deze toch een extra etiket van vlinderexcursie. De soorten en de aantallen waren enorm. Voor de lunch zien we Iacarus blauwtje, Bruin- en Oranje zandoogje, Hooibeestje, Dagpauwoog, Klein geaderd witje en Dikkopjes met zwarte of gele sprieten? Onderweg wordt door de natuur, voor wie dat wil, getracteerd op heerlijke rijpe bramen. Na een moeilijk te passeren afrastering gaan we kruipdoor/sluipdoor een oud bos met enkele fraaie pollen Bosgierstgras en komen we op een open veld; een soort schiereiland. Bovenop een stijlwandje van de rivier is dit een ideale plek voor een lunch.

Met enige zorgvuldigheid gaan we op de grond zitten opzij van een soort maanlandschap. Kleine bergjes zand van ongeveer 5 cm hoog verraden de nestkolonie van Zandbijen (genus Andrena). Bovenin zo’n zandhoopje, iets zijdelings verschoven, zit een nestopenig. De gang gaat tenminste 25, soms vaak meer dan 50 cm loodrecht naar beneden en vertakt onderin meerdere zijgangen met op het eind de ronde verbredingen van de afzonderlijke broedcellen. Elk vrouwtje verzorgt echter alleen haar eigen nest. Zij verzamelt stuifmeel aan de achterpoten en nectar in de krop. De Zandbij vormt uit de binnengedragen pollen een broodje, legt daarin een ei en sluit de broedcel af met zand.

 

Dirk Blok attendeert ons op een Appelvink en naast ons staat Knoopkruid. Via een stuw steken we de rivier over lopen langs de oever van de Ruiten AA en een uitgestrekte akker Phacilia terug. In een poel groeit Drijvend fonteinkruid, Kikkerbeet, Kattenstaart, bloeiend Pijlkruid en een volgende poel staat vol met Krabbenscheer. Na de Phacelia-akker volgt een veld met wit bloeiende Radijs. Zeer vele vlinders doen zich te goed. De volgende soorten  kunnen aan de waarnemingen worden toegevoegd: Koevinkje, Landkaartje, Citroentje, Klein koolwitje, Distelvlinder, Atalanta en Argusvlinder. Boven de akker jacht een vrouwtje Bruine kiekendief en in het radijsveld huist een familie Grasmussen. Dirk zag en hoorde een Ijsvogel. Tenslotte laat Roel ons een grote plek Moeraswolfklauw zien. Terug bij de auto’s fladdert er toch nog de Weidebeekjuffer, waar we zo naar uitgekeken hebben, over een brede sloot.

Daarna gaan we naar Eemboerveld bij Smeerling. Het bekende Metbroekbosch is een oud loofbos. De akkers van het naast gelegen Eemboerveld zijn 1991 vergraven, zodat het relief hersteld kon worden, welke zo’n 100 jaar geleden aanwezig was. Een nat en golvend heideterrein met plassen tot op het leem in de lagere delen is het resultaat.

 

Bij de plassen vinden we Hazen -, Blaas -, Blauwe – en Geelgroene zegge, Kleine zonnedauw, Schildereprijs, Borstelbies en wederom Moeraswolfsklauw. Bij het ronden van het laatste plasje stuiten we op een andere stijvere wolfsklauw: de Dennenwolfsklauw (Rode lijst 1). Er staan twee exemplaren, waarvan een met broedknoppen tussen de blaadjes. In een eerdere uitgave van de Heukels’ nog Plompe wolfsklauw geheten, welke naam volgens Jennie Hendriks meer van toepassing is (zie ook de beschrijving in de Oecologisch Flora). Naar latere informatie van Anneke Nieuwenhuys, Floron coördinator van west Groningen is de vondst de derde in dit district!! Eerder dit jaar is er ook één gevonden, nota bene door een collega van Dirk Blok, in Stadskanaal.

 

 

De terugweg voert door het Metbroekbosch met imposante Beuken en Eiken. De ondergroei bestaat uit Ruige veldbies, Salemonszegel, Grote muur, Lelietje-van-dalen, Hulst, Klimop, Bosgierstgras, Witte klaverzuring en nog een enkele herkenbare Bosanemoon.

De zonnige, gevarieerde en zeer succesvolle excursie sluiten we af in de boomgaard van het theehuis in Smeerling. Bijna niemand heeft enige haast om deze sfeerrijke excursie te beëindigen. Bedankt Roel.

 

Willem Stouthamer

 

Literatuur:   Gids van Bijen, Wespen en Mieren van Heiko Bellmann, Uitgave Tirion, ISBN 90 5210 2937

Nederlandse oecologische Flora deel 1, E.J. Weeda  



Boekbespreking

 


Met enige regelmaat verschijnen er via de KNNV uitgeverij boeken, waar zowel de beginner als de gevorderde natuurliefhebber zijn voordeel mee kan doen.

 

Een voorbeeld is het onlangs uitgekomen boek ‘Vlinders in de tuin’.

Een uitgave in samenwerking met de Vlinderstichting en het IVN.

In dit boek wordt niet alleen de bezitter van een tuin, doch ook zij die alleen maar bloembakken aan het balkon of muur hangen, gewezen op planten die insecten aantrekken. Het gaat niet uitsluitend om vlinders maar ook om libellen en zweefvliegen. In dit boek worden voorbeelden gegeven van beplantingen die insecten aantrekken. Er wordt ook aandacht besteed aan zij die een vijver hebben of willen aanleggen. Het is een prettig leesbaar boek dat zijn prijs ten volle waard is.

VLINDERS IN DE TUIN door Inge van Halder et all Prijs 14,95


 


Naast het hierboven beschreven boek is ook verschenen ‘Vlinders en libellen (Practisch Natuurbeheer)’. In dit boek vormen vlinders en libellen de rode draad. De eisen die deze insecten stellen aan hun leefomgeving kunnen goed gebruikt worden als uitgangspunt voor het milieuvriendelijk inrichten en beheren van groene ruimtes. Met de concrete tips in dit boek kunnen mensen daadwerkelijk iets betekenen voor de ‘natuurlijke bewoners’ van kleine stukken groen.

Dit boek is buitengewoon geschikt voor groepen die zich bezighouden met natuurontwikkelingsprojecten en sluit goed aan bij het eerder verschenen boek ‘Organiseer je eigen natuur’ – wegwijzer voor natuurprojecten -.

VLINDERS EN LIBELLEN – PRACTISCH NATUURBEHEER door Dick Groenendijk en Titia Wolterbeek. Prijs 21,95

 

Beide boeken zijn verkrijgbaar in het Natuurmuseum.

Middag-Humsterland

 

Dinsdag 28 januari 2003 wordt door Ben Westerink een lezing gehouden over Middag Humsterland, het oudste intacte cultuurlandschap van ons land, in het Natuurmuseum in Groningen (zie excursieprogramma).

 

Om u al wat op te warmen voor de lezing volgt hier een copy van een artikel over de ontstaansgeschiedenis van het gebied (site RUG, auteur onbekend), gevolgd door een kort stukje over het convenant dat is afgesloten ten aanzien van het behoud van de waarden van dit gebied.

 

Ontstaansgeschiedenis

De bewoning in het noorden van ons land was in de prehistorie hoofdzakelijk geconcentreerd op de Drentse zandgronden. Rond 700 v.Chr. gingen deze gronden door een te intensief gebruik verstuiven. Dit had tot gevolg dat een deel van de bewoners naar de noordelijker gelegen vruchtbare kwelders van onder meer Middag-Humsterland trok. De mensen vestigden zich op de oost-west lopende kwelderrug ten zuiden van het huidige Reitdiep en op de oeverwallen van de rivieren en kreken in dat gebied. Aanvankelijk waren de nederzettingen op het maaiveld gelegen (vlaknederzettingen). Door de gestaag stijgende zeespiegel wierpen de bewoners na verloop van tijd kunstmatige verhogingen op: huiswierden. Vaak lagen de huiswierden in groepjes van twee, drie of soms vier bij elkaar. Door ophoging groeiden deze wierden op den duur aaneen tot zogenaamde dorpswierden die in hun geheel soms nog een of enkele malen werden opgehoogd.

 

Vanaf 800 n.Chr. won de zee aan kracht wat grote veranderingen in het landschap tot gevolg had. Een zeearm, de Oude Tocht, deelde het gebied in tweeën. Het deel ten westen van de Oude Tocht kreeg de naam Humsterland en het deel ten oosten hiervan Middag. Door verdere inslagen van de zee werd Humsterland een eiland en Middag een schiereiland.

 

De aanleg van de dijken in de elfde en twaalfde eeuw rond Middag en Humsterland maakte een einde aan de inbraken van de zee. Vanaf die tijd stopte ook de ontwikkeling van de wierden. Veel mensen trokken weg van hun wierde en vestigden zich elders in het gebied. Vooral langs de dijken rondom Middag-Humsterland ontstonden boerderijplaatsen. Vaak ook werd een boerderij aan de voet van de wierde gebouwd en verving daarmee de boerderij op de wierde. Veel kleine dorpswierden werden in de loop van de volgende eeuwen verlaten. De handels- en ambachtslieden concentreerden zich op de grote dorpswierden waar ook vaak een kerk werd gebouwd. Veelal bleven grote delen van deze wierden onbebouwd. Daar werden de moestuinen aangelegd of ze werden ingericht als weiland. Rondom de wierde lag de valge (bouwland), met aansluitend grasland.

Na de aanleg van de dijken bleven de wierden, al dan niet bewoond, ongeschonden in het landschap liggen. Omstreeks 1840 ontstond er vanuit de veen- en zandgebieden een grote vraag naar de vruchtbare wierdegronden.

Vanaf die tijd tot 1950 zijn veel wierden geheel of ten dele afgegraven. Zo werd het onbebouwde deel van de Ezinger wierde tussen de twee wereldoorlogen afgegraven. Prof. dr. A.E. van Giffen maakte van deze gelegenheid gebruik wetenschappelijk onderzoek te verrichten. Op grond van dit onderzoek kon de bewoningsgeschiedenis van het terpen-/wierdengebied in het algemeen en van Ezinge in het bijzonder worden vastgesteld. De tijdens het onderzoek ontwikkelde methoden en technieken hebben sterk bijgedragen aan het terpen-/wierdenonderzoek in Nederland en Duitsland. Het huidige landschap van Middag-Humsterland vormt dan ook de weerslag van vele eeuwen cultuurinvloeden, gebaseerd op de oorspronkelijke natuurlijke ontwikkeling. Wierden en dijken geven reliëf aan het van origine vlakke land. Meanderende waterlopen, die nog steeds in het landschap herkenbaar zijn, hebben geleid tot de onregelmatige blokverkaveling van dit gebied. Het reliëf, gepaard met de natuurlijke loop van de waterwegen maakt Middag-Humsterland tot een verrassend en geheel eigen gebied.

Met het oog op de voorbereiding van de Unesco-nominatie van Middag-Humsterland voor de werelderfgoedlijst en mede in het licht van 's rijks beschermingsbeleid, onder meer gericht op Wetlands, is de ROB voornemens, aanvullend op de acht reeds beschermde archeologische monumenten in dat gebied, zestien wierden voor te dragen voor bescherming in gevolge de Monumentenwet 1988. Van deze zestien wierden liggen er negen in de gemeente Winsum en zeven in de gemeente Zuidhorn.

 

Convenant

Het gebied werd bedreigd door grootschalige ingrepen in de verkaveling, die gebaseerd is op het natuurlijke kwelderland van ruim 2000 jaar geleden. De laatste 50 jaar zijn er ca. 50 sloten gedempt, waarvan vele de laatste 20 jaar. Niet alleen werden de sloten gedempt maar werd ook het natuurlijk reliëf geëgaliseerd. In het gebied verdween de laatste 50 jaar een 45 kilometer aan kerkpaden.

Ondertussen is een convenant afgesloten door de provincie Groningen , de NLTO, de gemeenten Winsum en Zuidhorn, het ministerie van LNV, de Dienst Landelijk Gebied, het waterschap Noorderzijlvest, de Milieufederatie Groningen. De verkaveling wordt nu beter beschermd, binnen de bestaande verkaveling krijgt de landbouw vrij baan. Oude kerkpaden worden en zijn hersteld in de zin dat fietspaden worden aangelegd. Ben Westerink was als bestuurslid van de Milieufederatie nauw betrokken bij de totstandkoming van dit convenant en zal ongetwijfeld in de lezing ingaan op de bedreigingen van het gebied en de maatregelen die nu genomen zijn om de schade te beperken.

 

Over het inrichtingsplan Middag-Humsterland en het convenant, is een brochure uitgebracht door de provincie Groningen: 'Inrichtingsplan Middag-Humsterland’, samen wonen en werken in een  eeuwenoud cultuurlandschap'. Bestellen (gratis): Provincie Groningen, dienst Ruimte en Milieu, tel. 050 3164941 (Fenneke van der Schuur).


 

 


IVN Groningen/Haren                            


Programma najaar 2002/winter 2003

 


Cursussen:

·          Wilde plantencursus: in voorjaar van 2003 wordt weer een wilde plantencursus gehouden, hetgeen een ideale cursus is voor mensen die hun plantenkennis willen verbreden dan wel opbouwen. Data nog niet bekend. Vijf theorie-avonden en vijf excursies. Opgave al mogelijk bij Ernst Flentge (050-5349131).

·          Vogelcursus voor beginners: in voorjaar 2003 wordt weer een vogelcursus voor beginners gehouden. Data nog niet bekend. Vijf theorie-avonden en vijf excursies. Opgave al mogelijk bij Rob Lindeboom (050-5425163).

·          Vogelcursus voor gevorderden: in najaar 2003 start een vogelcursus voor gevorderden. De cursus duurt circa een jaar en bestaat uit circa tien theorie-avonden en tien bijbehorende excursies.

 

Excursies:

·          Zaterdag 2 november: vogelfietsexcursie in Recreatiegebied Kardinge. Start: 9.00 uur bij parkeerplaats van klimhal Bjoeks.

·          Zondag 12 januari: wandelexcursie o.l.v. Ernst Flentge in het Glimmerbos met als thema Planten en bomen in de winter. Start 14.00 uur parkeerplaats Rijksstraatweg tegenover Steenhuis pianohandel in Glimmen.

·          Zaterdag 25 januari verzorgt Vogelwerkgroep Zuidwest een vogelexcursie rond de Hoornse Plas, onder leiding van Harry Westerhuis. Met de telescoop kunnen we op de plas wintergasten als o.a. de smient en de grote zaagbek bewonderen. Deelname gratis. Verzamelen om 11 uur voor het café naast de Albert Heijn (Hoornse Meer). We zijn tegen ½ 2 weer terug.

Inlichtingen tel. 050 526 02 96.

·          Zondag 9 februari: vogelwandelexcursie in de Braak. Vertrek per fiets om 9.30 uur op Overwinningsplein en lopend vanaf 10.00 uur bij ingang de Braak. Circa 14.00 uur terug in stad. Informatie bij Rob Lindeboom (050-5425163).

 

Lezingen:

·          Donderdag 7 november: lezing door Johan de Jong in het Natuurmuseum over “De uilen in Nederland” met het accent op kerk- en steenuil. Start: 20.30 uur na Algemene ledenvergadering van IVN Groningen/Haren. De lezing is gratis en voor iedereen toegankelijk. Einde lezing circa 22.00 uur.

 


EXCURSIEPROGRAMMA K.N.N.V. afdeling GRONINGEN

> Voor zover niet anders staat vermeld, beginnen alle excursies om 9.00 uur vanaf het Overwinningsplein in Groningen. Opgave bij Brenda BoltX 050-5273227 mailto ba.bolt@wanadoo.nl of bij Willem StouthamerX 050-3143841, mailto stouthamer.wj@inter.nl.net.

> De excursiecommissie houdt zich het recht voor om bij te weinig opgave van deelnemers de excursie te annuleren. Leden die zich aangemeld hebben worden dan geïnformeerd.

 

Zondag 3 november 2002 Ganzenexcursie

Om 9.00 uur vertrekken we vanaf het Overwinningsplein om ganzen te gaan bekijken. Waar hangt af van de weers- en vogelberichten, het zou Zuidwest Friesland kunnen zijn, maar misschien wordt het ook wel de noordelijke waddenkust. Naast Kol-, Brand-, Riet- en Rot-ganzen hopen we ook de Kleine rietgans te zien.

Voor deze hele dag excursie bestaat geen alternatieve opstapplaats. Opgave is gewenst, ook i.v.m. de bezetting van de auto's bij Willem Stouthamer of bij de excursieleider Wim Zolf (0597-434834). Brood en drinken meenemen.

 

Zondag 5 januari 2003 Snertwandeling

De snertwandeling vindt plaats in het gebied van de 50 Bunders in Noordlaren. We vertrekken voor een wandeling om 10.00 uur bij de herberg Blankehoeve in Noordlaren. Iets na twaalven hopen we aan te schuiven aan de snert. Leden die korter of niet mee willen lopen kunnen ook direct naar de herberg gaan.

Route Blankehoeve: Komende uit de richting Assen of Groningen over de A28 afslag Glimmen nemen. Vlak voor Glimmen rechtsaf. Na ongeveer 3 kilometer slingerweg ziet u dan Herberg de Blankehoeve aan uw rechterhand. (Beslotenveenseweg 2, tel.: 050-4062765). Parkeren kan achter de herberg.

I.v.m. de snertmaaltijd graag aanmelding bij Willem Stouthamer of bij Brenda Bolt. De (lunch)kaart is te vinden op het internet.

 

Dinsdag 28 januari 2003 lezing Ben Westerink

Middag Humsterland

Om 19.30 uur gaan de deuren van het Natuurmuseum open voor de lezing die om 20.00 uur begint. Het Middag Humsterland is een van de oudste cultuurlandschappen van ons land, met een verkaveling die gebaseerd is op het natuurlijk kwelderlandschap van 2000 jaar geleden. De lage delen zijn belangrijk voor veel watervogels. Ben Westerink zal vertellen over het ontstaan van dit landschap, de cultuur- en natuurwaarden en de maatregelen die genomen zijn om het gebied te beschermen tegen verdere landschappelijke aantasting.

 

OPROEP

De excursiecommissie is voornemens een lang weekend te organiseren volgend jaar april naar het Müritz-Nationalpark (zo’n dikke 100 kilometer ten noorden van Berlijn). De Müritz is bij vogelaars inmiddels wel bekend vooral om zijn duizenden Kraanvogels op doortrek. Alvorens (financiële) verplichtingen aan te gaan willen we eerst de belangstelling peilen.

Gelieve contact op te nemen met Wim Zolf of Brenda Bolt.

 

 

WEB sites:

www.fffnatuur.nl

www.vogelbescherming.nl

www.naturalis.nl

www.bos.nl/vlinderstichting

www.sovon.nl

www.dasenboom.nl

www.landschapsbeheer.nl

www.pz.nl/bomen

www.noorderbreedte.nl

www.waddenzee.pagina.nl

www.drentslandschap.nl

www.home.zonnet.nl/bert-blok